jun 102019
 

Het is zoiets dat bij uitstek kan gebeuren op een ietwat regenachtige vrije maandag: er komt een tweet met een vraag voorbij (zie hierboven de tweet van Ralp Crützen) en 2 minuten laten ben ìk volop op zoek naar oplossingen.  Zijn vraag: hij heeft 645 CD’s gekregen van een familielid, zónder hoesjes en boekjes en wil er een jukebox van maken, hoe begin je aan zoiets?

Lees verder….

Deel dit bericht:
jun 072019
 

Goed, ik snap het idee: hoe cool zou het zijn als je overal waar je maar bent dezelfde setup qua monitoren kunt hebben als op je eigen werkplek.

Want zeg nou zelf, jij hebt toch ook zo’n setup van 6 monitoren op je bureau, waarbij de ene nog groter is dan de andere?
Maar goed, dat zal ter illustratie zijn, als een “stel je eens voor dat je zo’n setup nu wél kunt realiseren?”

Los daarvan, wij zien het in de demo als vensters die in de werkelijke ruimte rondvliegen, maar het zijn duidelijk VR (of Mixed Reality zoals Microsoft dat noemt) brillen. Geen HoloLens brillen. Dat betekent dus dat je volledig afgesloten bent van je omgeving. Je ziet je toetsenbord of andere zaken die je op je tafel hebt liggen niet meer, ziet ook niet of iemand er in de coffeeshop met je tas vandoor gaat, je zit helemaal afgesloten van de buitenwereld. En dat wordt na 20-30 minuten helemaal niet zo fijn. Zelfs als je geen last krijgt van het gewicht van de bril op je hoofd, het zweterige gevoel dat je krijgt door het afgesloten zijn van een deel van je hoofd, zelfs dan wil je na die tijd wel weer even “vrij” uit die opgesloten ruimte. Dan maakt het dus niet uit dat de bril uren mee kan  op een acculading.

Nogmaals, het zou me super stoer lijken als ik ’s ochtends in de bus en trein een paar grotere schermen voor me zou kunnen zien bij het werken op mijn laptop. Maar dan wel in een AR-situatie. Waarbij ik gewoon de buitenwereld zie en de scherm letterlijk als extra fysieke schermen in de ruimte zweven. Zo tegen de tijd dat ze de interface in een contactlens ingebouwd hebben, die ik kan dragen zonder dat ik het gewicht voel of zonder dat ik een groot apparaat extra met me mee moet slepen om daar te kunnen werken. Die tijd komt wel, maar tot die tijd zijn dit vingeroefeningen waarvan ik me afvraag of Microsoft er genoeg van kan leren. De vraag “lopen gebruikers warm voor dit concept?” hangt toch heel erg samen met de uitvoering. En het zou me echt heel erg verbazen als dit met de huidige VR brillen en stand van de technologie tot een daadwerkelijk product te maken is.

getipt door mspoweruser.com

Deel dit bericht:
mei 252019
 

Toen ik vorig jaar oktober de aankondiging van de Kickstarter voor o.a. een uitbreidingsbordje waarmee je een Micro:bit via het The Things Network kunt laten communiceren, had ik al zo mijn bedenkingen bij de logica ervan. Meer daarover in dat vorige bericht, vandaag kwam de bestelde node binnen (minder dan 2 maanden later dan gepland, heel normaal voor een Kickstarter) en kon ik ermee aan de slag.

Assemblage is eenvoudig. De antenne schroef je op het ene uiteinde van de kabel, de andere kant druk je voorzichtig op de juiste plek op de node. Je hebt zelf een Micro:bit nodig. Die had ik uiteraard.

Daarna is het een kwestie van de stappen volgen in de online handleiding.

Daarin wordt uitgelegd hoe je bij The Things Netwerk (TTN) een nieuw device aanmaakt. Dat was voor mij zeker niet voor het eerst dus tamelijk gesneden koek, ik heb geen idee hoe complex dat voor iemand is om te doen als je het voor het eerst doet.

Lees verder….

