jul 012017
 

Als ik op Google zoek op “van gelijk hebben naar gelijk krijgen” kom ik ook berichten tegen met titels als “Wil je gelukkig zijn of gelijk krijgen?” die niet helemaal hetzelfde bedoelen als wat ik wilde zeggen. De aanleiding is dit bericht getiteld “Why mythbusting fails: A guide to influencing education with science“. Het bericht trekt een analogie tussen de discussie over klimaatverandering en de discussie over leerstijlen. Je weet wel, dat ding waar “alle” docenten van volhouden dat ze wel bestaan en “alle” onderzoekers roepen dat ze niet bestaan. En het lukt onderzoekers maar niet om die koppige docenten te overtuigen. Er zijn boeken over geschreven en open brieven ondertekend door heel veel knappe koppen over in de krant gezet.

Begrijp me niet verkeerd: ik heb de onderzoeken gelezen, ken de boeken die precies het tegendeel beweren (dat je wél rekening moet houden met “leerstijlen”) en net als bij de discussie over klimaatverandering zit ik aan de kant van de wetenschap. En ondanks dat, en ondanks het feit dat ik geen docent (meer) ben, heb ik moeite met de manier waarop de boodschap over leerstijlen vaak gebracht wordt.  Het artikel op Deans for Impact betoogt dat de huidige manier van “uitleggen” van de boodschap door onderzoekers juist meer leidt tot polarisering en hakken in het zand gedrag dan dat het helpt.

Er worden in het artikel een aantal zaken gesteld:
1) wat is het nou precies waar leraren in geloven en waarom?
Als een leraar gelooft dat er verschillen zitten in de manier waarop kinderen leren is de kans aanwezig dat ze dat een leerstijl noemen. Of ze dan automatisch bedoelen dat een leerling 1 leerstijl heeft die altijd constant is én dat ze daar altijd op in moeten spelen, is dan een heel andere vraag. Zinvol om helder te krijgen.

2) welke wetenschappelijke uitgangspunten moet een leraar dan wél begrijpen?
Dit gaat uit van het principe: roep niet alleen hard wat niet juist is, laat ze ervaren wat wél werkt. Want je laat het ene idee niet los als je er geen beter idee/aanpak voor in de plaats hebt.

3) Zorg voor mogelijkheden om te oefenen!
Denk na over manieren waarop leraren de mogelijkheid en ruimte krijgen om zelf oefenen met manieren waarop ze in de klas / op school effectief om kunnen gaan met de verschillen tussen leerlingen.

Drie verstandige uitgangspunten wat mij betreft.

(getipt door Willem van Valkenburg)

Deel dit bericht:
jun 202017
 

Tweakers weet te melden dat Intel alweer de stekker trekt uit de hele familie IoT borden die het bedrijf aan het introduceren was: Voor alle bordjes op basis van de platforms Galileo, Edison en Joule geldt dat ze nog tot 16 september te bestellen zijn. Ook daarna kunnen bestellingen geplaatst worden, maar die orders kunnen dan niet meer gewijzigd of teruggezonden worden. Uiterlijk 16 december zal Intel de laatste ontwikkelbordjes leveren. Aldus de site.

In de reacties eronder doen Tweakers leden pogingen om een verklaring te vinden voor deze stap. Intel heeft zelf namelijk geen verklaring gegeven. Het is natuurlijk niet voor het eerst dat een groot bedrijf rigoureus snijdt op het moment dat blijkt dat een bepaalde productlijn niet zo aanslaat als verwacht (of nodig). Ik zie het niet als een signaal dat de “IoT hype” voorbij is.
We gaan het zien. Het zou natuurlijk ook niet voor het eerst zijn dat een bedrijf met de omvang van Intel volgend jaar (of een jaar later) dan opeens met een ander concept komt. Dat dit een eerste pilot was die zijn doel gediend heeft.

Deel dit bericht:
jun 182017
 

Toen ik de vraag kreeg wat ik van de Sanbot en haar bruikbaarheid voor het onderwijs vond was mijn eerste reactie dat ik daar nog helemaal niets van vond. Want ik kende de robot helemaal nog niet.

Nu, na het wat verder duiken in de schaarse beschikbare informatie, weet ik het eigenlijk nog steeds niet zo.

Wat ik weet:

  • Het is een robot van het bedrijf Qihan Technology Co. Ltd uit China;
  • Ze is redelijk betaalbaar, zo’n $6.000,- al weet ik niet wat de cloud-connectivity die mogelijk is zou moeten kosten;
  • Er bestaat een integratiemogelijkheid met Watson van IBM, dat zou interessante gebruikscenario’s moeten kunnen opleveren waarbij je niet afhankelijk  bent van de verwerkingskracht van het apparaat zelf;
  • De Sanbot sprak eerste Chinees en heeft daarna Engels geleerd, dat lijkt soms nog wat moeite te kosten, ook op andere plekken, want bij de ontwikkelaarspagina’s lijken de pagina’s nog niet helemaal vertaald;
  • Het kan aan mij liggen, maar het uiterlijk van de robot doet me een beetje aan Mrs. Doubtfire denken.

Lees verder….

Deel dit bericht:
jun 132017
 

We hebben het druk! En daarom zijn we voor het iXperium/Centre of Expertise Leren met ict per direct op zoek naar een:

Praktijkgerichte (senior) onderzoeker  –  (0,8-1,0 fte)

Praktijkgerichte junior onderzoeker – (0,8-1,0 fte)

Klik op de links voor de officiële beschrijvingen en kom dan even hier terug. Goed, dan heb je de officiële beschrijvingen gelezen, waarom vind ik het nog steeds een super plek om te werken?

Waarom?
Het helpt natuurlijk als je, zoals ik, op zijn minst een bepaalde interesse in leren met ict hebt. En betekent zeker niet dat je elk weekend met Arduino’s aan de slag moet zijn. Integendeel, dat is ook voor mij hobby en achtergrondmateriaal. Maar het helpt wel als je je wat kunt voorstellen bij het gebruik van ict door een docent om leerprocessen te ondersteunen. En wellicht ook wel welke ict-vaardigheden een docent of een student/leerling moet hebben om goed te kunnen functioneren op school of later in de praktijk. En natuurlijk hoe onderwijs werkt (of juist niet) en hoe je het gebruik van leren met ict kunt/moet organiseren.
Moet je dan alle antwoorden al hebben op de vragen die op dit gebied leven? Nee, natuurlijk niet. Daar doen we onderzoek voor. En dan niet (alleen) vanachter een bureau, maar samen met scholen en lerarenopleiders. En die scholen komen dan zowel vanuit het primair onderwijs, voortgezet onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs. En natuurlijk werken we ook voor onze eigen hbo-instelling. Voor mij was dat een van de andere redenen om hier aan de slag te gaan: om me na mijn promotie door te kunnen ontwikkelen als onderzoeker.

Het werken voor de verschillende sectoren, op verschillende deelgebieden van leren met ict levert een mooi, maar ook soms complex geheel op van activiteiten, samenwerkingsverbanden, opdrachten, onderzoek en werkzaamheden. We zijn een echte netwerkorganisatie met partners in zowel de regio Arnhem – Nijmegen, maar ook in Oss, Roosendaal, Apeldoorn, Doetichem en een tiental andere plekken in Nederland. Waarbij je soms met docenten en studenten samenwerkt in multidisciplinaire teams als ze onderwijs herontwerpen en op andere momenten onderzoek doet waarbij basisschoolleerlingen aan de slag gaan met programmeren of robots. Een senior onderzoeker zal het overzicht over de verschillende niveaus hebben, tussen die niveaus kunnen schakelen, met de verschillende partijen kunnen praten, lijnen mee uitzetten etc.

Lees verder….

Deel dit bericht:
jun 102017
 

Via de site van het NRO kwam ik bij het peilingsonderzoek Natuur en Techniek. Ik citeer even wat het NRO er zelf over schrijft:

De Inspectie van het Onderwijs publiceerde op 31 mei 2017 als onderdeel van Peil.Onderwijs het peilingsonderzoek Natuur en Techniek. Peil.Natuur en Techniek geeft inzicht in het aanbod van basisscholen, de prestaties van leerlingen in groep 8 en de trends ten opzichte van de vorige peilingen in 2008 en 2010. Het biedt tal van aanknopingspunten voor een brede dialoog over de inhoud, kwaliteit en het niveau van het onderwijs in Natuur en techniek.

Het gaat dus over Natuur en Techniek in het basisonderwijs, niet in het voortgezet onderwijs.

Ik heb nog niet alles doorgelezen, je kunt wellicht het beste beginnen met het filmpje:

Dan is er de samenvatting met een aantal toch wel opvallende conclusies, die wellicht ook voor onderwerpen als ict-geletterdheid, programmeren of computational thinking gelden.
Zoals bijvoorbeeld:

  • De kennis van leerlingen op het gebied van biologie en natuurkunde en techniek is ten opzichte van 2010 gelijk gebleven.
  • Er zijn grote verschillen in kennis, onderzoeks- en ontwerpvaardigheden tussen hoogvaardige en laagvaardig leerlingen. De verschillen in prestaties lijken vooral samen te hangen met (algemene) leerlingkenmerken en niet of nauwelijks van de aanpak van de school zoals in dit onderzoek gemeten.
  • Niet heel verrassend: Over het algemeen is de attitude van jongens ten aanzien van Natuur en Techniek positiever dan die van meisjes. Jongens hebben hier meer plezier in, willen er in de toekomst vaker iets mee gaan doen en vinden Natuur en Techniek gemakkelijker dan meisjes. Het algemeen belang van Natuur en Techniek vinden jongens en meisjes even groot.
  • Jongens presteren significant beter dan meisjes op de kennistoets; meer in het bijzonder op de opgaven voor Natuurkunde en techniek en (Natuurkundige) Aardrijkskunde.
  • Leerlingen op voorhoedescholen scoren vrijwel hetzelfde op de kennistoets als leerlingen op representatieve scholen en iets lager op de praktische opdrachten. Ook hun houding tegenover Natuur en Techniek is nagenoeg gelijk.

Je kunt ook de samenvatting van het gesprek met de focusgroep online lezen. Ook daar wel wat kritische noten die breder relevant zijn, zoals:

  • ‘De kerndoelen zijn te ingewikkeld geformuleerd en zijn lastig te operationaliseren. De vragen in de toets zijn heel specifiek. Zo staat de term ‘luchtdruk’ niet in de kerndoelen maar daar wordt wel naar gevraagd. Ook is de formulering van sommige vragen niet zo duidelijk. Mede daardoor kan het zijn dat er geen effecten van het aanbod worden gevonden op de resultaten.’

Herkenbaar als het bv gaat om het ontwikkelen van meetinstrumenten voor computational thinking!
Datzelfde geldt voor:

  • Ook voor scholen is het een uitdaging om invulling te geven aan de kerndoelen, wordt in de focusgroep gesteld. ‘Het is vaak niet duidelijk met welk doel de scholen ‘iets’ doen aan Natuur en Techniek. En dan moet je de vraag stellen:  ‘Kun je wel resultaten bij leerlingen verwachten als je met het domein bezig bent maar niet heel doelgericht?’

En een verstandig advies:

  • ‘Neem als vervolg op het peilingsonderzoek een aantal goed presterende scholen onder de loep. Observeer daar het onderwijsleerproces en interview de schoolleiding en leerkrachten. Breng in beeld wat de leerkracht daadwerkelijk doet in de klas, zodat van daaruit handvatten kunnen worden geformuleerd voor andere scholen.’

Ik ben nog aan het lezen in de rapportage en het technisch rapport, die zijn voor mij sowieso de moeite van het lezen waard omdat ook hier geldt dat de wijze van vergelijken, groeperen (bijvoorbeeld in hoogvaardige en laagvaardige leeringen) relevant is voor het onderzoek dat we zelf doen.

Interessant materiaal dus, ook als je niet direct in het basisonderwijs bij N&T betrokken bent!

Deel dit bericht:
jun 062017
 

Ik kijk al tijden niet meer live naar de grootse aankondigingen die Apple met enige regelmaat doet. Dat geldt overigens ook voor Google, Microsoft, Samsung. Ik vind het veel efficiënter om een dag erna een van de vele redelijk snel beschikbare samenvattingen te bekijken. Hierboven zie je er eentje van 10 minuten. Ik moet bekennen dat ik hem wel heel erg een compilatie van “groter, sneller, goedkoper” vond. Zo eentje die ik dan dus gerust kon missen.

Lees verder….

Deel dit bericht:
jun 052017
 

Via Adafruit kwam ik bovenstaande video van KaneFernandes Design, een 19 jarige student Product Design aan de Middlesex Universiteit in London. De titel is een beetje misleidend, er staat “360º Smartphone Camera Drone Rig using Arduino Uno & XBEE“, er wordt niet echt gebruik gemaakt van een drone, maar van de motor + propellor van een drone. Maar inderdaad, de smartphone “vliegt” om het object heen. 🙂
Daarmee is het project niet minder mooi, vooral ook omdat de video laat zien hoeveel (denk-)stappen er aan het eindproduct vooraf gaan.
De eerste versie maakte heftig gebruik van duct tape, ik kan tegenwoordig niet anders meer dan meteen aan Astrid Poot denken als ik zoiets zie, maar de volgende versie werd een stuk degelijker en technischer. Maken is zeker niet hetzelfde als wat knutselen met spullen!

Hoe dan ook, het is een mooi gedocumenteerd voorbeeld. Een van de resultaten die ermee gemaakt zijn:

Deel dit bericht:

Circuit Playground Express

 Gepubliceerd door om 07:25  Algemeen
mei 282017
 

Before the Circuit Playground Express, there was the Circuit Playground Developer Edition (now: “Classic). They look almost the same, but there are some small, yet important, differences between the two iterations (see the table with the overview). One is very important: the processor is different and the Express has got 2 MB of flash memory.

Because of this difference, the Circuit Playground Express, unlike the Classic can be programmed using this online programmer. It uses a Blockly like language, in an environment very similar to what you can use for the Micro:bit. This of course makes it more suitable for use in schools and with younger students with less experience in programming. With the Classic you had to use the Arduino environment to program it.

Another difference between the two versions is the infrared receiver and transmitter, allowing for data transmission using infrared light, similar to what the Puck.js does. It also can be used as a proximity/distance sensor. You can hear lady Ada explain how that works here.

 

Now, just as with the Classic, for me the use-cases for the Express are a bit harder to find. I can understand that it is a cool device to get children programming. And of course, a lot of the use-cases of the Micro:bit, where you attach peripherals using alligator clips and do cool stuff based on values that you measure with either the build in sensors or other external sensors. The Express then allows you to have a nice mix of programming languages: either the Blockly variant with the one-on-one switch to JavaScript in the editor and CircuitPython, the microPython fork that Adafruit is developing (see this video where Tony demos CircuitPython on the Express).

Resources for the Express are still somewhat limited, the board is still very limited in availability which was one of the reasons why I was very glad that after it actually was in stock for a couple of hours last week, it was sent and transferred from the US to Europe in exactly 7 days. Not bad. It is a bit more expensive than a Micro:bit, which you currently can buy direct in the Netherlands. We’ll see how this develops. If you’ve got any questions related to stuff that I could test with the Circuit Playground Express, let me know.

Deel dit bericht:

LoRaWAN with LoPy and KPN + Loggly

 Gepubliceerd door om 15:49  Hardware, LoRaWAN
mei 202017
 

In the Netherlands, KPN was the first to offer nationwide coverage of a IoT network based on LoRaWAN. You can read about my first tests using their Network in combination with the Marvin node in this post. Unlike with the IoT network that for example is currently being rolled out by T-Mobile, which uses NB-IoT and different hardware than The Things Network (TTN), switching a device from the TTN network to the KPN network is simple: just change the DEV_ADDR, NWK_SWKEY, APP_SWKEY values in the config.py of you Pycom LoPy to the values that are provided in the management environment of KPN (see image left). No changes in the microPython code needed. You could even have a device connect to both networks and switch between them (although you probably don’t want to do that when you’ve got a battery powered node).

KPN offers a free test period where you can test your nodes on their infrastructure without having to pay. It is what I used for my train trip last month where I used both the Marvin node (connected to KPN) and the LoPy (connected to TTN) as a way to get a feel for coverage while moving in the Netherlands.

Besides the fact that KPN offers a commercial solution, the free test version (don’t know about the paid version) has a number of differences: unlike TTN where they provide a number of integration options (Cayenne, Data Storage provided by TTN, HTTP integration, IFTTT Maker), KPN only offers HTTP integration. This means you have to provide a destination URL for an HTTPS endpoint where the data is stored. In the Marvin workshop they use Hookbin.com as a free and easy to setup endpoint. But endpoints created there only store data for a limited time. That is why I now use the free version of Loggly.com to collect the data. But of course, the data is only useful if I manage to get it from Loggly to my own local system.

A second difference is a bit of a mystery. If I used the Marvin to send data over the KPN network, the data gets encrypted by the Marvin, but automatically is being decrypted again on the KPN server. But if I use the LoPy to send data over the KPN network, the data shown in the debug console at KPN and the data received by Loggly is still encrypted.

I managed to get both challenges resolved and in this post I’ll do a write-up not of the (lengthy) process of getting to the working code, but of the end result. All code is available on Github.

Lees verder….

Deel dit bericht:
mei 192017
 

Ik ga hem niet in de categorie “onderzoek” labelen, want daar is de steekproef van vier zinnen en acht proefpersonen me net wat klein voor, hij krijgt daarom eerder het label “grappig” en het is wel een heel relevante vergelijking: hoe doen Google Home, Siri van Apple en Alexa van Amazon het op het gebied van het herkennen van vragen die in het Engels gesteld worden als je een accent hebt. Bijvoorbeeld omdat je Brit, Schot, Ier, Amerikaan, Aussie, Duitser, Italiaan of Japanner bent.

Je kunt het resultaat in het filmpje zien of hier nalezen.

Spoiler: Benedict Cumberbatch wint! 🙂

 

Deel dit bericht: