jul 022020
 

Een dikke anderhalve week geleden verscheen op ScienceGuide een opiniestuk van Theo Bastiaens, rector magnificus van de Open Universiteit. In dat stuk ging hij in op online onderwijs tijdens de COVID-19 crisis, de vraag of we daar als onderwijs wel goed genoeg op voorbereid waren, welke lessen we daar uit moesten trekken. In datzelfde stuk stond hij ook stil bij een discussie die niet aan COVID-19 verbonden is, maar waar hij al eerder een standpunt over innam dat afwijkt van in ieder geval een aantal van zijn collega’s in het onderwijs.

Het HAN-magazine SAM vroeg mij of ik vanuit mijn rol als associate lector op het opiniestuk wilde reageren waarbij het uiteraard ook ging over de vraag hoe we er bij de HAN nu voor staan en of ik het met Theo Bastiaens eens ben.

Mijn antwoorden op de vragen die SAM me stelde kun je hier online lezen.

De titel boven dit bericht geeft al een duidelijke indicatie van wat je in het interview bij SAM kunt lezen: zoiets als de corona-crisis hadden we nog nooit eerder meegemaakt, dus ik vind niet dat ons te verwijten valt dat we er als onderwijs digitaal niet klaar voor waren. Maar nu is wel de tijd om te professionaliseren op dit gebied. Bij een volgende crisis hebben we geen enkel excuus meer. Maar zelfs al komt zo’n crisis nooit meer, dan nog zou het zonde zijn als we niet deze ervaringen gebruiken om te zoeken naar een juiste mix van online aanbod en zaken die we juist niet online willen doen. Niet omdat het niet anders kan vanwege een crisis, maar omdat we daarmee beter onderwijs voor onze studenten (of leerlingen) kunnen bieden.
En dat geldt niet alleen voor de HAN, dat is een oproep aan alle collega’s in het onderwijs!

 

TeacherTappNL

 Gepubliceerd door om 08:18  Algemeen, Microblogging, Onderwijs, Onderzoek
jun 152020
 

TeacherTapp is een app voor iOS en Android die oorspronkelijk uit het Verenigd Koninkrijk afkomstig is. Sinds kort is er/wordt er gewerkt aan een Nederlandse/Nederlandstalige variant. Er is zo te zien nog geen website van, maar wel een Twitteraccount. Het Nederlandse deel van de app wordt onderhouden door het Expeditieteam Lerarenagenda.

Via de tweets van dat account is te lezen dat de app sinds vorige week getest wordt door een groep van zo’n 30 leraren/docenten. Dat daar nogal een bias in die groep zit zal uit de antwoorden uit de screenshot wel helemaal duidelijk worden. De Engelse variant heeft ruim 8.000 gebruikers, dan kom je al een stuk verder. Al verwacht ik ook dan dat de percentages bij dit soort vragen hoger liggen dan bij de hele populatie. Immers, het zijn leraren die uit zichzelf zo’n app installeren en er bewust in participeren. Dan heb je, naar verwachting, niet zomaar een verzameling die representatief is voor de gemiddelde leraar. Zeker niet als het gaat om ict-gerelateerde vragen. Al zou het natuurlijk een stukje extra onderzoek waard zijn om te proberen te achterhalen of het genoeg afwijkt om een probleem te zijn.

Voor vragen als “hoe komt jouw school uit de COVID-19 lockdown?” (de link gaat naar de analyse van de Britse antwoorden) hoeft dit natuurlijk geen enkel probleem te zijn.
Ook interessant is de mogelijkheid voor leraren om zelf vragen in te dienen die dan gesteld worden. Dat lijkt me ook voor onderzoekers de moeite waard.

Kortom, interessante app. Ik heb me aangemeld voor een account. Netjes aangegeven dat ik op dit moment een onderwijstaak heb. Op dit moment krijg ik nog Engelstalige info, mijn validatiecode kwam ook niet zomaar via de mail, dus ik weet niet of ik dat in mijn profiel (dat nu nog niet toegankelijk is) kan aanpassen.
Via de tweets kan ik al meekijken, dat is voor nu voor mij ook al even genoeg.

 

 

jun 092020
 

Door de jaren heen hebben al heel wat mensen geëxperimenteerd met het gebruik van xAPI om data over het leergedrag vast te leggen. Een plek waar ze daar het nodige over schrijven is bij Watershed, een leverancier van Learning Record Stores (LRS) en Learning Analytics analysetools.

Het bericht waar ik het nu over heb is al van even geleden, maar nog steeds relevant. Het beschrijft hoe de auteur een (test-) applicatie in Virtual Reality (VR) gebouwd heeft voor gebruik als trainingsmiddel binnen een organisatie. De opdracht is simpel: identificeer de gevaarlijke situaties (“industrial safety hazards”) die je ziet.

Lees verder….

jun 042020
 

Dit wordt weer eens zo’n “ik moet het even opschrijven want morgen ben ik het anders weer vergeten, maar dat betekent ook dat het waarschijnlijk niet de meest gestructureerde blogpost wordt” blogpost.

Voor een van de samenwerkingsverbanden (Allyoucanlearn) ben ik, samen met JaapJan Vroom van het Deltion College bezig met een deelproject waarbij we een demonstrator realiseren om met docenten en studenten in gesprek gaan over het gebruik van learning analytics ten behoeve van het ondersteunen van het leerproces van de studenten.

Dat doen we op basis van xAPI en de open source editie van de Learning Record Store (LRS) genaamd Learning Locker. We koppelen o.a. content die met de open source omgeving Xerte Online Toolkit (XoT) bij Deltion is ontwikkeld en die via het Allyoucanlearn platform wordt aangeboden. Het gebruiksscenario daarbij is dat bijvoorbeeld een student bij Deltion de module via het Allyoucanlearn platform benadert, terwijl de content bij Deltion op de XoT-server staat, de gebruiksinformatie (welke onderdelen heeft de student bekeken, welke vragen gemaakt etc) in de LRS van Allyoucanlearn wordt opgeslagen, maar dat de data van studenten en medewerkers van Deltion automatisch wordt doorgestuurd naar de eigen LRS van Deltion waar ze dan ook beschikbaar zijn voor Deltion om, indien gewenst, te combineren met andere interne data. De afbeelding hierboven geeft dat schematisch weer.

Daarbij willen we de studenten via dashboards overzicht geven op hun eigen studiegedrag, over verschillende modulen heen, zowel modulen die ze bij Allyoucanlearn vinden als andere modulen. De docent van Deltion krijgt via een dashboard inzicht in zijn/haar studenten voor het betreffende vak. Vanuit Allyoucanlearn kan dan (anonieme) gebruiksinformatie bekeken worden over het gebruik van de verschillende modulen op het platform door de verschillende (soorten) gebruikers, zowel van partners als anderen.

Als je nu al afgehaakt bent, dan snap je waarom we dit via een demonstrator moeten laten “zien” aan mensen voordat we überhaupt met ze in gesprek kunnen gaan over de informatie die ze op de betreffende dashboards in de verschillende scenario’s willen hebben.
En ik moet het opschrijven als een soort werknotities om over 2 weken (of over 2 dagen) nog terug te kunnen lezen hoe de verschillende onderdelen samenwerken.

Lees verder….

feb 052020
 

Ik was er gisterenavond via Twitter (uiteraard) al heel trots over, maar het verdiend hier natuurlijk ook een (net wat uitgebreider) plekje dan daar. Gisterenavond waren op de middelbare school van onze jongste de presentaties van de Profielwerkstukken. Hele school vol met trotse ouders die naar de duo’s kwamen luisteren (havo en vwo) die in hele korte tijd (10 minuten) hun onderzoek mochten presenteren.

Lees verder….

aug 282019
 

Gezichtsherkenning is hot. En iedereen kan het: met een kleine ESP32 kom je al een heel eind. In China doen ze het gewoon, in Zweden dachten ze dat een klein experiment met een klas van zo’n 20 studenten geen kwaad zou kunnen. Ze wilden uitproberen of een camera met gezichtsherkenning goed kon werken als vervanging voor de dagelijkse “roll call”, het handmatig bijhouden van de aanwezigheid van studenten bij de hogeschool. Natuurlijk vroegen ze wel netjes de studenten om toestemming voor deelname aan het experiment dat zo’n 3 weken zou duren.

De Zweedse Datainspektionen dienst leerde via de media van het experiment en ging op onderzoek uit.
Conclusie: het vragen van toestemming aan studenten was hier onvoldoende grondslag omdat er sprake is van een afhankelijke relatie tussen de student en de school (bron).

De boete die de school kreeg “viel nog mee”, het was een bedrag van  €19.000 (200.000 SEK). Het maximale boetebedrag had 5x zo hoog kunnen zijn. Maar het geeft wel aan dat ook bij onderzoek naar dit soort technologieën, waarbij gevoelige biometrische data van studenten opgeslagen wordt, je heel goed vooraf moet nadenken over hoe de data opgeslagen wordt, hoe lang hij bewaard wordt én de wijze waarop je toestemming voor deelname kunt/moet verkrijgen.

Het scheelt je waarschijnlijk ook heel wat onderzoek, want in dit geval is wel duidelijk dat in Zweden (ik neem aan in heel Europa) het gebruik van gezichtsherkenning voor het bijhouden van aanwezigheid van studenten dus uit den boze is. Want als je dit structureel in wilt voeren dan loop je tegen het probleem aan dat je niet kunt volstaan met het vragen van toestemming omdat studenten dan niet/nauwelijks kunnen weigeren.

Het is ook wel grappig want enerzijds kan ik me de publieke verontwaardiging hierover helemaal voorstellen (“dat doe je toch ook niet!”) en als je het artikel over de voorbeelden in China leest dan wíl je waarschijnlijk gewoon ook niet met dit soort technologie in de klas aan de slag.
Maar van de andere kant kan ik me ook indenken hoe de redenatie in Zweden was: “we houden nu toch ook de presentie van studenten bij, waarom dat niet eenvoudiger maken door het automatisch te doen, is toch voor iedereen prettiger?”.  😉

(getipt door The Next Web)

jun 032019
 

Zoals we in Nederland Kennisnet en SURF/SURFnet hebben, zo heeft het Verenigd Koninkrijk Jisc (Ooit was het JISC maar net als bij SURF dekt de oorspronkelijke betekenis van de afkorting de lading van de diensten niet echt meer). En ook Jisc heeft een model opgesteld voor de digitale geletterdheid van studenten en docenten: het Jisc digital capabilities framework (PDF). Als je in Nederland met digitale geletterdheid bezig bent, dan is het hoe dan ook handig om ook het Jisc model eens te bekijken, maar deze blogpost gaat niet zozeer of dat raamwerk, maar over een ander onderdeel van het dienstenaanbod, de Jisc Student Digital Experience Survey

De dienst bestaat uit een online vragenlijst waar ik helaas niet aan kan omdat toegang beperkt is tot alle FE/HE (Further Education / Higher Education) instellingen in het Verenigd Koninkrijk.
Maar naar aanleiding van de ervaringen van de afgelopen tijd heeft Jisc, samen met de NUS (National Union of Students) inmiddels ook een roadmap opgesteld, en die is wel als PDF te downloaden door iedereen (PDF).

Hierboven zie je een voorbeeld van de informatie in de roadmap. Het idee is dat je als onderwijsinstelling met de verschillende betrokkenen (dus ook studenten!) rond de tafel gaat zitten om te kijken hoe het staat met de ondersteuning van de studenten op de verschillende gebieden. Sta je als onderwijsinstelling nog aan het begin, zijn er al stappen gemaakt, doe je het al heel goed?
Ik kan me voorstellen dat het voor een onderwijsinstelling heel spannend is om dit te doen. Wat als je overal slechts de basale ondersteuning biedt? Wat gaat het je kosten (aan inspanning) om de andere doelen te halen? Wat moet je doen om je docenten zover te krijgen dat zij hun rol hierbinnen kunnen vervullen?
Maar juist daarom vind ik het ook wel een interessante aanpak. Voorzieningen en ondersteuning niet langer als iets extra’s waarbij een student blij mag zijn als dat er is, maar als een basisvoorziening waarover je met je studenten in gesprek gaat.

dec 142018
 

12 maanden verschil

Bij Wilfred Rubens kwam ik mezelf gisterenavond tegen als onderdeel van de introductie van een blogpost getiteld “Stemgestuurde digitale assistenten en leren“. In het bericht (dat je natuurlijk het beste ook zelf eerst even kunt lezen) reageert Wilfred op zijn beurt op twee online berichten, eentje getiteld “Hey, Google, Alexa, Siri and Higher Ed” van Ray Schroeder en de ander heet “Using Amazon Alexa for the Math Classroom” van Matthew Lynch.

Centrale vraag daarbij is eigenlijk hoe / of we als onderwijsinstellingen zouden moeten omgaan met de toegenomen belangstelling (ook in Nederland) voor spraakgestuurde assistenten zoals die Google, Siri van Apple en Alexa van Amazon.
Zoals Wilfred altijd doet, maakt hij een tamelijk zakelijke en objectieve samenvatting van de berichten. Dat is fijn, want zelf zou ik ze waarschijnlijk anders nooit gelezen hebben. Ray Schroeder bijvoorbeeld begint zijn verhaal met een vergelijking van hoe zijn 7 jaar oude kleinzoon het altijd van hem wint als er vragen beantwoord moeten worden. Waarom? Tja, je kunt het wel raden: die kleinzoon begint met “Hey Google….”. Halverwege het bericht komt hij dan uit bij:

How far away are we from a full synthesis of emerging capabilities to do original research and writing — all triggered by a voice command? Not far. And, one has to ask, how does the advent of this technology impact the way in which we teach? Do we need to re-examine our pedagogies in light of very smart assistants?

Daarna introduceert hij een nieuw fancy begrip: voice engine optimization (VEO) als tegenhanger van search engine optimization. Kortom, het bericht heeft echt alles in zich dat er voor zorgt dat sommige mensen het een super bericht zullen vinden (en een waarschuwing / signaal voor de te volgen weg) en anderen op hun achterste benen zullen staan als het gaat om weer zo’n technoloog die de toekomst van onze kinderen wil verpesten met een stuk niet onderzochte technologie.
Het artikel van Matthew Lynch steekt daar heel veilig tegenover af met een aantal voorbeelden van hoe je Alexa in de klas kunt inzetten.

OK, zoals gezegd: goed dat Wilfred het samenvat, want dat maakt het mogelijk om te kijken naar de punten die hij er uit haalt, dat maakt het voor mij een stuk gemakkelijker om inhoudelijk te reageren.

Lees verder….

mei 272018
 

Ik kan de video helaas niet embedden, maar bij Engadget staat een interessant filmpje van net iets meer dan 10 minuten over de geschiedenis van “motion-capture”, het vastleggen van bewegingen van mensen naar animaties of door de computer gegenereerde video.

Die technologie werd (ruim) 100 jaar geleden voor het eerst toegepast door Max Fleisher en heet Rotoscoping, in de jaren 60 gevolgd door de ANIMAC van Lee Harrison III. Daar is overigens wél een filmpje over op Youtube te vinden:

Ook toen hadden ze al van die coole pakken aan tijdens het capturen. Belangrijkste verschil is natuurlijk de opkomst van veel en veel snellere computers, het gebruik van de GPU (de grafische chip) voor berekeningen. Een ander bedrijf dat in veel films (onzichtbaar) te zien is, is VICON dat in 1984 in Oxford in het Verenigd Koninkrijk opgericht is. Het filmpje bij Engadget laat zien hoe we uiteindelijk terecht zijn gekomen bij betaalbare motion-capture die realtime resultaten op kan leveren. Het Obama-filmpje waar je hier meer over kunt lezen komt in het artikel ook nog even voorbij als voorbeeld van niet echt heel gewenst gebruik van zulke technologie.

Zeker 10 minuten waard als je in het kort wilt zien wat er nodig was en wat er inmiddels al kan. Wat er volgend jaar kan? Als we de experts mogen geloven dan wordt het alleen maar beter en goedkoper. En dat is ook goed voor het onderwijs en de gezondheidszorg. Want daarvoor is het ook betaalbaar geworden.

 

 

apr 092018
 

Nee, ik ben niet boos. Maar veel andere mensen blijkbaar wel. En ik snap het ook wel een beetje. Padlet heeft namelijk onlangs haar gratis aanbod drastisch naar beneden bijgesteld.

Als nieuwe gebruiker mag je nu nog maar 3 padlets aanmaken in het gratis plan. Voor bestaande gebruikers ligt het er aan hoe veel bestaande padlets je al had. Ik heb geluk, mijn quotum ligt op 41 padlets. Wil ik er meer dan moet ik overstappen op het betaalde plan.

Weer een bedrijf dat gaat voor het grote geld? Nou, niet echt. ik werd via Richard Byrne gewezen op de uitgebreide uitleg van de baas van Padlet (en toen pas zag ik dat voor nieuwe gebruikers het aantal zo laag lag). Een van de dingen die in het bericht staat is dit:

We are a 6 person company of 5 super talented people: 3 engineers — SY, Linh, and Colin; 1 designer — Gerard, 1 support person — Carla. And then there’s me. Close to 10 million people come to Padlet every month. That’s 3 million people for every engineer to support every month. Carla answers over a 100 emails every day.

Oef. Dat zijn heel weinig mensen om een dienst betrouwbaar in de lucht te houden, gebruikers te ondersteunen en functionaliteit toe te voegen.

[…]

Je ziet het niet aan de blogpost, maar terwijl ik hem zat te typen realiseerde me dat ik meer wilde doen dan alleen de makers een hart onder de riem steken middels dit bericht. Dus heb ik mijn account omgezet naar een betaald account. Hoeveel jaar ik die $99 per jaar wil betalen? Geen idee. Maar minimaal voor het eerste jaar.
En eigenlijk is het simpelweg te hopen dat voldoende andere mensen dat ook doen. Lees de uitgebreide uitleg, beslis voor jezelf.
Ik gebruik Padlet soms een maand of twee niet, maar als ik snel een overzicht van bronnen wil maken dat er ook aantrekkelijk uitziet als je deelt, dan wel. Bijvoorbeeld deze: https://padlet.com/PiAir/lasersnijden

Daarom dus.