Deel dit bericht:
mei 242019
 

Om te beginnen, credit voor de titel gaan naar AndrewS in de reacties op het bericht op raspberrypi.org. Daar kun je lezen over de breimachine van Sarah Spencer, die ze met behulp van een Raspberry Pi aan het netwerk gekoppeld heeft:

I hacked my domestic knitting machine and turned it into a network printer with the help of a Raspberry Pi. By using a floppy drive emulator written in Python and a web interface, I can send an image to the Raspberry Pi over the network, preview it in a knitting grid, and tell it to send the knitting pattern to the knitting machine via the floppy drive port.

De software heeft ze gedeeld via Github en met het nodige gevoel voor de klassiekers heeft ze het OctoKnit genoemd “n honour of a more famous and widely used tool” (OctoPrint).
Haar winkeltje op Etsy is op dit moment even dicht omdat ze met zwangerschapsverlof is. Op Raspberrypi.org toont ze een paar voorbeelden:

Maar het mooiste voorbeeld is toch wel dit tapijt dat ze zelf via Twitter deelt:

https://twitter.com/HeartOfPluto_/status/1033550777434816512

Als je geen beeld hebt van de omvang, er zit een persoon op de foto!

Een tweedehands breimachine kost zo’n 500 euro (en meer). Ik ga er even vanuit dat net als bij een lasersnijder, een snijplotter en welk apparaat dan ook waar je ogenschijnlijk heel coole dingen mee kunt maken, er heel wat debug- en uitprobeerwerk vooraf gaat aan het daadwerkelijk kunnen laten breien van zo’n mooi tapijt. Maar zeg nou zelf, hier wordt je toch vanzelf enthousiast van? En ben je dan niet blij dat je (een beetje) kunt programmeren? Dat je weet hoe programma’s, hardware, software aan elkaar geknoopt kunnen worden? Dacht ik ook. 🙂

Deel dit bericht:
mei 132019
 

Afgelopen weekend zag ik op dronewatch.nl bovenstaand filmpje. Het leukste is eigenlijk als je niet doorleest in de bericht maar eerst even een paar minuten van het filmpje bekijkt.

Je ziet Lotfi Lamaali (wie kent hem niet) bezig op een Longboard. De omgeving is lekker surrealistisch en het camerawerk lijkt haast onmogelijk. Ik liet het aan iemand zien (zonder ook de tekst op de eerste afbeelding van de video) en die dacht dat het in een of andere virtual reality omgeving was opgenomen (niet gek want ik heb hier ook wel eens videos waarbij de omgeving echt lijkt maar helemaal gerenderd is).
Maar nee, dit is helemaal echt. “Gewoon” opgenomen met (ik denk) een GoPro. Het speciale aan het geheel is dat het opgenomen is met een heel kleine drone. Op dronewatch.nl introduceerde Wietse de Jager het voor mij nieuwe begrip ” CineWhoop”. Ik dacht eerst even dat het een werk drone was, maar het is een verzamelnaam voor kleine drones met een camera er op.

Fincky, de maker van de video, heeft onder de video op YouTube een lijstje staan met zijn favoriete onderdelen voor een CineWhoop, maar ook op zijn Facebook-pagina kon ik zo snel geen foto vinden van de exacte setup die hij gebruikt heeft.

Foto’s vond ik wél bij Paul Nurkula, die een uitgebreide blogpost online gezet heeft over zijn eerste ervaringen met het stabiel en werkbaar krijgen van een CineWhoop op basis van een “ShenDrones NutMeg CineWhoop Drone .
Het verhaal maakt duidelijk dat het geen avontuur voor een beginner is. Paul legt uit dat het ook geen racedrone of een freestyle drone is. Het is ook niet de absoluut lichtste optie, maar wel een

  • die krachtig genoeg is om een GoPro 7 te vervoeren (zonder bv de behuizing te verwijderen)
  • die klein/licht genoeg is om veilig te gebruiken dicht in de buurt van mensen
  • flexibel/klein genoeg is om probleemloos langs/door/onder plekken te vliegen waar grotere drones niet kunnen komen.

Ik hou het even bij het met respect kijken naar de filmpjes die op de verschillende pagina’s voorbij komen. Het is voor mij weer een mooi voorbeeld van de combinatie van creativiteit en technische kennis die dingen mogelijk maakt waarvan we 1-2-5 jaar geleden gedacht zouden hebben dat ze onmogelijk of onbetaalbaar om te realiseren waren.

 

Deel dit bericht:
mei 052019
 

Gezien de titel “Duiken met de GoPro HERO 7 Black” had dit bericht natuurlijk ook op Activegeek.nl een plek kunnen hebben. Daar heb ik de resultaten geplaatst, hier wil ik het vooral hebben over de achterliggende techniek.

GoPro HERO 7 Black versus de Insta 360 One X

Voor de vakantie was het plan eigenlijk om een Insta 360 One X camera met onderwaterbehuizing te kopen en daarmee te gaan duiken in Egypte. Helaas waren de recenties van de behuizing lang niet zo goed als van de camera zelf. Dus die werd het toch niet.

Wél had ik heel goede dingen gelezen over de stabilisatie-opties van de GoPro HERO 7 Black. En dus werd mijn GoPro HERO 4 Black voor deze vakantie vervangen door een GoPro HERO 7 Black.

Duikbehuizing: origineel of namaak?

GoPro heeft het niet gemakkelijk de laatste jaren als het gaat om het generen van omzet. Dat zal dan niet gelegen hebben  aan de tactiek die ze ook al jaren hanteren: nieuwe camera betekent ook nieuwe accessoires. Dus uiteraard moest ik een nieuwe behuizing kopen voor mij GoPro HERO 7 Black. GoPro verkoopt er zelf eentje voor, die de mooie naam “Super Suit” heeft en bijna 54 euro moet kosten.
Na wat rond zoeken kwam ik echter ook een “namaak” Super Suit tegen waar de meeste mensen heel erg tevreden mee zijn, de behuizing van Kupton te koop via o.a. Amazon in Duitsland. Die kost geen 54 euro maar 12,50 euro. En voor 6,99 euro je er een rood filter bij. GoPro verkoopt ook een filter voor haar Super Suit, maar die kost weer zo’n 35 euro. Dus ik betaalde net geen 20 euro voor iets waar ik anders bijna 90 euro voor zou moeten betalen.

Natuurlijk. Met een namaak behuizing loop je in theorie meer kans op een lekkage dan bij een originele behuizing. Of niet natuurlijk. En een GoPro HERO 7 Black is van zichzelf al waterdicht. Helemaal al omdat het voor de Kupton behuizing niet nodig is om de lens van de camera af te schroeven. Dat moet bij de originele behuizing wél en dat vind ik echt super onhandig.

Het is een aanbeveling die je mag aannemen of niet. Ik verdien er niks aan. De rood filter is voor het water van de Rode Zee ideaal. Tussen een meter of 5 tot een meter of 15 haalt het de rode kleuren heel mooi weer op. Achteraf gezien had ik beter deze set kunnen kopen. Dan had ik voor 16 euro niet alleen een behuizing maar ook een rood, licht rood én magenta filter (+ een paar anti-condens inlays) gehad, ook goed voor zoet / groen water.

Lees verder….

Deel dit bericht:
apr 212019
 

Smartphones zijn leuk, maar als je er een dag gebruik van wilt maken om bv een hele dag muziek te luisteren, te gamen of films te bekijken, dan wordt het al snel een uitdaging om dat op één acculading voor elkaar te krijgen. Het kopen van een Powerbank is dan een optie.

Een Powerbank kiezen is wat minder gemakkelijk. Uiteindelijk kom je waarschijnlijk bij Tweakers terecht voor een overzicht van opties. Helaas daar ook vooral Powerbanks zónder reviews. We hadden er deze week twee uit het goedkopere segment, eentje van de Action voor € 15,- en eentje van AliExpress die in totaal € 13,76 gekost heeft. Die bestaat uit een lose case en 5 Liitokala NCR18650B 3,7V 3.400 mAh 18650 oplaadbare lithium batterijen. Dit zijn de 18650 batterijen zonder “knobbel”,  de andere passen niet in de behuizing. Ik link naar beide plekken waar ik mijn spullen gekocht heb. Voor de case was dat voor het eerst, voor de Liitokala batterijen had ik er al eens eerder batterijen gekocht en die voldeden aan de 3.400 mAh claim.

De Powerbank van Action is een SP (Silicon Power) type S105. De behuizing claimt een vermogen van 10.000 mAh, een claim die je ook vaak op de Chinese Powerbanks tegenkomt. Op de behuizing van AliExpress staat zelfs 20.000 mAh. In theorie zou je dat kunnen halen als je 5 x een batterij gebruikt die 4.000 mAh kan leveren, maar die aanduiding heeft betrekking op een situatie waarbij je 3,7V gebruikt. En zo’n Powerbank levert (uiteraard) 5V. Dus die 20.000 mAh haal je nooit en ook geen 5 x 3.400 mAh. Maar hoeveel wel dan?

Daarvoor heb ik sinds kort een simpele werkwijze bestaande uit een kleine mAh meter en een vaste weerstand die naar keuze er voor zorgt dat er 2A of 1A “getrokken” wordt uit de Powerbank.

Je ziet hem hier aangesloten op de Powerbank. Het groene deel is de weerstand. Er zit een schakelaartje op, de LED is rood bij 2A en groen bij 1A. Het zwarte tussenstukje geeft het voltage aan, het aantal ampere en dus het totaal aantal mAh dat geleverd is. Is de accu helemaal leeg, dan schakelt het geheel zich uit. Als je daarna, met een micro-USB kabeltje of een andere stroombron weer voeding levert dan is de laatste stand nog beschikbaar.

Naast de twee ‘grote’ Powerbanks nog een ‘kleine’ Powerbank in de vorm van een compacte ronde cylinder waar ik bij AliExpress €1,12 voor betaalde (ook deze is nu iets duurder geworden).

In deze cylinder past precies één 18650 batterij zonder “knobbel”. Uiteraard niet met dezelfde capaciteit als de andere twee, maar wel een stuk lichter.

De twee grote Powerbanks heb ik zowel met 1A als 2A getest. Verrassend genoeg ging de Powerbank van AliExpress langer mee op 1A dan op 2A. Bij de SP van de Action scheelde het nauwelijks iets. De resultaten bij elkaar:

 1A  2A
AliExpress Powerbank (5x 18650)
303 gram
9.626 mAh 7.909 mAh
SP S105 Powerbank Action
237 gram
6.457 mAh 6.408 mAh
AliExpress Cylinder (1x 18650)
72 gram
1.740 mAh  niet getest

Zoals je ziet komt de Powerbank van de Action tot ongeveer 6.4400 mAh bij zowel 1A als 2A. De AliExpress Powerbank zat bij 2A daar zo’n 1.500 mAh boven maar tikte bij 1A bijna de 10.000 mAh aan. Ik heb dat niet opnieuw getest, het laden en ontladen van de Powerbank kost de nodige tijd.

Bij  Hardware.info hebben ze juist begin afgelopen week een uitgebreide review geplaatst van Powerbanks. Daar meten ze niet alleen mAh, maar juist Wh omdat je dan ook het voltage meeneemt. In die review vinden ze dat het aanduiden van mAh uitgaande van het interne voltage van 3,7V in plaats van het extern afgegeven voltage van 5V best logisch is. Zelf zou ik zeggen: zorg als industrie voor een maat die objectief te meten is en onderling goed te vergelijken.
Bij de test van Hardware.info krijgt de Silicon Power Powerbank S100 10000 Black de “Great Value Award”. Inclusief verzendkosten kost die zo’n € 17,-
Als ik de testresultaten daarvan vergelijk met de twee Powerbanks, dan doen ze het zeker niet slecht. De S100 heeft een specificatie van 6.609 mAh bij 1A.

Conclusie: de Powerbanks mogen blijven. Ze leveren het vermogen dat je er van mag verwachten. Ik ga ze niet voor dagelijks gebruik in mijn tas stoppen. Meestal heb ik er geen nodig, de kleine cylinder met zijn 72 gram krijgt waarschijnlijk wél een vast plekje in mijn tas. Met 1.740 mAh bij 5V is het een lichtgewicht backup voor de momenten dat het écht nodig is.

Deel dit bericht:
feb 102019
 

In de categorie “ik zou er zelf niet aan gedacht hebben om het te bouwen” vandaag een LCD paneel gemaakt van LED strips. Je weet wel, die strips zoals je die “overal” kunt kopen.

Op hackster.io kun  je lezen hoe dat kan. Nou beschrijven de auteurs van dat bericht het proces niet zomaar, want het werkt ook niet zomaar. Het is meteen ook een beetje een demo / advertentie voor een (op dit moment) aankomende Crowd Supply actie voor het benodigde controllerboard.

In de video hieronder (de audio is wat irritant, die kun je beter zacht zetten) zie je het assemblageproces en na 1:05 zie je een demo.

Het effect is (zeker op enige afstand) best goed.

Deel dit bericht:
feb 052019
 

In een tijd van 4K TV’s en grote beeldschermen op laptops zijn RGB LCD matrixschermen eigenlijk iets waar je waarschijnlijk zomaar elke dag mee in aanraking zult komen.

En hoewel ik wel al eens met een dot matrix module geëxperimenteerd had, kende ik het grotere (16×32 pixels) paneel met RGB LEDs dat min jongste zoon dit jaar voor zijn verjaardag vroeg nog niet. Hij had er zelf al een pagina met informatie bij Adafruit voor gevonden, dus hebben we de gok genomen (wat daar stond zag er niet onmogelijk uit) en kreeg hij een exemplaar.

Ik zal niet linken naar de site waar we zijn exemplaar gekocht hebben (hij leest dit bericht waarschijnlijk ook), het was een Nederlandse site, je moet even goed rondkijken want sommige webshop gooien er een flinke marge bovenop. Vind je het niet erg om lang te wachten, dan kun je uiteraard ook op AliExpress terecht. Let er dan goed op dat je een P3 paneel hebt (zoals deze), met LEDs van 3mm. Er worden er ook verkocht met LEDs van 4mm of 5mm grootte. Die zijn goedkoper, maar als je zo’n klein schermpje hebt (en niet van plan bent een display te bouwen van een paar meter bij een paar meter) dan wil je de kleinere hebben (of in ieder geval appels met appels vergelijken).

Hij had wat hulp nodig bij de eerste setup. Het paneel heeft een eigen 5V voeding nodig en de panelen zijn niet van bv zoiets als een micro-USB aansluiting voorzien. Daarnaast hadden we (tja, ik zei al dat ik er geen ervaring mee had) niet de bijbehorende Arduino shield erbij besteld. En dat betekende dat we de connector met 16 kabels met Dupont connector moesten verbinden met de Arduino.

Maar goed, ook dat ging eigenlijk probleemloos. Het installeren van de Arduino client op zijn laptop was eigenlijk nog het meeste werk omdat de Arduino downloadsite wat problemen leek te hebben. Maar na een uurtje hadden we het geheel aan de praat.

Lees verder….

Deel dit bericht:
jan 292019
 

Staat je plant droog?
Het is een van de standaard voorbeelden die je tegenkomt als je met Arduino of ESP8266 aan de slag gaat: gebruik het apparaat om te meten of je plant water nodig heeft. Ik bouwde er een paar jaar geleden ook eentje.

Goedkoop is duurkoop?
De goedkope sensor die ik toen gebruikte werkte niet heel lang. Pas een tijd later kwam ik (alweer) een leerzame video van Andres Spiess tegen over dit onderwerp inclusief een sensor die wél zou moeten kunnen werken zonder zichzelf om zeep te helpen. Ik weet dat ik die sensor toen gezocht heb maar dat hij redelijk aan de prijzige kant was. Sowieso was het exemplaar dat Andreas getest had eentje waarbij je ook nog een ESP8266 moest aansluiten, voor een stroombron moest zorgen, aan het netwerk moest koppelen etc.
Ik heb het toen even gelaten voor wat het was. En eerlijk gezegd was ik de video ook weer vergeten.

Chirp!
Afgelopen week echter kwam ik  op AliExpress echter de sensor tegen die je hierboven ziet. Qua model vergelijkbaar met die van Andreas. Maar deze had een houder voor een knoopcelbatterij, een piezobuzzer én iets wat ik met een beetje (flink) inzoomen herkende als een ATtiny44A. Hmmm, interessant….

Voor het thuisfront was deze sensor al voldoende. Daar was niet echt behoefte aan een sensor die aan het netwerk aangesloten was. Als de sensor zou “chirpen” als de plant te droog was, dan was dat meer dan voldoende. En voor €1,55 inclusief verzendkosten was dat ook geen geld. Of ik er 3 wilde bestellen.

Ik had toen nog niet gezien dat op de afdruk ook de tekst “chirp!” staat. Waarom dat er toe doet, bleek pas toen ik ging kijken of ik meer informatie kon vinden over de sensor. Deze moest vast te hacken zijn, toch?

Hacken?!
Hoezeer de sensor te hacken was, ontdekte ik al snel. Ik kwam namelijk bij deze pagina van wemakethings. Zij blijken de oorspronkelijke ontwikkelaars van de “chirp!”. Het was hun bewuste keuze om het ontwerp van de sensor als open hardware beschikbaar te stellen en de firmware van de chip als open source software. Open, deelbaar, hackbaar, reproduceerbaar. Eerst even naar dat hackbare. De sensor heeft in de originele versie 6 open “gaten” op de sensor zitten. De AliExpress versie heeft de gaten dicht, maar zo te zien met soldeer, dus ook bruikbaar. De officiële site legt uit dat je een header op die gaten kunt aansluiten en ze dan als volgt dienst doen:

  • pin 1 – MISO
  • pin 2 – VCC
  • pin 3 – SCK / SCL – I2C clock
  • pin 4 – MOSI / SDA – I2C data
  • pin 5 – RESET
  • pin 6 – GND

Met deze 6 pinnen ben je niet alleen in staat om de ATtiny44A van gewijzigde firmware te voorzien (de huidige firmware is net als de schema’s voor de PCB op github.com te vinden) maar de sensor gedraagt zich ook als een I2C slave. Als je niet weet wat I2C is, lees dan even dit bericht. Dan heb je maar 2 van de 6 pinnen nodig (pin 3 en pin 4). Wil je deze sensor, bijvoorbeeld via een ESP8266, wél aan de Wifi hangen (waarbij de stand-alone functionaliteit behouden blijft), dan kan dat via die I2C verbinding. Cool toch?

Open source = funest voor kleine ontwerper/verkoper?
Maar….de AliExpress kloon is 100% legaal, feitelijk niets op af te dingen, het bedrijf doet wat de makers mogelijk maken: een heel goedkope versie van de chirp! produceren en verkopen.
Ja maar, het principe van “bedank de bedenkers van mooie dingen voor hun inspanning”?
Nou, die zou ik hier ook graag toepassen, maar dat wordt niet heel gemakkelijk gemaakt. De “officiële” chirp! kost via Tindie namelijk het mooie bedrag van $15,- excl. $5,- verzendkosten. Dat is €18,34 incl. verzendkosten als je via Paypal betaald. Dat is bijna 10x meer dan bij AliExpress, daar is het bedrag €1,88 per stuk incl. verzendkosten.

Ik vrees dat de makers er dus niet heel veel meer zullen verkopen. En dat is eigenlijk wel een vervelend neveneffect van open source hardware en het bestaan van zo veel Aziatische bedrijven die dit soort producten goedkoop in massa kunnen produceren.

Experiment
Goed. Ik heb het voor mezelf als experiment verkocht met twee vragen:

  • Wie is sneller qua leveren, de oorspronkelijke leverancier vanuit de VS via Tindy of de leverancier via AliExpress?
  • Zit er verschil in kwaliteit tussen beide producten? Zijn ze qua ontwerp identiek en functioneel gelijk?

Ik heb dus 1 exemplaar via Tindie besteld en 4 exemplaren via AliExpress (3 om in gebruik te nemen en 1 zodat ik van beide een exemplaar had om mee te experimenteren). Het kan van beide bestellingen even duren voordat ze binnen zijn (en voordat ik tijd heb om ermee te experimenteren) maar wordt vervolgd.

Deel dit bericht: