Pierre

Geek en blogger. Ik heb verstand van ict en onderwijs. Ik ben gepromoveerd op het gebruik van recorded lectures door studenten en werk bij het iXperium/Centre of Expertise Leren met ict (maar dit blog is 100% op persoonlijke titel!!).

mei 152020
 

De sportschool is dicht, buiten fietsen is nog geen optie zolang mijn pols nog niet 100% hersteld is, binnen fietsen doe ik regelmatig maar dat leidt tot dagen dat ik helemaal niet buiten geweest ben. En dat is ook niet prettig. Dus gaan we ’s avonds regelmatig wandelen, met z’n tweeën soms ook met de kinderen erbij. Ik neem dan altijd mijn Garmin Forerunner 35 mee. Die heeft ingebouwde GPS en een “wandelen” modus. Die zet ik aan en dan hoef ik er het hele uur of iets meer dat we lopen niet meer aan te denken. Als we thuis komen zet ik hem op stop en binnen een minuut is de wandeling, via mijn telefoon, beschikbaar via Strava. Nou gaat het me niet echt om mijn hartslag of hoe hard we lopen (al vinden ook daar soms discussies over plaats), het gaat me ook niet om het kunnen opscheppen over het aantal wandelingen (op Strava volg ik allemaal mensen die verder, vaker fietsen, zwemmen, lopen, wandelen). We vinden het gewoon leuk om wat variatie aan te brengen in de routes die we wandelen, dus kwam ook wel de vraag op: “welke delen van het dorp hebben we nog niet gehad?”

Iemand vroeg me onlangs naar voorbeelden van computational thinking. Nou dit is er eentje, hoewel het inderdaad eentje is waarbij een stukje programmeren gedaan is (deel twee van de vraag was namelijk of dat betekende dat er altijd programmeren bij kwam kijken). Het is een probleem/vraag die ik met ict opgelost heb.

De vraag herformuleren
De vraag “welke delen van het dorp hebben we nog niet gehad?” is niet zomaar te beantwoorden. Omdat ik “alle” wandelingen die ik gemaakt heb (ik denk dat ik er een of twee gemist heb) opgenomen heb, zijn die beschikbaar op Strava. Dus ik kan wel de vraag beantwoorden “welke routes in het dorp hebben we wél gehad?”.
Strava kan die kaarten laten zien. Maar alleen pér wandeling. Niet als totaaloverzicht.

Onderzoeken van mogelijke oplossingen
Gelukkig heeft Strava wel een API, een interface waarmee je data uit je eigen account kunt opvragen. En dan kun je zelf de routes op een kaart tekenen (zoals ik hierboven gedaan heb). Zoals bij bijna alles: als ik het kan verzinnen, heeft iemand anders het vast ook al eens verzonnen. Op Youtube staat een serie video’s van Fran Polignano die eerst een introductie geeft op het gebruik van de API (heel handig om eerst te bekijken!), daarna uitlegt hoe je de API in Python gebruikt en daarna met JavaScript. Bij die laatste gaat hij dan nog even door en legt uit hoe je je activiteiten automatisch op kunt laten halen én allemaal tegelijkertijd op een kaart kunt laten zien. Daarbij is hij dan ook nog eens zo vriendelijk om zijn code te delen via Github.

Lees verder….

Deel dit bericht:
mei 122020
 

Toch nog even een “deel 2” voor het bericht van gisteren over het eBook waar je zelf aan door kunt werken.

Één optie is om de bronbestanden van github te downloaden (als ZIP) en die dan lokaal verder te bewerken in RStudio. Maar eigenlijk is dat “jammer” want dan snij je jouw bijdragen af van het werk dat (in dit geval) de UvA al gedaan heeft.

Een “betere” (geavanceerdere) optie is om in github een zogeheten “fork” te maken van de bronbestanden. Als je zelf een account hebt op github en naar de bronbestanden gaat dan zie je bovenin de pagina ook de optie “Fork” (zie afbeelding hieronder).

Op het moment van schrijven van deze post staat daar het getal “1”, die aangeeft dat er 1 Fork van deze repository gemaakt is. Door mij. Als je op de 1 klikt dan zie je dat ook en dan kun je ook doorklikken naar mijn kopie van de repository.

Lees verder….

Deel dit bericht:
mei 112020
 

Het begon allemaal met een reactie van Marijn Post op een Tweet van Esther van Popta die een tweet van Fleur Prinsen aanhaalde gisterenochtend. Fleur verwees naar dit eBook “Interactive Teaching Techniques” dat door het Teaching & Learning Center van de UvA gepubliceerd is. Als je naar de url kijk waar je op uitkomt dan kun je (informatievaardigheden) daaruit afleiden dat het door Sharon Klinkenberg van de UvA online gezet is bij Github. Github is de dienst die onlangs door Microsoft is overgekocht en die door programmeurs over de hele wereld (en leken zoals ik) gebruikt wordt voor het delen van programmacode. Maar je kunt er niet alleen programmacode delen, je kunt er ook (statische) webpagina/websites hosten. Nee, niet je normale weblog, meestal zijn het websites die direct gerelateerd zijn aan een bijbehorende repository, bijvoorbeeld met de handleidingen of ontwikkeldocumentatie bij die programmacode.

Daarbij is “programmacode” een breed begrip. Een project op Github kan namelijk ook gewoon bestaan uit tekstbestanden met daarin tekst met “Markdown” opmaak. Ik schreef al eens eerder over het gebruik van deze “markup” afspraken, bijvoorbeeld in 2012 toen het ging over gebruik binnen WordPress of in 2014 waarbij ik er online presentaties mee maakte die eveneens in Github opgeslagen en ontsloten werden. Gebruikte ik voor de online presentaties “Slidify”, het eBook dat de UvA gepubliceerd heeft is gemaakt met een library (een plugin) voor “R” genaamd Bookdown.

Lees verder….

Deel dit bericht:
mei 062020
 

Vroeger was machine learning iets wat je alleen op een stevige computer voor elkaar kreeg. Niet zo’n probleem want inmiddels is een gemiddelde laptop meer dan krachtig genoeg. Maar wat nou als je een sensor hebt die niet krachtig is? En die niet de beschikking heeft over een high-speed breedband internetverbinding om contact te maken met een systeem dat de herkenning kan doen?

Dan wil je het trainen van het model níet op je sensor doen, maar de herkenning wél op de sensor. Dan hoeft die sensor niet grote hoeveelheden observatiedata over de lijn te sturen, maar alleen een seintjes áls er iets te melden is.

Lees verder….

Deel dit bericht:
apr 192020
 

De collega’s bij het iXperium gebruiken het wel eens als opdracht om het probleemoplossend vermogen van leerlingen te stimuleren: het ontwerpen en bouwen van een interactieve knikkerbaan.
Maar dit is van een heel andere orde: het is een samenwerking tussen de mensen achter Formula E, de elektrische Formule 1 klasse en Jelle’s Marble Runs. Op het kanaal van deze laatste kun je de Marbula One (Formule 1 voor knikkers) vinden. Het filmpje hierboven is daar een variant op: de knikkers rollen nu voor verschillende teams die normaal gesproken voor de Formula E rijden, inclusief de gebruikelijke commentator voor die races. Ik denk dat ik niet de enige was waarvoor dit de eerste kennismaking met Marbula One is. Ik zal ook eerlijk bekennen dat ik niet de hele 5 minuten reeds bekeken heb, maar na de start van het eerste rondje doorgespoeld heb naar het einde. Grappig is nu wel dat de knikkers tijdens de race van positie verwisselen, het is dus net als bij een gewone race niet bij voorbaat al duidelijk wie gaat winnen. Wat dat betreft is het spannender dan veel Formule 1 races in 2019 waren.

Met dank aan Engadget voor de tip

Deel dit bericht:
apr 182020
 

Je hebt vast al een keer de voorbeelden gehoord waarbij mensen typemachines, harde schijven, floppydrives, gebruiken om muziek te maken. Device Orchestra toets iets vergelijkbaars, maar dan in de overtreffende trap. Neem bijvoorbeeld onderstaande clip:

Zoals je in de titel ook kunt lezen zijn dit zeven verschillende elektronische apparaten die elk hun eigen soort geluid, deel van de muziek voor een rekening nemen. Het hele kanaal is hier te vinden en bevat een grappige verzameling filmpjes. Soms met dansende elektrische tandenborstels, meestal met een mix van apparaten.

Met dank aan Guido van Dijk voor de tip!

Deel dit bericht:

Praten tegen je computer

 Gepubliceerd door om 18:58  Bloggen, Persoonlijk, Windows
apr 172020
 

Het is hier even stil geweest en dat had een heel praktische reden: vorige week maandag ben ik van mijn fiets afgedonderd en heb ik mijn pols gebroken. Er zijn heel veel ergere dingen die mensen op dit moment overkomt, dat maakt het ook heel gemakkelijk om een en ander te relativeren, maar als het gaat om het gebruik van een toetsenbord met twee handen, dan is het wel vervelend als één hand voor een groot deel in het gips zit.

Er zijn mensen die er zonder meer al van uitgingen dat ik in de eerste dagen na mijn val een selectie zou maken van tools en applicaties waarmee ik mijn computer met spraak zou kunnen bedienen. Op zich tegenwoordig helemaal niet zo vreemde gedachten, aangezien we met Siri, Google Chrome, en in Nederland in mindere mate Alexa tamelijk verwend zijn als het gaat om spraak naar tekst.

Toch blijkt dat best tegen te vallen. Windows 10 heeft inderdaad spraakbesturing, maar die blijkt niet voor Nederlands te werken. Office 365 heeft de dicteren optie, maar die kun je niet trainen en werkt vaak wel een beetje, maar een beetje is meestal niet voldoende als je echt teksten of mails wilt dicteren. Betekent niet dat ik die functie niet al redelijk vaak gebruikt heb afgelopen week, want je moet het maar eens uitproberen: langzame spraakherkenning is vaak sneller dan typen met één hand. Dit blogbericht dicteer ik met een testversie van Dragon NaturallySpeaking. Alles aan dit pakket straalt uit dat ze inderdaad al meer dan 10 jaar bezig zijn met het volmaken van hun software. Natuurlijk, het is geen Microsoft, het is geen Google, het is geen Apple. Maar waar die bedrijven mogelijk veel meer kapitaal en ontwikkelgeld beschikbaar hebben, zie je bij Dragon dat ze ook heel veel weten over hoe de gebruiker werkt tijdens bijvoorbeeld het dicteren van een tekst. Zo hebben ze commando’s om fout gespelde woorden te selecteren en aan te passen, waarbij bij het selecteren meteen al een pop-up verschijnt met mogelijke spelcorrecties en de optie om die eenvoudig te selecteren. Je kunt de software trainen met heel specifieke woorden, bijvoorbeeld door het laten lezen van reeds verstuurde mails, of Word-documenten die je al eerder opgesteld hebt waardoor ook heel vakspecifieke woorden zoals in mijn geval bijvoorbeeld iXperium goed gespeld worden. Eerlijk is eerlijk, in het geval van iXperium werd de X niet met hoofdletter geschreven, maar dat kan de spellingchecker repareren. Die spellingchecker is niet altijd een hulpmiddel, omdat de software altijd probeert dat wat je zegt te vervangen door logische woorden. Dus voor de spellingchecker staat er in 9 van de 10 gevallen altijd wel een zin die logisch is. Maar je zult elke zin nauwkeurig na moeten lezen omdat de zin inhoudelijk absolute onzin kan zijn ook al klopt hij wellicht grammaticaal. Daarnaast is het ook hier noodzakelijk om een goede headset te hebben met de microfoon die dicht voor je mond zit en je moet tijdens het dicteren duidelijk blijven articuleren. Doe je dat niet, bijvoorbeeld omdat je moe aan het worden bent, omdat het laat op de avond is, omdat je haast hebt, dan gaat de herkenning van woorden of hele zinnen meteen achteruit.

Lees verder….

Deel dit bericht: