mrt 042018
 

Twitter komt weer met wat nieuws “Bladwijzers”. Ze maken het mogelijk om tweets te bewaren die je later terug wilt kunnen vinden. Eigenlijk dus wat de meeste mensen doen met de “Leuk” knop. Belangrijk verschil is dan dat een “Leuk” voor iedereen zichtbaar is en “Bladwijzers” niet.

Vreemd genoeg is de functionaliteit wel al beschikbaar in de iOS en Android app, maar nog niet op de website zelf. Je zou denken dat ze dat gelijktijdig implementeren, want bladwijzers die je op je telefoon toevoegt zijn nu niet te vinden vanaf je laptop.

Ik vind het zelf weer zo’n moeizame poging om Twitter eenvoudiger te maken. Eigenlijk een beetje zoals ze “Momenten” hebben ingevoerd:

‘Momenten’ zijn beheerde verhalen over wat er gebeurt – en die mogelijk worden gemaakt door Tweets. Het is eenvoudig om je eigen verhaal te maken met Twitter Momenten. Zodra je klaar bent, is je verhaal hier te zien.

Bij mij is dat overzicht nog leeg. Heb er nooit behoefte aan gehad (binnen Twitter). De extra privacy van een bladwijzer zal voor sommige mensen interessant zijn, anderen kunnen net zo goed de “Leuk” knop gebruiken en de auteur van de tweet (en anderen) openbaar laten weten dat de tweet de moeite van het bewaren in ieder geval waard was.

Deel dit bericht:
feb 172018
 

Goed, eigenlijk zou ik blij moeten zijn van de aanpassing die Google afgelopen week doorgevoerd heeft in haar zoekpagina voor afbeeldingen. Als onderdeel van de afhandeling van de schikking met Getty Images heeft Google namelijk toegezegd om duidelijker te maken dat er auteursrecht rust/kan rusten op afbeeldingen die je via Google kunt vinden én ze hebben de knop verwijderd waarmee je de afbeelding buiten de context van de pagina waar hij op staat kon bekijken.
En daar zou ik blij mee moeten zijn omdat dit een té handige manier voor veel docenten, studenten en mensen die in het onderwijs leermateriaal maken. PowerPoint maken met afbeeldingen? Even zoeken in Google en dan knippen en plakken in de presentatie. Plaatjes voor een verslag of een stukje (online) lesmateriaal? Idem.

Wil je die PowerPoint, dat verslag of lesmateriaal daarna breder delen dan gaat het mis. Je moet dan namelijk minimaal voor al die afbeeldingen gaan controleren of er auteursrecht op zit, of er bijvoorbeeld een Creative Commons licentie op zit etc.

Het is dus veel handiger als dat meteen al vooraf gedaan is, de nodige bronvermelding beschikbaar is etc.

Natuurlijk, wie een beetje weet hoe een browser werkt, weet dat een rechtermuisklik op de afbeelding en kiezen voor “Afbeelding openen in nieuw tabblad” genoeg is om alsnog de afbeelding te bekijken. En natuurlijk is er ook al een oplossing in de vorm van een plugin voor Google Chrome en Firefox. Handig, dat wel, maar eigenlijk zou het mooier zijn als ze duidelijker zouden aangeven wat het auteursrecht op een afbeelding daadwerkelijk is (voor zover bekend).

Dat zal niet zo gemakkelijk zijn als dat het bij Wikipedia is, maar daar heb je wel een situatie waarbij je daadwerkelijk van mensen mag verwachten dat ze op een juiste manier melding maken van het bijbehorende auteursrecht. De screenshot hieronder is van een foto van Sasha Krotov.

Ik snap het dus als mensen niet blij zijn met de aanpassing. Het zal de rechthebbenden wellicht (een beetje) tevreden stellen, maar “gewone” gebruikers zullen het zien als “lastig”.

Deel dit bericht:

Wikispaces gaat sluiten

 Gepubliceerd door om 22:42  Internet, Tools
feb 142018
 

Niets is voor altijd op het internet, zeker niet als het gratis aangeboden is. En het was al weer even geleden dat ik gebruik gemaakt heb van WikiSpaces. Deels komt dat omdat mijn account gekoppeld is aan MyOpenID en die zijn al een paar jaar uit de lucht. Ik ben toen blijkbaar vergeten mijn inlog terug om te zetten naar een “gewoon” account met als gevolg dat ik nu niet meer in kan loggen.

En nu gaat Wikispaces er ook mee stoppen, zo schrijven ze op hun weblog. De gratis wikis en klaslokalen stoppen per 31 juli 2018, betaalde (plus en super) wikis per 30 september en “private label” wikis per 31 januari 2019.

Nou is dat op zich geen vreselijk probleem, ik keek vandaag vooral op mijn accountpagina op http://ictenonderwijs.wikispaces.com/ uit nostalgie. De meeste pagina’s met links verwijzen naar plekken die op hun beurt al niet meer bestaan. Helaas gaan doordat een aantal van de wikis al offline zijn, ook een aantal van de berichten hier op het weblog die daarover gaan “kapot”. Zoals die over de DU Masterclass Social Software waar niet veel van over blijft. Gelukkig is het verslag erover op Frankwatching nog te volgen, ook al is ook die zo te zien door de jaren heen door de nodige conversies gegaan. De pagina over ebooks werkt wel nog al is ook hier veel van de info verouderd. Ik denk dan ook niet dat ik echt moeite ga doen om delen te bewaren.

Maar dat geldt vast niet voor alle Wikispaces pagina’s. Zo hoop ik dat Alan Levine toch wel een paar van zijn wikipagina’s ergens anders weet onder te brengen. Gewoon vanuit archiveringsoogpunt. Sommige dingen zijn de moeite van het bewaren waard.

Deel dit bericht:
jan 082018
 

Toen ik een week geleden schreef over het automatisch opslaan van sensordata in Google Sheets gaf ik al aan dat dat zeker niet een optimale oplossing was. Inmiddels wordt dat ook meer dan duidelijk omdat de spreadsheet zich blijft vullen en het opbouwen van de grafieken duidelijk meer tijd kost.

In dat bericht verwees ik al naar InfluxDB, een database die specifiek ontwikkeld is voor het opslaan van tijdreeksen, data dus die gekoppeld is aan een datum/tijd. Het is dan ook niet zo vreemd dat InfluxDB populair is als database om de data die vanuit de verschillende sensoren die je aan OpenHAB koppelt op te slaan. OpenHAB is een gratis tool/omgeving waarmee je zelf je huis kunt automatiseren. Je kunt er lampen of schakelaars mee aansluiten, de data van sensoren zoals thermometers verzamelen en weergeven, je kunt acties koppelen aan die sensoren (bv zet de ventilator op de badkamer automatisch aan als de luchtvochtigheid boven de 50% komt) etc.

Ik gebruik OpenHAB al een tijd en hoewel er ook hier discussies zijn over wat de beste omgeving is (er zijn meer gratis alternatieven op dit gebied), werkt het voor mij en heb ik geen reden om over te stappen. Wat ik echter wel wil doen is overstappen van mijn huidige 1.8 versie naar de recente 2.2 versie. Dat is op papier een eenvoudige upgrade, ik had vooral al begrepen dat het in praktijk niet helemaal zo zou zijn. Daarom wilde ik dat voorzichtig aanpakken. Het voordeel van het gebruik van OpenHAB op een Raspberry Pi is dat het niet veel geld kost om er een tweede Raspberry Pi naast te zetten met de nieuwe versie (zeker als je er al een paar in huis hebt).

Een tweede ontwerpkeuze waar ik veel voordeel van gehad heb is dat ik MQTT gebruik voor zo ongeveer alles wat met sensordata te maken heeft en ook voor het aansturen van schakelaren in huis. De Mosquitto-server (een gratis server voor MQTT) die ik daarvoor gebruik staat op dezelfde server als OpenHAB. Dat zou een probleem kunnen zijn, alle sensoren sturen namelijk hun data naar dat IP-adres, maar het is gelukkig heel eenvoudig om de Mosquitto-server te vertellen dat alle ontvangen data ook doorgestuurd moet worden naar de Mosquitto-server die op de “nieuwe” (test-)server met OpenHAB 2.2 staat. Zo kon ik de bestaande productieserver helemaal met rust laten (op het toevoegen van die ene doorverwijzing in het mosquitto.conf bestand (zie ook de schermafdruk hiernaast voor de benodigde aanpassing, voor het IP-adres gebruik je het eigen IP-adres van de nieuwe server, de naam van de connection is vrij te kiezen). Daarna moest ik de Mosquitto-server even herstarten met systemctl status mosquitto.service -l

Goed, terug naar de tijdseriedata en InfluxDB. Er zijn tutorials beschikbaar voor het installeren van InfluxDB op de Raspberry Pi (bv hier). Maar omdat het mij om de combinatie InfluxDB, Mosquitto, OpenHAB én Grafana ging, heb ik gekozen voor openHABian. Daar heb je namelijk al die tools (inclusief o.a. Node-RED, ook heel handig in combinatie met sensoren) ter beschikking in één download. Er is wat discussie over de vraag of je dat wel allemaal op één Raspberry Pi moet willen installeren. Dat zal waarschijnlijk een beetje afhangen van het gebruik. Ik heb het geheel nu draaien op 1 Raspberry Pi 2 en het werkt voor nu voldoende snel. Ik moet wel nog even uitzoeken hoe snel de database groeit, maar met een 16GB micro-SD kaartje is er nog wel wat ruimte over voor groei.
Lees verder….

Deel dit bericht:
nov 202017
 

De TIOBE index is een indicatie van de populariteit van programmeertalen. Het is een Nederlandse index (uit Eindhoven) en TIOBE staat voor “The Importance of Being Earnest” (klik maar even op de link voor verdere toelichting daarover).

De index wordt berekend aan de hand van het aantal resultaten dat je krijgt als je naar de programmeertaal zoekt in een aantal populaire zoekmachines: Google, Google Blogs, MSN, Yahoo!, Wikipedia en YouTube. Het is dus niet persé een index op basis van het daadwerkelijk gebruik van de programmeertalen, maar dat zou ook best moeilijk zijn, want wat tel je dan (aantal programma’s, aantal regels code, …. ?).  Het idee is dus dat hoe meer informatie over een programmeertaal online te vinden is, des te populairder je mag veronderstellen dat de programmeertaal is.

(als de resultaten voor jouw favoriete taal je dus niet bevallen, kun je altijd nog de validiteit van de index in twijfel trekken!)

Hoe dan ook, op basis van de TIOBE index komen een aantal oude bekenden nog steeds bovenaan in de lijst voor. Java voert de lijst aan, C / C++ / C# staan alledrie in de top 5. Python staat op 4, JavaScript op 6, PHP op 8 en Visual Basic .Net op plek 7.

Ik kwam bij de index vanwege een bericht op mspoweruser.com waar ze maar wat blij waren dat ze konden verwijzen naar Infoworld.com waar ze geconstateerd hadden dat Swift, de programmeertaal van Apple, na een initiële opkomst in de index, nu flink gekelderd was in de index. Van plek 12 naar plek 20.

Nogmaals, dat betekent niet persé dat Swift minder gebruikt wordt, wel dat er minder over gepubliceerd wordt.

De (mogelijke) verklaring die Infoworld gaf is dat Swift nou eenmaal maar voor één platform is: iOS, terwijl andere talen, zoals JavaScript en C# gebruikt worden in cross-platform ontwikkeltools Xamarin van Microsoft, Cordova van Apache en Ionic. Ook Java zou daaronder te lijden hebben, maar niet voldoende om van de nummer 1 plek gedrukt te worden.

Als je het hebt over het op school gebruiken van programmeertalen die ook in het wild populair zijn, dan is Python in ieder geval niet eens zo’n vreemde keuze.

 

Deel dit bericht:

WordPress 4.9 is er….

 Gepubliceerd door om 07:00  Internet, Tools
nov 162017
 

Als ik ergens braaf in ben, dan is het wel het updaten van WordPress naar nieuwe versies. Meestal is dat ook verstandig omdat het dan aanpassingen bevat die beveiligingsproblemen die gevonden zijn in de code oplossen.

Dus nu versie 4.9 beschikbaar is gekomen heb ik die meteen geïnstalleerd (wel eerst even zorgen voor een backup van de je data en belangrijke bestanden!).
Maar als ik door de “wat is er spannend en nieuw” notities van ook deze versie heen blader bekruipt me steeds vaker de vraag “waarom?”. Soms, zeker ook bij deze versie, heb ik het gevoel dat WordPress aan het verworden is tot zo’n enorm contentbeheer- slash siteontwikkel- slash “je kunt er alles mee wat je maar zou kunnen verzinnen zelfs als je het niet kunt verzinnen” systeem aan het worden is.
Een beetje Google Chrome dus.

Ik vrees dat ik er net als iedereen anders net zo aan vast zit als aan Google Chrome. Zolang het geen duidelijke problemen gaat opleveren dat het systeem zo omvangrijk aan het worden is, zal ik het blijven gebruiken. En ik snap ook wel “stilstand is achteruitgang”, ook bij softwaresystemen. Maar ik ben sceptisch over de vraag hoe lang dit nog goed gaat.

Deel dit bericht:
sep 092017
 

Ik ga niet zeggen dat Microsoft er erger in is dan andere bedrijven als het gaat om naamgeving van producten of het samenvoegen van producten, maar ze hebben er zeker ervaring mee.

Voor wie al even meeloopt in dit wereld gaat er nog wel een belletje rinkelen als ik het heb over Microsoft Office Communicator. Dat was indertijd de zakelijke tegenhanger van Microsoft Messenger. Communicator werd Lync. Maar toen Microsoft Skype opgekocht had werd Lync herbenoemd tot Skype voor Bedrijven.

We zijn weer een paar jaar verder en Microsoft heeft nu ook Microsoft Teams, dat als een soort van tegenhanger voor Slack eigenlijk meer een betere/eenvoudigere versie was van de Sharepoint projectomgevingen. Sharepoint is er overigens nog gewoon, als je een team aanmaakt, dan worden bestanden opgeslagen in Sharepoint projecten (om het eenvoudig te houden).  En vandaag kwam ik het bericht tegen dat Skype voor Bedrijven opgenomen wordt in Microsoft Teams.

Dat voorspeld niet veel goeds voor Yammer, een andere toepassing die Microsoft opgekocht heeft en ook aangeboden wordt in de Office365 suite. Yammer is ooit gestart als zakelijke tegenhanger voor Twitter, niet echt een doorslaand succes, maar de overlap van functionaliteit tussen Teams en Yammer is zeker zo groot als met Skype voor Bedrijven.

Het wachten is op de dag dat ze besluiten dat Teams anders moet gaan heten. En natuurlijk is er nog Office Groups die ook weer functionaliteiten deelt….al wordt daar weer van beweerd dat het de verschillende componenten juist naadloos combineert. Juist ja.

(bron)

Deel dit bericht:
sep 052017
 

“YouTube-mp3.org is de makkelijkste online dienst voor het converteren van videos naar mp3. Je hebt geen account nodig, alleen maar een YouTube URL. We starten het converteren naar het audiobestand gelijk vanuit je videobestand naar mp3 zo snel mogelijk nadat jij hem hebt ingevoerd. Daarna is het mogelijk hem direct te downloaden. Anders dan andere diensten word bij ons de hele conversie uitgevoerd door onze infrastructuur en daardoor download je alleen het audiobestand vanaf onze servers. Onze software is platform-onafhankelijk: Je kan het gebruiken met je Windows PC, Mac, Linux, of zelfs je iPhone. Al onze conversies worden uitgevoerd met een hoge kwaliteit mode met een bitrate van teminste 128 kBit/s. Geen zorgen, onze dienst is geheel gratis. We hebben gemiddeld per video 3 tot 4 minuten nodig.”

Handig? Voor veel mensen wel. Bovenstaande beschrijving staat nu nog op youtube-mp3.org. Maar ik ga de moeite niet doen om er naar te linken want via nu.nl en Torrentfreak komt het bericht dat de site de lucht uit moet. Logisch eigenlijk, want hier hadden ze uiteraard geen toestemming van YouTube voor gevraagd. En al helemaal niet van de rechthebbenden van de (muziek-)video’s die op YouTube staan. En als je een beetje iets van auteursrecht weet, dan roep je meteen “diefstal!”, “schande!”.

Maar het is een praktijk die al zo oud is als de cassetteband. Wij zaten vroeger met de recorder voor de TV of voor de radio. Ik had een radio – cassettedeck, de recorder ingebouwd in de radio, had je geen omgevingsgeluiden de opgenomen werden. Het is de bekende strijd van de muziekindustrie met hun klanten: je mag alleen naar muziek luisteren als je er tig keer voor betaald.

Voor mij is het ook al een soort vaststaand gegeven geworden: als je een handig site tegen komt, zoals bijvoorbeeld Keepvid waarmee je YouTube video’s lokaal op kunt slaan (handig voor in het vliegtuig, voor als je een kopie in de leeromgeving wilt, voor in de les als je niet afhankelijk van wifi wilt zijn). Mag niet volgens de gebruiksvoorwaarden van YouTube. Dus moet je eigenlijk hopen dat zo’n tool niet bij té veel mensen bekend wordt. Want dan vind iemand het de moeite waard om er stappen tegen te ondernemen.

Een andere manier waarop een site zichzelf de nek om kan draaien: een Pro-account zoals Keepvid nu ook heeft voor de interessante downloads (4K hoge kwaliteit én MP3 audio). Niet verstandig. Want dat zijn traceerbare inkomsten waar auteursrechthebbenden ook achteraan gaan.

En ja, als je je boterham verdiend met het produceren van muziek, produceren van filmpjes, dan zijn het inkomsten die jij zou moeten kunnen maken. Maar het zijn nooit de “kleintjes” die hier voordeel van hebben. Het zijn de grote maatschappijen zoals Sony Music en Warner Bros. Records die hier achteraan gaan en het geld innen. Ik denk dat we allemaal gewoon maar moeten stoppen met het delen van zulke handige sites. Dan blijven ze tenminste nog een tijdje bestaan.

 

Deel dit bericht:
jul 022017
 

Het was voor mij hét voorbeeld van een (andere) doorgeschoten discussie binnen onderwijsland. De felle discussie die ik tussen twee docenten mee mocht maken over Kahoot! versus Socrative. De docent die voorstander van Kahoot! was baseerde dat namelijk voornamelijk op het gegeven dat bij Socrative de vraag op het mobiele device van de studenten te zien was en bij Kahoot! niet. Het voordeel daarvan was dat de leerlingen niet omlaag naar hun scherm zaten te kijken, maar naar de docent en het bord. Dat was goed om hun aandacht te richten.

Het blijkt dat het echter ook (vaker / net zo vaak? ik heb er geen cijfers over gezien) voor te komen dat leerlingen / studenten moeite hadden tussen die disconnect van wat ze op het bord zagen en wat ze op hun device aan moesten klikken. Je  merkt, ook hier zou ik niet té stellig de ene of de andere kant op willen argumenteren.

Maar het heeft er in ieder geval voor gezorgd dat Kahoot! een wijziging in hun mobiel app gaat introduceren. De antwoorden worden straks namelijk ook op de mobiele applicatie getoond! Net als bij Socrative dus.
Of het een optie wordt die je aan en uit kunt zetten weet ik niet. Ik mag hopen voor Kahoot! van wel. Tenminste als die docent die ik zo vurig hoorde argumenten niet de enige in haar soort was. 🙂

Een andere feature die docenten vast op prijs zullen stellen is de mogelijkheid om “Challenges” aan te maken waarbij leerlingen ook zonder de docent de quizzes kunnen maken.

Je kunt je aanmelden voor de bètaversie als je wilt testen en wilt reageren op de nieuwe functionaliteiten.

Deel dit bericht:
mrt 262017
 

De Puck.js is een nogal eigenaardig apparaat. Het is een soort knop (je kunt hem ook echt indrukken) met ingebouwd een programmeerbare chip met ondersteuning voor Bluetooth Low Energy (BLE), GPIO poorten, een infraroodzender, een thermometer, ingebouwde lichtsensor, een sensor voor magnetisme, een rode/groene/blauwe LED.

Je programmeert hem met behulp van Javascript via BLE. En in dat laatste zit hem eigenlijk wel de uitdaging. De maker gaat er namelijk vanuit dat je daarvoor Web Bluetooth gebruikt. Handig, gewoon ingebakken in de browser. Alleen….op iOS / de iPad is dat nog niet standaard aanwezig en op Windows 7 of 10 ook nog niet. Op een Chromebook overigens wel weer. Idem voor Android, maar het 5,5 inch scherm van mijn telefoon is daar toch net wat klein voor.

Er is nu een soort van alternatieve manier beschikbaar op iOS en dat is via de applicatie WebBLE. Die is niet gratis, je betaald er €1,99 voor, maar dan kun je vanaf je iPad ook programmeren. Gaat net wat beter vanwege de optie om daar een toetsenbord bij te gebruiken.
De schermindeling is echter nog niet helemaal optimaal voor gebruik op een iPad Mini in liggende weergave.

Er zou een optie moeten zijn via https://www.espruino.com/ide/relay om de verbinding van de iPad te delen met mijn Windows laptop zónder Web Bluetooth ondersteuning. Maar ondanks de stap voor stap instructie in deze video is me dat nog niet gelukt.

Zoals gezegd, het is een intrigerend apparaatje. Ik heb 2 van de pucks aangeschaft maar voorlopig leveren ze vooral nog veel frustratie ehm leermomenten op en heb ik ze nog niet echt voor iets nuttigs in kunnen zetten.
De vraag over de relay functie heb ik op het forum uitgezet, dus wie weet wordt dat nog opgelost.

p.s. Gordon heeft in het verleden heel snel op andere vragen gereageerd en heeft dus wel wat credit opgebouwd, sowieso omdat ik de puck.js niet écht voor productiedoeleinden nodig heb. Ik kan wachten terwijl het product zich verder ontwikkeld.

 

Deel dit bericht: