sep 212018
 

Tradities zijn mooi, maar ze kosten soms wat werk en zelfbeheersing. Zo is het de traditie dat het zo lang mogelijk geheim blijft wát we gaan doen met het afdelingsuitstapje. Ik was dit jaar een van de twee organisatoren en toen ik begin dit jaar op de Modelrakketten website zag dat ze ook workshops deden was het al heel snel duidelijk: we zouden modelraketten gaan bouwen en lanceren.

Maar…als je afdeling voornamelijk uit onderzoekers bestaat, dan is het niet handig om alvast online uitgebreid te gaan schrijven over de nieuwe hobby van je zoon. Want dan blijft de activiteit niet echt lang geheim. Dus geen bericht online over de bouw- en informatiedag in maart, geen foto’s online van de raket die Niek gebouwd had (zie hieronder).

Ook (nog) géén bericht over de lanceerdag waar we in augustus bij waren. Het filmpje dat ik toen maakte werd gedeeld op het DRRA forum maar stond als verborgen op YouTube. Foto’s van de dag werden in beperkte kring gedeeld. Zelfs de foto’s van de raket die ik zelf bouwde (van lanceren is het afgelopen week niet gekomen) bleven op mijn telefoon staan.

Maar het heeft gewerkt. Niemand van de collega’s wist wat we gingen doen totdat ze in Zutphen aankwamen en door Klaas-Jan, Jeroen en Gertie welkom geheten werden.

Na een korte introductie door Klaas-Jan gingen we in teams van 3 mensen aan de slag met het bouwen van zo’n zelfde Patriot raket als dat Niek gebouwd had. Alleen hadden wij maar een paar uur, dus moesten we wat keuzes maken. De vinnen en het motorhuis lijmen, dat was een heel belangrijke. Daar zou immers de nodige kracht op komen te staan. Verven zoals Niek gedaan heeft, dat ging niet. Maar er was voldoende papier, stiften en ander materiaal waarmee we ze konden versieren.

En dit was het resultaat:

Acht raketten die door heren beoordeeld werden en besproken werden. En dus ook acht raketten die we daarna in Laren vanaf het veld van een van de DRRA-leden konden lanceren.

Net als bij de lanceerdag hebben we weer video-opnames gemaakt van de lanceringen. Ook nu weer met 240 beelden per seconde zodat je ruim voldoende beeldjes hebt om de lancering ook flink te vertragen.

De reacties achteraf waren super positief. Niemand had dit ooit eerder gedaan, iedereen was vaardig genoeg om in een groepjes dit voor elkaar te krijgen. Zeker met de deskundige hulp de beschikbaar was. Het was ook een mooi inkijkje in een wereld / hobby / activiteit waarvan de meeste collega’s net zo weinig wisten als dat ik een jaar geleden wist.
Het weer was prachtig (ok, daar heeft de organisatie absoluut geen invloed op), kortom een absolute aanrader!
Het enige onhandige was er in de omgeving Nijmegen dus geen enkele locatie te vinden was waar mensen het aandurfden om ons daar te laten lanceren. Het blijkt toch dat als mensen niet weten wat het is, ze er een beetje huiverig voor zijn. Terwijl het absoluut ongevaarlijk is.

Ik zal in een andere blogpost nog wat uitgebreider stil staan bij de trofee die ik gemaakt had voor het winnende team. Daar heb ik meer woorden voor nodig.
En nu maar hopen dat het het weekend van 13 oktober mooi, rustig, windstil weer wordt. Dan is de laatste lanceerdag van dit seizoen en dan hopen Niek en ik er allebei weer bij te zijn. Met twee raketten én ook een setje zwaardere motoren dan de vorig keer. Kom je ook? 🙂

Deel dit bericht:
aug 282018
 

Vooraf: deze post is pas op 21 september 2018 openbaar gezet, lees dit bericht om te ontdekken waarom.

Dit verhaal begon eigenlijk al in september 2017. Toen maakten mijn twee tieners een nieuwe lijst voor Astrid Poot: Lekker Samen Klooien 12+ (deel 1 en deel 2). Een van de onderwerpen op die lijst was “Een vaste brandstof modelraket”. Die hadden ze gezien op de Eindhoven Maker Faire waar dat jaar de DRRA aanwezig was.

Voor zijn verjaardag in december vroeg Niek, mijn jongste zoon, geld om zelf een raket te kunnen kopen en bouwen. In maart 2018 was in Zutphen de jaarlijkse bouw- en informatiedag, daar zijn we met z’n drieën naar toe geweest en daar hebben we kennis gemaakt met een aantal leden van de vereniging en met Klaas-Jan, voorzitter van de Dutch Rocket Research Association zoals de DRRA voluit heet én eigenaar van modelraketten.nl. Hij legde Niek graag uit wat hij wilde weten en uiteindelijk besloot hij daar een startpakket te kopen met een U.S. Army Patriot M-104 raket.

Niek ging aan het bouwen. Dat ging niet altijd probleemloos. Hij schuurde een van de vinnen te hard (balsahout is heel zacht) maar regelde toen zelf dat op de lasersnijder op school uit een stukje balsahout dat hij via mij had laten bestellen weer een nieuwe set vinnen gesneden werd. Hij had geen haast, sowieso is dat niet handig bij het bouwen van een raket, je moet regelmatig wachten op drogende lijm, drogende verf, kortom, op je gemak is beter.

Lees verder….

Deel dit bericht:
aug 272018
 

Iedereen kent de filmpjes wel van Mythbusters of op YouTube de Slow Mo Guys, schitterende slow motion opnames waarbij je elk detail van een razendsnelle actie / beweging / gebeurtenis kunt zien. Maar ja, dat zijn filmpjes gemaakt met apparatuur die voor thuisgebruik onbetaalbaar is.

Natuurlijk, je kunt elk filmpje dat je maakt vertraagd afspelen, maar dan wordt de beeldkwaliteit als snel heel slecht. De reden daarvoor is simpel: stel je maakt een filmpje met de normale 25 beeldjes per seconden. Dat ziet er voor ons oog prima uit. Ga je dat op halve snelheid afspelen, dan moet de software zelf de ontbrekende beeldjes ertussen verzinnen. Bij halve snelheid zal dat nog wel lukken (neem het ene beeldje, het volgende beeldje en morph die. Maar als je nog langzamer wilt dan wordt het beeld schokkerig. De enige echte oplossing is om (veel) meer beeldjes op te nemen dan die 25 beeldjes per seconde. Professionele camera’s kunnen  bijvoorbeeld 10.000 beelden per seconde (fps – frames per second) opnemen. Dan kun je flink vertragen voordat je toch weer 25 beelden per seconde overhoudt.

Gelukkig bleken wij ook apparaten in huis te hebben die meer dan 25 fps weten op te nemen. De ene is een smartphone, niet de nieuwste wel een krachtige, de Samsung Galaxy S7 en een, eveneens niet nieuwe GoPro 4 Black. Beide camera’s kunnen namelijk video met 480fps opnemen. Dat gaat dan wel niet in full HD (1920×1080 of “180p”) maar met een resolutie van 1280×720 (“720p”). Nieuwere versies van beide apparaten kunnen al meer aan, maar dit was wat ik in huis had, dus daar ging ik mee aan de slag.

Lees verder….

Deel dit bericht:
jul 102018
 

Ik heb een aantal collega’s die een Surface gebruiken. Het is een love it or hate it verhaal zo begrijp ik (ik ken ook een collega die hem graag weer inruilde, maar de anderen zijn er blij mee). Nadeel van de Surface (Pro) is de relatief hoge prijs. Maar nu er steeds meer Chromebooks in het onderwijs worden ingezet (en die steeds completer worden) kan ook Microsoft niet achter blijven in een poging om een goed, betaalbaar alternatief aan te bieden.

Of de Surface Go dat gaat worden valt te bezien. De prijzen zijn nog allemaal in Amerikaanse dollars, maar reken er maar weer op dat de Europrijzen gelijk zullen zijn. Dan gaat het om $399 voor een apparaat met een 10-inch display. Er wordt gebruik gemaakt van een 7e generatie Intel Pentium Gold Processor 4415Y en je kunt kiezen uit 4 GB of 8 GB RAM geheugen. Het apparaat heeft een accu die 9 uur mee gaat en géén ventilator. Hij beschikt over een USB Type-C die je ook kunt gebruiken om hem op te laden als je de gewone Surface oplader niet bij de hand hebt. Als intern opslag kun je kiezen uit 64GB eMMC en 128GB of 256GB SSD. De keuze voor RAM en interne opslag zullen natuurlijk de prijs meebepalen. Er is een SD Card beschikbaar als extra opslagoptie voor maximaal 1 TB. Er zitten twee (eigenlijk drie) camera’s in: een 5MP camera (+ een infrarood camera voor Windows Hello) aan de voorkant en een 8MP aan de achterkant zodat je als een idioot met je 10 inch apparaat in de lucht foto’s kunt maken bij bijeenkomsten. De Surface Go heeft ook een NFC chip aan boord.

De pen (€110) en het toetsenbord ($99 of $129 afhankelijk van de kleur) moet je apart erbij kopen.

Kortom, het apparaat kan compleet toch nog tegen de 1.000 euro gaan kosten en dan is het zeker niet goedkoop meer. Afwachten dus wat het gaat doen.

 

Deel dit bericht:
jun 042018
 

Op de BBC website staat een mooi filmpje (embedden is helaas nogal een ding, gaat via lelijke iframe) van een workshop die door Artronix uit Glasgow ontwikkeld is. In de workshop bouwen deelnemers/leerlingen robots met een of meerdere micro:bits, servo’s, LED’s etc.
Op zich niet nieuw. Maar de opdracht daarbij is om een scene uit een bekende film na te bouwen. Op de website zie je voorbeelden van Jeepers BleepersWar of the Worlds – Rise of the micro:bitsMicro:Wars – A New Code, Bride of Frankenbit, A Fistful of micro:bits.

De scenes bevatten een combinatie van hergebruikte speelgoed poppen, decors, filmeffecten en vooral veel creepy stemmetjes. De clips zijn kort en ook dat is niet altijd gemakkelijk want het betekent dat ze heel erg to the point moeten blijven. Bekijk ze zeker ook even op de pagina van de BBC daar staat ook de PDF met instructies. Op Twitter zijn er ook een aantal te vinden.

(p.s. aan de tweets kon ik zien dat het project van 2017 is, ik kwam er vandaag pas via de Adafruit website)

Deel dit bericht:
mei 142018
 

In de categorie “van het een komt het ander”.  Het was eigenlijk gewoon een advertentie van Adafruit, hun aankondiging dat ze nu een aantal zonnepanelen in hun aanbod hebben: eentje 6V 2W, een grotere 6V 3.4W, een heel grote met 6V 5.6W, en een heel erg grote die 6V en 9W maximaal kan leveren.

Maar ik wist dat je zo’n paneel niet zomaar op bv een Raspberry Pi kunt aansluiten. Daarvoor is is het outputvoltage niet constant genoeg. Beter is dus om het paneel te gebruiken om een batterij op te laden en dan die batterij te gebruiken om een apparaat van stroom te voorzien.
Om het zonnepaneel een batterij op te laten laden heb je aparte schakeling nodig die Adafruit uiteraard ook verkoopt. En bij die schakeling zat bovenstaand filmpje van Collin Cunningham waarin hij in gaat op de vraag: wat zijn de overeenkomsten tussen een zonnepaneel, een diode en een LED?

Ik zou zeggen: kijken als je het niet weet! 🙂

(p.s. dit is geen sluikreclame, je moet helemaal zelf weten waar je je spullen koopt, ik verdien er niks aan als je dat bij Adafruit of niet doet. Het ging me om het interessante filmpje)

Deel dit bericht:
apr 082018
 

Ik realiseer me dat de titel van dit bericht weer eens absoluut geen click-bait is. Als je toch verder leest: leuk! 🙂

Voor wie denkt: waar heeft hij het nou weer over, eerst even kort wat uitleg. Zoals je wellicht weet zijn er naast Arduino en Micro:bit tal van andere interessante oplossingen op het gebied van microprocessoren, kleine uitbreidingskaartjes met een chip er op die net als Arduino en Micro:bit gebruikt kunnen worden om sensoren te lezen, randapparaten aan te sturen, maar die vaak een fractie van het geld kosten. Bekendste op dit gebied was ongetwijfeld de ESP8266, als je de link volgt kom je bij een aantal berichten op dit blog daarover. De ESP8266 heeft inmiddels een opvolger, de ESP32. Het heeft even geduurd voordat ook de firmware en ondersteuning voor de chip op orde was, maar inmiddels zijn ontwikkelbordjes met de ESP32 goed en goedkoop te krijgen (zeker via online shops zoals AliExpress). Ook over de ESP32 heb je hier al meer kunnen lezen, de LoPy van Pycom was de eerste ESP32 die ik hier in huis haalde naar aanleiding van de Kickstarter in augustus 2016 alweer. Dat was ook mijn eerste kennismaking met MicroPython. Een programmeertaal die voor mij helemaal niet zo vanzelfsprekend was omdat ik (toen) nog niet eerder met Python geprogrammeerd had.

Sindsdien gebruikte ik MicroPython uitsluitend op de LoPy’s. Want pogingen om het op een ESP8266 handig aan het werken te krijgen waren op niets uitgelopen. Het was simpelweg teveel gedoe om de code te wijzigen.

Bij toeval kwam ik echter op YouTube deze serie instructiefilmpjes tegen:

Ik bekeek hem en was onder de indruk van het gemak waarmee, met dank aan rshell het nu mogelijk was om bestanden te uploaden en wijzigen op de ESP32. Overschakelen naar de REPL, weer terug naar de shell, het ging allemaal heel soepel. En ik had toevallig nog een ESP32 liggen die niks lag te doen.
Ik had hem aangeschaft al node voor LoRaWAN / TTN, maar helaas had ik bij het bestellen niet goed opgelet en een versie op 433Mhz besteld in plaats van op 868Mhz. Je kunt hem hier vinden (even opletten dus!). Je hebt helemaal gelijk als je zegt “maar voor 16 euro kan ik ook een Micro:bit kopen”. Klopt. Maar dat komt door de LoRa-module en het kleine LCD-schermpje. Wil je een gewone ESP32 zonder LoRa-module en zonder LCD, dan kun je er hier al eentje voor minder van 4 euro (incl. verzenden) vinden. En dan heb je dus een microprocessor mét WiFi en BLE en batterij-aansluiting.

Goed, ik ging het proberen. Maar ik wilde het niet op een Raspberry Pi doen, maar in het Linux Subsystem dat ik op Windows 10 heb draaien. Waarom? Omdat ik wilde weten of het nu eindelijk een volwaardig alternatief geworden is. Spoiler: ja, dat is het, maar je moet er wel even wat voor doen.

Lees verder….

Deel dit bericht:
apr 022018
 

De SonicPi software bestaat al lang. Maar ik heb er nog niet eerder over geschreven. Bij deze dus. Want eigenlijk kan dat natuurlijk niet.

Even vooraf: de SonicPi software verwijst in zijn naam naar de Raspberry Pi, maar je hebt geen Raspberry Pi nodig, de software draait ook gewoon op Windows, een Mac of Linux. Je kunt hem gratis downloaden en voor Windows is er ook een “portable” versie, die hoef je dus niet te installeren, kun je gewoon op een USB-stick zetten.

Wat is SonicPi en waarom zou je er iets mee moeten?
Dat kan ik je waarschijnlijk het beste door de bedenker (Sam Aaron) ervan laten uitleggen. Het filmpje hieronder is al uit 2015 (er zijn oudere filmpjes):

De introductie lijkt erg op het verhaal van Felienne bij haar Python/programmeren en kunst workshop.  En daarmee bedoel ik richting beiden niets negatief. Integendeel. Beiden maken duidelijk dat maar een bepaalde (kleine) groep speciale mensen enthousiast wordt van programmeren. En ook Sam Aaron maakt duidelijk dat het een stuk eenvoudiger is om kinderen enthousiast te maken over programmeren als je ze ook echt iets geeft waar ze enthousiast over worden.

Nou moet ik bekennen dat dit, net als verhalen bedenken in Python, natuurlijk ook weer niet voor elke leerling zal gelden. Ik heb vanmiddag een uurtje zitten spelen met SonicPi en zo goed als Sam zal ik waarschijnlijk nooit worden. Sowieso, kijk maar eens hoe veel werk het is om onderstaande track te maken.

Lees verder….

Deel dit bericht:
mrt 272018
 

Sorry, nooit gedaan, ook niet toen het cool was om voor het goede doel te (laten) doen. Ga ik dus ook niet doen met een NFC-chip er in. Onderhuids implanteren zou ik nog iets vinden waar ik over zou willen nadenken, maar dan zijn de LEDs weer wat moeilijk te bevestigen.

Ik begrijp dat er een HOWTO in de maak is. Voor alsnog moeten we het even doen met bovenstaand filmpje van NFC-LED enabled techno nails. 🙂

(als je nou geen idee hebt wat ik hierboven allemaal schreef, kijk dan in ieder geval even het filmpje!!)

Deel dit bericht:
mrt 252018
 

Toen ik met Resin.io en Docker aan de slag ging voor de TTN Gateway verliep het installatieproces probleemloos en snel. Inmiddels ben ik er ook achter dat het een andere verhaal wordt als je zelf een image wilt aanmaken.

Installatie op mijn laptop ging op zich wel, al heb ik uiteindelijk gekozen voor de Docker Toolbox omdat de “officiële” huidige versie op het eerste Windows 10 systeem waar ik het uitprobeerde voor de nodige problemen zorgde. Sommige containers werken daar heel mooi. Zo wist ik oude tijden te laten herleven door Etherpad te installeren op basis van deze container. Voor de jongeren onder ons: voordat Google documenten en Microsoft Word online het mogelijk maakten om samen, online, aan hetzelfde document te werken, was er al een gratis online dienst (Etherpad) die dat ook mogelijk maakte. Niet zo fancy als de anderen, maar gratis in een tijd dat nog niemand anders dat kon. Toen de dienst offline ging hebben ze de code en installatie open source beschikbaar gemaakt. Ook R en RStudio kreeg ik aan de praat met dank aan deze uitgebreide handleiding.

Installeren van Docker op een Raspberry Pi ging ook niet zonder slag of stoot. De installatie via Hypriot vergt dat ik ofwel de image via hun eigen flash-tool (geen Windows versie) uitvoer ofwel een vast netwerkverbinding heb. Omdat ik 2 Raspberry Pi zero’s ter beschikking had, was dat niet direct een handige optie. Rechtstreeks installeren op een bestaande image met deze instructies leek te werken, maar als ik docker probeerde op te starten kreeg ik niet meer dan een foutmelding.

Uiteindelijk ben ik dus met Resin.io aan de slag gegaan. Het coole daarbij was en is het heel eenvoudig is om meerdere apparaten toe te voegen. Wijzigingen worden dan automatisch naar alle apparaten doorgestuurd zodat ze steeds allemaal de laatste versie van de container(s) hebben. Ik zet de (s) even tussen haakjes. Ook via Resin.io kun je meerder containers tegelijkertijd op een machine laten draaien. De setup daarvan is echter ook weer even net wat ingewikkelder dan met één container.

En voor je het weet ben je dus wel meer dan even bezig met het onder de knie krijgen van een systeem dat eigenlijk tijd zou moeten besparen.  Tja, in ieder geval wat geleerd. 🙂

Deel dit bericht: