sep 022014
 

google-self-driving-car-prototypeMIT Technology Review heeft een interessant bericht over Google’s zelfsturende auto’s. Het blijkt dat ze nog niet zo autonoom zijn als dat ik zou willen/hopen en ook niet helemaal zo autonoom als je uit de verhalen tot nu toe zou mogen geloven.

Het blijkt dat de auto’s heel wat real-life situaties nog niet aan kunnen. Slecht weer bijvoorbeeld, maar ook veranderingen in de verkeerssituatie die vooraf bekend is bij de auto (een nieuw verkeerslicht of verkeersbord), een agent langs de weg kent hij niet en het verschil tussen een prop papier en een blok beton is ook nog moeilijk.

Natuurlijk zijn er ook een paar wetenschappers die graag aangehaald worden en uitleggen dat Google opener moet zijn voor wat betreft hun voortgang. Ja, nogal wiedes, maar dat Google niet doen, daar is deze business te groot voor. In de reacties wordt al geopperd dat het Google nooit gaat lukken. Dat ze hun energie beter kunnen steken in het verbeteren van de mogelijkheden voor menselijke bestuurders om veilig te rijden.

Het is een steeds terugkerende discussie. En inderdaad kunstmatige intelligentie heeft zich niet zo snel ontwikkeld als dat er soms geroepen wordt. De mens blijkt toch een verrekt slimme computer te zijn.

Ik geloof er nog steeds in. Ik schreef er in 2005 over, schreef er in 2010 over en nu zijn we weer bijna 5 jaar verder. Ik heb onlangs gezegd dat de nieuwe auto die ik dit jaar gekocht heb de laatste is met stuur. De vorige deed ik 12 jaar mee. Ik ga er nog steeds vanuit dat ik over 12 jaar, dus in 2026, als ik weer toe ben aan een nieuwe auto, ik er eentje kan kopen zónder stuur. We zullen het zien.

Twitterarchief 01-09-2014

 Gepubliceerd door om 20:16  Twitterarchief
sep 022014
 

 

(ik zal foto’s / video maken van het zagen en scannen zodra ik het boek binnen heb!)

sep 012014
 

Afgelopen nacht liep er (weer) een deadline af voor de MOOCs die onderdeel van de Data Science Specialisation bij Coursera. En hoewel het nog even wachten is op het certificaat (voor de tests is er nog een hard-deadline die niet gepasseerd is) weet ik al mijn beoordeling voor het project dat via peer-review beoordeeld werd en ik wist de scores voor de quizzes al. Conclusie: ook de 9e MOOC die onderdeel van die specialisatie uitmaakt, heb ik (met disctinction) afgerond.
En dat betekent dat ik toegelaten ben tot het “capstone project” dat op 27 oktober voor het eerst van start gaat. Roger Peng geeft in de video hierboven al kort wat uitleg over die afrondende MOOC. Hij gaat blijkbaar in samenwerking met SwiftKey uitgevoerd worden (zie ook dit bericht). Inmiddels zijn er al ruim 200 anderen die ook alle negen benodigde onderdelen afgerond hebben.
De beschrijving klinkt interessant:

This course will start with the basics, analyzing a large corpus of text documents to discover the structure in the data and how words are put together. It will cover cleaning and analyzing text data, then building and sampling from a predictive text model. Finally, students will use the knowledge gained in our Data Products course to build a predictive text product they can show off to their family, friends, and potential employers.

Ik ben benieuwd. De MOOCs binnen deze specialisatie waren tot nu toe heel gemakkelijk te plannen en in de meeste gevallen ook best makkelijk. Natuurlijk, ik moest er steeds goed voor gaan zitten en het uitvoeren van de projecten vergde stevig uitzoekwerk en toch de nodige uurtjes. Maar ja, ik doe het om er wat van te leren en het was nooit té moeilijk of niet haalbaar. Dus wie weet valt ook dit wel mee. Leerzaam was het in ieder geval voor mij wel.

aug 312014
 

Er zijn een aantal MOOCs die ik de laatste tijd intensief gevolgd (en afgerond) heb, andere volg ik op een afstandje. Een daarvan is Learning tto Teach Online. Vandaag zat ik door een paar van de video’s te bladeren en kwam bij het onderdeel over “Open and Institutionally Supported Technologies” (aanmelden kan overigens nog gewoon tijdens de looptijd, dus je kunt het onderdeel ook zelf helemaal bekijken) met een paar filmpjes over de technologie die je als docent kunt gebruiken in je onderwijs.

Daarbij komt ook het onderscheid “Learning management system or the open web?” uitgebreid aan bod. En het gaf me enerzijds een wat ongemakkelijk gevoel, anderzijds moest ik er ook wel weer om glimlachen. Het liet namelijk weer maar eens zien hoe gekleurd we in het onderwijs allemaal (ik vast ook) zijn als het gaat om ondersteunende systemen bij het verzorgen van lessen.
En voor de duidelijkheid: ik denk niet dat er écht onjuistheden in hun verhaal en in de video’s zitten. Uiteraard niet. Kijk maar naar bovenstaande video. Die is mooi samengesteld uit citaten van mensen uit de praktijk. Wel in individuele zinnen opgeknipt en in de gewenste volgorde gezet, maar het zijn citaten.
Bij bovenstaande video hoort ook een PDF die je hier kunt downloaden/lezen.

Waarom de nekharen?
Nou, bijvoorbeeld omdat Moodle en Blackboard op één hoop gegooid worden, die van de institutionele (gesloten!) leeromgevingen. Ik denk dat heel wat Moodle ontwikkelaars het daar heel erg mee oneens zullen zijn. Het komt waarschijnlijk omdat ze bij de University of New South Wales in Australië gebruik maken van Moodle als institutionele leeromgeving.
Of om de bewerking dat auteursrechtregels in een institutionele leeromgeving ‘meestal’ flexibeler zijn (met betrekking tot uitzonderingen voor het onderwijs) dan in een ‘open web’ omgeving. Of ‘nadelen’ van institutionele omgevingen in de vorm van “Choice: Some staff prefer the autonomy of delivering the course content in a manner or environment they feel is appropriate rather than using a prescribed one“. Ik denk dat dit nog wel de sterkste “haren in de nek die omhoog gaan staan” gevoelens geeft: “prescribed” (voorgeschreven) versus “appropriate” (geschikt), en ook de impliciete veronderstelling dat wat de docent geschikt acht toch wel beter moet zijn dan wat de onderwijsinstelling “voorschrijft”.

Betekent overigens niet dat ik negatief ben over de MOOC. Zo gaat het onderdeel over “Planning Online Learning” heel goed over de afweging tussen didactiek en technologie. En ook op hun website vind je heel wat bronnen en informatie. Die site is hoe dan ook de moeite van het doorbladeren waard.

aug 282014
 

MOOC completion rate De titel van dit bericht is wat lang, maar het maakt meteen duidelijk waarom ik deze dia hier links uit de presentatie van Brian Caffo gelicht heb.
De presentatie zelf is ook zonder audio en verdere toelichting interessant om even door te bladeren. Maar de cijfers geven wel maar weer eens aan hoe scheef de verhoudingen liggen: 17.000 aanmeldingen, 10.000 deelnemers, 196 die uiteindelijk een Statement of Achievement verkrijgen. Daar zijn er dan weer 129 van bereid om $49,- per persoon te betalen, in totaal dus $3.741,- waarbij ik dan weer even niet weet hoeveel Coursera daarvan krijgt en hoeveel de Universiteit.
Voor het geld hoeven ze het dus ook bij deze MOOC nog niet te doen.

Twitterarchief 26-08-2014

 Gepubliceerd door om 06:04  Twitterarchief
aug 272014
 

 

En zo te zien geldt de UPC prijsstijging niet voor iedereen.

aug 272014
 

Shakespeak Ik was/ben geen regelmatige gebruiker van Shakespeak. Maar ik heb er de afgelopen jaren wel intern en extern van tijd tot tijd reclame voor gemaakt en beschreven als goedkope optie voor als je af en toe behoefte had en stemmogelijkheden. Daarom was ik nogal onaangenaam verrast dat ze nu hun betaalmodel gewijzigd hebben. Ik kwam de mail tegen bij het wegwerken van wat achtergebleven vakantiemail. Ik zie dat ik in juli er ook al een mail over gehad heb, kan er niets over vinden op het Twitter-account van Shakespeak en uiteraard niet op de website.

Concreet komt het er op neer dat Shakespeak voorheen werkte met een systeem van credits. Je kocht een aantal credits, voor onderwijsinstellingen kreeg je zelfs 50% korting ten opzichte van de reguliere aanschaf, en die credits waren onbeperkt houdbaar (lees: er stond nergens dat er een houdbaarheidsdatum op zat). Als je Shakespeak wilde gebruiken dan maakte je een sessie aan en het aantal gebruikers dat daadwerkelijk verbinding maakte, bepaalde hoeveel credits je gebruikte: 10 gebruikers – 10 credit, 70 gebruiker – 70 credits.
Een credit kostte, beetje afhankelijk van hoeveel je er tegelijkertijd kocht zo’n 7-8 cent. Heel goed te doen dus.

Dat model hebben ze nu los gelaten bij Shakespeak. Inderdaad, je kúnt nog steeds een licentie afsluiten voor één dag. En tot 20 gebruikers is dat nog steeds gratis. Wil je 70 gebruikers dan kost je dat nu €8,- (11,5 cent per gebruiker), ook dat is nog niet eens zo veel meer.
Maar het liefst richten ze zich nu op de reguliere gebruikers, de onderwijsinstellingen/docenten die Shakespeak vaak gebruiken en een maand of jaarcontract afsluiten. Die zijn dan niet op basis van daadwerkelijk gebruik maar op basis van met maximum aantal gebruikers dat bij een peiling toegang krijgt. Die 70 gebruikers kosten dan €32,- per maand of €320,- per jaar.
Dat zal ongetwijfeld voordelig zijn als je grootgebruiker bent en ik verwacht ook niet anders dan dat Shakespeak aangeeft dat dit voor het gros van hun klanten voordeliger is.

Niet voor mij. En al helemaal niet omdat de oude credits vanaf 1 september a.s. niet meer geldig zijn. Ze vervallen niet ‘automatisch’, nee ik krijg een code die me €50,- korting geeft (dat is de waarde die mijn huidige credits hebben) op een volgende aanschaf bij Shakespeak. De code moet ik dan wel vóór 1 oktober 2014 gebruiken en ik kan hem slecht één keer gebruiken. In praktijk betekent het dat ik nog één maand voor maximaal 250 gebruikers toegang kan ‘kopen’. Ik kan het bedrag namelijk niet over meerdere maanden uitsmeren.
Dus…is er nog iemand die voor 1 oktober (of begin oktober) 2014 een evenement heeft waar hij/zij met veel mensen gebruik wil maken van Shakespeak? Dan kun je je bij mij melden. Dan doneer ik je mijn persoonlijke code voor die €50,-

Voor mij gaat Shakespeak op de stapel tools die leuk waren om te gebruiken zolang het duurde…. :(

aug 262014
 

Campus_TechnologyIn het augustus nummer van het gratis online tijdschrift Campus Technology is dit keer een uitgebreide bijdrage te vinden over Open Educational Resources (OER).

Aan bod komen onder meer mythes met betrekking tot OER, tips voor gebruik, redenen om OER te gebruiken, sites voor OER gebruikers, ideeën om OER te verspreiden, en OER formaten en licenties.
Het is zeker geen uitputtende bijdrage, eigenlijk meer een compact overzicht om te bewaren.

En als je dan toch aan het lezen bent: een stukje verderop staat een eveneens interessant artikel over (een poging tot) het operationaliseren van credits die je voor een MOOC kunt krijgen, inclusief een poging tot een break-even of financiële winstanalyse.

Tip: vind je het online formaat niet handig om te bewaren, dan kun je de bijdrages ook naar PDF printen en zo lokaal opslaan of in je reference manager bewaren!

aug 252014
 

Jawbone OK, ok, dat was wellicht een beetje té flauwe filmverwijzing in de titel, maar toen ik in de reacties bij het bericht op Engadget dingen las als “Creepy? Hell yes!” moest ik toch wel even glimlachen.

Goed, iets meer uitleg: gisterenochtend vond er in Noord-Californië een stevige aardbeving plaats. Serieus genoeg. Maar bij Jawbone, makers van o.a. de Jawbone Up dachten ze: “hé daar kunnen wij wat mee!”. “We kunnen laten zien wat de kracht van ons systeem is!”.
Hoe zul je denken? Nou, de Up geeft namelijk (o.a.) automatisch je slaap-info door aan Jawbone. En nou heb ik geen Up, dus ik heb geen idee wat er precies in de algemene voorwaarden staat, maar er zal ongetwijfeld iets in staan of het door Jawbone mogen gebruiken van die data voor statistische doeleinden of zo.
Dat hoop ik tenminste voor ze, want dat hebben ze namelijk wel gedaan. Ze hebben bovenstaande grafiek gemaakt (op hun site is hij interactief) waarmee ze laten zien dat mensen (met een UP) wakker worden naar aanleiding van de aardbeving. De lijntjes geven de afstand tot het episch centrum aan. Logisch (en duidelijk zichtbaar) is dat mensen van de mensen die er dichter bij wonen (die voelen de schok ook harder) een groter percentage wakker wordt.

Eigenlijk is hier privacytechnisch helemaal niets aan de hand. Er zijn geen individuele gebruikers te herleiden uit de grafieken. Ik denk dat ook in Nederland geen enkele privacywaakhond hier over zou vallen (toch?). Maar hoeveel gebruikers van de Up zouden zich (tot vandaag) niet gerealiseerd hebben dat Jawbone “zomaar” toegang heeft tot *hun* data?
En is het eigenlijk wel *hun* data of hebben ze het gebruiksrecht van die data afgestaan aan (o.a.) Jawbone?
Ik weet wel dat het voor mij nog wel even een reden zou zijn om de kleine lettertjes er bij te pakken als ik een Up had. Niet dat het voldoende reden zou zijn om (principieel) geen Up te gebruiken, maar ik zou wel even willen weten wat Jawbone nou ook al weer nog meer met *mijn* data zou mogen.