mrt 112018
 

In de categorie “Wauw” valt dit artikel (pdf) van onderzoekers bij Carnegie Mellon University. Zij hebben een manier bedacht om 3D-modellen die je normaal gesproken naar een 3D-printer zou sturen om te zetten naar instructies voor een machinale breimachine. In plaats van een hard konijn uit PLA of ABS krijg je dan een zacht, knuffelbaar konijn.

Op de projectsite staan een filmpje met uitleg, het artikel en een ZIP-bestand met aanvullende materialen zoals een PDF met psuedocode, meer foto’s van de resultaten, zowel net gebreid als met vulling, en een overzicht van een aantal termen die met breien te maken hebben.

Nou heb ik geen breimachine, maar zelfs als je die wel hebt dan kun je de software nog niet zelf uitproberen. Die staat namelijk nog niet online. Ik neem aan dat dit project van een jaar eerder waarbij een compiler is ontwikkeld voor het aansturen van breimachines, een basis gevormd heeft voor dit nieuwe project.

Ook van dat oudere project staat geen code online, maar daar was wel een filmpje via YouTube beschikbaar waarin ook eerst het hele machinale breiproces uitgelegd wordt.  Ik heb die onder aan dit bericht bijgevoegd.

Het wachten is dus nog op software die de algoritmen van de onderzoekers gebruikt zodat mensen er daadwerkelijk ook buiten een onderzoeksetting mee aan de slag kunnen.

Deel dit bericht:
sep 212017
 

EVALUATION FRAMEWORK FOR LABij learning analytics gaat het om het meten, verzamelen, analyseren en rapporteren van en over data van leerlingen en hun context, met als doel het begrijpen en optimaliseren van het leren en de omgeving waarin dit plaatsvindt. De terugkoppeling van deze analyses kan leiden tot effectiever handelen door de leraar, leerling of bijvoorbeeld de ontwikkelaar van lesmateriaal (Woning, 2012).

Het is nog een vakgebied dat sterk in ontwikkeling is. De discussie over wat je moet meten, hoe je moet meten, welke conclusies je wel of niet mag trekken op basis van data (“een student is geen getal”), je kunt er eindeloze discussies over voeren.

De vraag naar een evaluatieraamwerk voor learning analytics tools was er niet meteen eentje die ik daarbij als veelgestelde vraag voorbij heb zien komen. Toch is Maren Scheffel er al een tijdje mee bezig want morgen promoveert ze bij de Open Universiteit op dit onderwerp.

Het raamwerk, gericht op studenten en docenten staat online bij LACE. De resulterende “vragenlijst/scorekaart” ziet er eenvoudig en bruikbaar uit. Het is een compacte lijst vragen en geeft je alleen een score op deelgebieden. Het verteld je (uiteraard) nog niet hoe je dan een tool zou moeten aanpassen om een betere score te krijgen.

Ik heb het proefschrift zelf ook nog niet gelezen, ik kan dus ook nog geen inschatting maken over hoe betrouwbaar de score is die de scorekaart oplevert, hoe direct de relatie tussen ingevulde scores en daadwerkelijk gedrag is etc. Wordt nog vervolgd.

Deel dit bericht:
jul 012017
 

Als ik op Google zoek op “van gelijk hebben naar gelijk krijgen” kom ik ook berichten tegen met titels als “Wil je gelukkig zijn of gelijk krijgen?” die niet helemaal hetzelfde bedoelen als wat ik wilde zeggen. De aanleiding is dit bericht getiteld “Why mythbusting fails: A guide to influencing education with science“. Het bericht trekt een analogie tussen de discussie over klimaatverandering en de discussie over leerstijlen. Je weet wel, dat ding waar “alle” docenten van volhouden dat ze wel bestaan en “alle” onderzoekers roepen dat ze niet bestaan. En het lukt onderzoekers maar niet om die koppige docenten te overtuigen. Er zijn boeken over geschreven en open brieven ondertekend door heel veel knappe koppen over in de krant gezet.

Begrijp me niet verkeerd: ik heb de onderzoeken gelezen, ken de boeken die precies het tegendeel beweren (dat je wél rekening moet houden met “leerstijlen”) en net als bij de discussie over klimaatverandering zit ik aan de kant van de wetenschap. En ondanks dat, en ondanks het feit dat ik geen docent (meer) ben, heb ik moeite met de manier waarop de boodschap over leerstijlen vaak gebracht wordt.  Het artikel op Deans for Impact betoogt dat de huidige manier van “uitleggen” van de boodschap door onderzoekers juist meer leidt tot polarisering en hakken in het zand gedrag dan dat het helpt.

Er worden in het artikel een aantal zaken gesteld:
1) wat is het nou precies waar leraren in geloven en waarom?
Als een leraar gelooft dat er verschillen zitten in de manier waarop kinderen leren is de kans aanwezig dat ze dat een leerstijl noemen. Of ze dan automatisch bedoelen dat een leerling 1 leerstijl heeft die altijd constant is én dat ze daar altijd op in moeten spelen, is dan een heel andere vraag. Zinvol om helder te krijgen.

2) welke wetenschappelijke uitgangspunten moet een leraar dan wél begrijpen?
Dit gaat uit van het principe: roep niet alleen hard wat niet juist is, laat ze ervaren wat wél werkt. Want je laat het ene idee niet los als je er geen beter idee/aanpak voor in de plaats hebt.

3) Zorg voor mogelijkheden om te oefenen!
Denk na over manieren waarop leraren de mogelijkheid en ruimte krijgen om zelf oefenen met manieren waarop ze in de klas / op school effectief om kunnen gaan met de verschillen tussen leerlingen.

Drie verstandige uitgangspunten wat mij betreft.

(getipt door Willem van Valkenburg)

Deel dit bericht:
jun 132017
 

We hebben het druk! En daarom zijn we voor het iXperium/Centre of Expertise Leren met ict per direct op zoek naar een:

Praktijkgerichte (senior) onderzoeker  –  (0,8-1,0 fte)

Praktijkgerichte junior onderzoeker – (0,8-1,0 fte)

Klik op de links voor de officiële beschrijvingen en kom dan even hier terug. Goed, dan heb je de officiële beschrijvingen gelezen, waarom vind ik het nog steeds een super plek om te werken?

Waarom?
Het helpt natuurlijk als je, zoals ik, op zijn minst een bepaalde interesse in leren met ict hebt. En betekent zeker niet dat je elk weekend met Arduino’s aan de slag moet zijn. Integendeel, dat is ook voor mij hobby en achtergrondmateriaal. Maar het helpt wel als je je wat kunt voorstellen bij het gebruik van ict door een docent om leerprocessen te ondersteunen. En wellicht ook wel welke ict-vaardigheden een docent of een student/leerling moet hebben om goed te kunnen functioneren op school of later in de praktijk. En natuurlijk hoe onderwijs werkt (of juist niet) en hoe je het gebruik van leren met ict kunt/moet organiseren.
Moet je dan alle antwoorden al hebben op de vragen die op dit gebied leven? Nee, natuurlijk niet. Daar doen we onderzoek voor. En dan niet (alleen) vanachter een bureau, maar samen met scholen en lerarenopleiders. En die scholen komen dan zowel vanuit het primair onderwijs, voortgezet onderwijs, middelbaar beroepsonderwijs. En natuurlijk werken we ook voor onze eigen hbo-instelling. Voor mij was dat een van de andere redenen om hier aan de slag te gaan: om me na mijn promotie door te kunnen ontwikkelen als onderzoeker.

Het werken voor de verschillende sectoren, op verschillende deelgebieden van leren met ict levert een mooi, maar ook soms complex geheel op van activiteiten, samenwerkingsverbanden, opdrachten, onderzoek en werkzaamheden. We zijn een echte netwerkorganisatie met partners in zowel de regio Arnhem – Nijmegen, maar ook in Oss, Roosendaal, Apeldoorn, Doetichem en een tiental andere plekken in Nederland. Waarbij je soms met docenten en studenten samenwerkt in multidisciplinaire teams als ze onderwijs herontwerpen en op andere momenten onderzoek doet waarbij basisschoolleerlingen aan de slag gaan met programmeren of robots. Een senior onderzoeker zal het overzicht over de verschillende niveaus hebben, tussen die niveaus kunnen schakelen, met de verschillende partijen kunnen praten, lijnen mee uitzetten etc.

Lees verder….

Deel dit bericht:
jun 102017
 

Via de site van het NRO kwam ik bij het peilingsonderzoek Natuur en Techniek. Ik citeer even wat het NRO er zelf over schrijft:

De Inspectie van het Onderwijs publiceerde op 31 mei 2017 als onderdeel van Peil.Onderwijs het peilingsonderzoek Natuur en Techniek. Peil.Natuur en Techniek geeft inzicht in het aanbod van basisscholen, de prestaties van leerlingen in groep 8 en de trends ten opzichte van de vorige peilingen in 2008 en 2010. Het biedt tal van aanknopingspunten voor een brede dialoog over de inhoud, kwaliteit en het niveau van het onderwijs in Natuur en techniek.

Het gaat dus over Natuur en Techniek in het basisonderwijs, niet in het voortgezet onderwijs.

Ik heb nog niet alles doorgelezen, je kunt wellicht het beste beginnen met het filmpje:

Dan is er de samenvatting met een aantal toch wel opvallende conclusies, die wellicht ook voor onderwerpen als ict-geletterdheid, programmeren of computational thinking gelden.
Zoals bijvoorbeeld:

  • De kennis van leerlingen op het gebied van biologie en natuurkunde en techniek is ten opzichte van 2010 gelijk gebleven.
  • Er zijn grote verschillen in kennis, onderzoeks- en ontwerpvaardigheden tussen hoogvaardige en laagvaardig leerlingen. De verschillen in prestaties lijken vooral samen te hangen met (algemene) leerlingkenmerken en niet of nauwelijks van de aanpak van de school zoals in dit onderzoek gemeten.
  • Niet heel verrassend: Over het algemeen is de attitude van jongens ten aanzien van Natuur en Techniek positiever dan die van meisjes. Jongens hebben hier meer plezier in, willen er in de toekomst vaker iets mee gaan doen en vinden Natuur en Techniek gemakkelijker dan meisjes. Het algemeen belang van Natuur en Techniek vinden jongens en meisjes even groot.
  • Jongens presteren significant beter dan meisjes op de kennistoets; meer in het bijzonder op de opgaven voor Natuurkunde en techniek en (Natuurkundige) Aardrijkskunde.
  • Leerlingen op voorhoedescholen scoren vrijwel hetzelfde op de kennistoets als leerlingen op representatieve scholen en iets lager op de praktische opdrachten. Ook hun houding tegenover Natuur en Techniek is nagenoeg gelijk.

Je kunt ook de samenvatting van het gesprek met de focusgroep online lezen. Ook daar wel wat kritische noten die breder relevant zijn, zoals:

  • ‘De kerndoelen zijn te ingewikkeld geformuleerd en zijn lastig te operationaliseren. De vragen in de toets zijn heel specifiek. Zo staat de term ‘luchtdruk’ niet in de kerndoelen maar daar wordt wel naar gevraagd. Ook is de formulering van sommige vragen niet zo duidelijk. Mede daardoor kan het zijn dat er geen effecten van het aanbod worden gevonden op de resultaten.’

Herkenbaar als het bv gaat om het ontwikkelen van meetinstrumenten voor computational thinking!
Datzelfde geldt voor:

  • Ook voor scholen is het een uitdaging om invulling te geven aan de kerndoelen, wordt in de focusgroep gesteld. ‘Het is vaak niet duidelijk met welk doel de scholen ‘iets’ doen aan Natuur en Techniek. En dan moet je de vraag stellen:  ‘Kun je wel resultaten bij leerlingen verwachten als je met het domein bezig bent maar niet heel doelgericht?’

En een verstandig advies:

  • ‘Neem als vervolg op het peilingsonderzoek een aantal goed presterende scholen onder de loep. Observeer daar het onderwijsleerproces en interview de schoolleiding en leerkrachten. Breng in beeld wat de leerkracht daadwerkelijk doet in de klas, zodat van daaruit handvatten kunnen worden geformuleerd voor andere scholen.’

Ik ben nog aan het lezen in de rapportage en het technisch rapport, die zijn voor mij sowieso de moeite van het lezen waard omdat ook hier geldt dat de wijze van vergelijken, groeperen (bijvoorbeeld in hoogvaardige en laagvaardige leeringen) relevant is voor het onderzoek dat we zelf doen.

Interessant materiaal dus, ook als je niet direct in het basisonderwijs bij N&T betrokken bent!

Deel dit bericht:
apr 192017
 

Op woensdag 10 mei 2017 organiseert de VOR divisie ICT een bijeenkomst in Eindhoven. Tijdens deze bijeenkomst komen promovendi aan het woord bij wie ICT een rol speelt in hun onderzoek. De onderwerpen zullen heel divers zijn, soms wat meer technisch, in andere gevallen meer op onderwijs gericht. Het zal ook altijd nog “onderzoek in uitvoering” zijn. Daarom zijn de presentaties kort, 10-15 minuten maximaal. Aansluitend zijn alle promovendi op de promovendi markt beschikbaar zodat ze daar hun onderzoek, hun deelproducten etc. meer in detail kunnen toelichten. We sluiten plenair af met een terugblik op het onderzoek dat die middag gepresenteerd is.

We hebben een mooi programma samengesteld met promovendi die onderzoek doen naar diverse, interessante onderwerpen.

Lees verder….

Deel dit bericht:
 Reacties uitgeschakeld voor Bijeenkomst VOR ICT op 10 mei 2017, in gesprek met promovendi onderwijs en ict  Tags: , , ,
jan 132017
 

Als je de afbeelding hiernaast meteen herkende als behorende bij de Humans TV-serie dan begrijp je waarschijnlijk al direct waarom het *voorstel* voor Europese afspraken met betrekking tot de rechten en plichten van slimme robots ooit hoog noodzakelijk gaat worden. Want wat nu nog science fiction is, wordt in rap tempo werkelijkheid.
Om te beginnen, wat zijn “slimme robots”? Het voorstel (PDF) omschrijft ze als apparaten met de volgende mogelijkheden:

  • acquires autonomy through sensors and/or by exchanging data with its environment (inter-connectivity) and trades and analyses data
  • is self-learning (optional criterion)
  • has a physical support
  • adapts its behaviours and actions to its environment;

Ze hoeven dus niet uit te zien als mensen!

In een artikel bij de Guardian wordt al gesteld dat het voorstel tamelijk controversieel is. Het valt dus nog maar te bezien of het (ongewijzigd) aangenomen gaat worden. En dat controversiële is wat mij betreft eigenlijk juist wel goed. Want er worden heel wat zaken besproken, waarbij ik het zeker niet zomaar met alles eens ben.

Lees verder….

Deel dit bericht:
okt 172016
 

experimentation_for_improvementVorige week kwam ik, eigenlijk bij toeval, de MOOC “Experimentation for Improvement” tegen, verzorgd door Kevin Dunn. De MOOC start op 24 oktober a.s. dus je kunt je nog inschrijven.

De video’s van de MOOC en de handleiding (eigenlijk meer een gratis digitaal boekwerk) zijn al online beschikbaar via YouTube en deze pagina. Ik heb de MOOC (nog) niet gevolgd en ook nog niet alle video’s bekeken. Het lijkt er op alsof de MOOC een deel is van de materialen die Kevin Dunn maakt voor het omvangrijkere boek “Process Improvement Using Data“.

Ik zet de MOOC hier al even neer als tip, ondanks dat ik hem zelf nog niet gevolgd heb omdat hij in de eerste video’s helemaal bij nul start. Hij legt uit waarom je experimenten zou willen doen, hoe je handmatig (met pen en papier) voorspellende modellen ontwikkeld (inclusief interactie-effect tussen factoren) en gaat daarna pas door naar de vraag “en hoe doe je dat nu sneller met een computer”.  Hij gaat dus uit van geen voorkennis, maar gaat zo te zien r-fiddletoch wel tamelijk diep in de uitleg. Het zal niet verbazen dat “met een computer” met behulp van R project / R Studio gebeurt.

p.s. Een van de dingen die ik nog niet kende is R-Fiddle, een mogelijkheid om R in je browser uit te voeren zonder dat je ook maar iets hoeft te installeren. Cool!

Deel dit bericht:
 Reacties uitgeschakeld voor MOOC Tip: Experimentation for Improvement  Tags: , ,
sep 302016
 

leervlaknlDe reden waarom ik vanochtend toch weer eens bij Scoop.it kwam? Omdat ik het verslag van Jeroen Bottema wilde vastleggen. Hij was namelijk naar het Minisymposium ‘Onderzoek met studenten: wat leert de casus e-didactiek?’ geweest.

En daar was Scoop.it ideaal voor: het snel even vastleggen van berichten die je wilt delen met anderen en waar je niet heel veel aan toe te voegen hebt anders dan: de moeite van het lezen en delen waard.

Voor WordPress zelf is er nog niet één plugin die al die functionaliteit vervangt, maar het is in ieder geval een uitdaging om te kijken hoe e.e.a. wel te realiseren valt. Hoe dan ook, bij deze. 🙂

p.s. de titel was oorspronkelijke “Scoop: ….” maar dat vond ik toch weer teveel eer voor scoop.it

Deel dit bericht:
sep 192016
 

onderzoek_naar_schrijfonderwijsEen kleine maand geleden verschenen er in de media verschillende berichten over het promotieonderzoek van Monica Koster en Renske Bouwer  van het Utrecht Institute of Linguistics OTS over schrijfvaardigheid op het basisonderwijs. Ik verbaasde me toen over de beperkte en negatieve scope van een aantal van die berichten. De blogpost is hier te vinden.

Vandaag verscheen er op komenskypost.nl een bericht namens een van de deelnemers aan de pilot. Dat was, niet echt onverwacht, positief. Al kan ook Liesbeth Mol, de leerkracht van groep 8 die aan het onderzoek deelgenomen heeft zich de kritiek van anderen voorstellen.

Belangrijke uitspraak wat mij betreft echter is waar ze mee afsluit:

…door onze deelname aan het onderzoek hebben we aan den lijve kunnen ondervinden hoe fijn het is om schrijflessen te geven die ten eerste door de kinderen gewaardeerd worden en ten tweede de kwaliteit van de geschreven teksten enorm verbeteren.

Natuurlijk kun je dan nog steeds vraagtekens stellen bij een methode van een uitgever, maar het zijn wel twee heel duidelijke indicatoren van succes.

Deel dit bericht: