apr 082018
 

Ik realiseer me dat de titel van dit bericht weer eens absoluut geen click-bait is. Als je toch verder leest: leuk! ūüôā

Voor wie denkt: waar heeft hij het nou weer over, eerst even kort wat uitleg. Zoals je wellicht weet zijn er naast Arduino en Micro:bit tal van andere interessante oplossingen op het gebied van microprocessoren, kleine uitbreidingskaartjes met een chip er op die net als Arduino en Micro:bit gebruikt kunnen worden om sensoren te lezen, randapparaten aan te sturen, maar die vaak een fractie van het geld kosten. Bekendste op dit gebied was ongetwijfeld de ESP8266, als je de link volgt kom je bij een aantal berichten op dit blog daarover. De ESP8266 heeft inmiddels een opvolger, de ESP32. Het heeft even geduurd voordat ook de firmware en ondersteuning voor de chip op orde was, maar inmiddels zijn ontwikkelbordjes met de ESP32 goed en goedkoop te krijgen (zeker via online shops zoals AliExpress). Ook over de ESP32 heb je hier al meer kunnen lezen, de LoPy van Pycom was de eerste ESP32 die ik hier in huis haalde naar aanleiding van de Kickstarter in augustus 2016 alweer. Dat was ook mijn eerste kennismaking met MicroPython. Een programmeertaal die voor mij helemaal niet zo vanzelfsprekend was omdat ik (toen) nog niet eerder met Python geprogrammeerd had.

Sindsdien gebruikte ik MicroPython uitsluitend op de LoPy’s. Want pogingen om het op een ESP8266 handig aan het werken te krijgen waren op niets uitgelopen. Het was simpelweg teveel gedoe om de code te wijzigen.

Bij toeval kwam ik echter op YouTube deze serie instructiefilmpjes tegen:

Ik bekeek hem en was onder de indruk van het gemak waarmee, met dank aan rshell het nu mogelijk was om bestanden te uploaden en wijzigen op de ESP32. Overschakelen naar de REPL, weer terug naar de shell, het ging allemaal heel soepel. En ik had toevallig nog een ESP32 liggen die niks lag te doen.
Ik had hem aangeschaft al node voor LoRaWAN / TTN, maar helaas had ik bij het bestellen niet goed opgelet en een versie op 433Mhz besteld in plaats van op 868Mhz. Je kunt hem hier vinden (even opletten dus!). Je hebt helemaal gelijk als je zegt “maar voor 16 euro kan ik ook een Micro:bit kopen”. Klopt. Maar dat komt door de LoRa-module en het kleine LCD-schermpje. Wil je een gewone ESP32 zonder LoRa-module en zonder LCD, dan kun je er hier al eentje voor minder van 4 euro (incl. verzenden) vinden. En dan heb je dus een microprocessor m√©t WiFi en BLE en batterij-aansluiting.

Goed, ik ging het proberen. Maar ik wilde het niet op een Raspberry Pi doen, maar in het Linux Subsystem dat ik op Windows 10 heb draaien. Waarom? Omdat ik wilde weten of het nu eindelijk een volwaardig alternatief geworden is. Spoiler: ja, dat is het, maar je moet er wel even wat voor doen.

Lees verder….

Deel dit bericht:
feb 182018
 

Via de enthousiaste video’s van Nick van Educ8s kwam ik afgelopen week erachter dat ePaper displays voor Arduino en Raspberry Pi inmiddels goedkoop genoeg zijn geworden om ook voor eigen hobbyprojecten zinvol te zijn.

Het voordeel van een ePaper display is uiteraard het lage energieverbruik, nadeel is de lage beeldverversingsfrequentie en het gegeven dat ze meestal alleen zwart/wit zijn. En inderdaad, als je een groot scherm wilt, dan gaat het alsnog in de papieren lopen, maar een scherm van 1,54 inch in zwart/wit kost via eBay zo’n 18 Amerikaanse dollar. Bij AliExpress kwam ik andere versies tegen, zoals deze met zwart en rood voor zo’n 15 euro.

Belangrijk is om even goed op te letten. Op eBay staan ook goedkopere exemplaren, maar die beschikken niet over de benodigde connector/kabel:

Een van de goedkopere aanbieders had w√©l plaatjes met de kabel, maar in de beschrijving van wat geleverd zou worden stond de “XH2.54 20cm 8Pin” kabel niet erbij. Navraag leerde ook dat die niet geleverd werd. Even opletten dus.

Voor de Raspberry Pi wil je waarschijnlijk een “Hat” hebben, zoals deze. Dan kun je het display namelijk direct op je Raspberry Pi prikken. Als je dan een Raspberry Pi Mini gebruikt in plaats van zo’n grote lompe Pi 3, dan ziet het er meteen ook goed uit.

Deel dit bericht:
jan 212018
 

Ik heb vandaag de Sonoff Pow voor het eerst echt getest. En de resultaten zijn heel interessant wat mij betreft. Onze wasmachine draait heel wat was per week en het blijken dan ook ideale momenten om de vermogensmeter uit te proberen. Hierboven zie je de resultaten van vandaag (tot nu toe). De grafiek komt uit Grafana, die de data ophaalt uit InfluxDB waar de data terecht komt via OpenHab en MQTT. De gele lijnen heb ik later toegevoegd.

Van links naar rechts zie je achtereenvolgens een bonte was programma op 30 graden, gekenmerkt door een snelle stijging van het gebruikte vermogen naar zo’n 2kW en daarna geleidelijke daling met 3 kleine verhogingen bij het centrifugeren.
De tweede trommel was beddengoed op 60 graden. Daar zie je dat het vermogen veel langer op die 2kW blijft en ook hier kleine verhogingen voor het centrifugeren.
Het beddengoed ging de droger in, het verbruik daarvan kent niet zo’n grote piek (zie blokje 3) maar blijft heel lang op zo’n 400W.
Het vierde blok moet je nu al kunnen herkennen: een tweede trommel op 60 graden (beddengoed van de kinderen), daarna heb ik de droger weer van de meter afgehaald en de T-shirts van het hockeyteam van de jongste gewassen. Een kort programma (30 minuten) op 40 graden, te zien in het vijfde blokje.
En op het moment loopt een laatste bonte was voor vandaag bijna ten einde.

Inmiddels heb ik tellers toegevoegd die respectievelijk de gebruikte energie tijdens een geselecteerde tijdsduur, daarvan afgeleid het aantal kWh (delen door 36.000) en de kosten (vermenigvuldigen met 18 eurocent per kWh) laat zien. Daaraan kan ik zien dat een trommel witte was met 18 eurocent zo’n 2,5x zo duur is als een trommel bonte was (7 eurocent) en de T-shirts van het hockeyteam verbruiken, ondanks het kortere programma, door de hogere temperatuur bijna net zoveel stroom als een gewoon bonte was programma. Geen manier om geld te besparen dus. Ook de droger is niet heel goedkoop in gebruik, net zo duur als een trommel witte was. De waslijn waar het kan blijft dus het devies.

p.s. ik vind zulke metingen, de data, de info die het oplevert super interessant. Betekent niet dat ik voortaan geen apparaat meer aan durf te zetten uit angst voor het bijbehorend verbruik. Verspilling tegen gaan is prima, maar het moet wel leefbaar blijven.

Deel dit bericht:
jan 012018
 

Als je dit weblog regelmatig bezoekt, dan weet je dat we afgelopen week druk bezig zijn geweest met het last-minute deelnemen aan een experiment dat het RIVM, samen met anderen nu voor het tweede achtereenvolgende jaar uitgevoerd hebben: het meten van de hoeveelheden fijnstof tijdens de jaarwisseling.

Daarbij wordt gebruik gemaakt van relatief goedkope sensoren die door particulieren ook zelf opgehangen kunnen worden. Dat brengt uiteraard veel uitdagingen met zich mee, zo hebben wij zelf ook gemerkt toen we wilden deelnemen. Naar aanleiding van de aankondiging heb ik al een tweetal blogposts geschreven naar aanleiding van informatie die ik sindsdien gevonden had: blogpost #1 en blogpost #2. Zoals zo veel dingen lijkt het eenvoudig, maar komt er toch heel wat meer bij kijken als je het goed wilt doen.

Omdat het voor ons onmogelijk was om een¬†Nova SDS011 sensor tijdig in huis te krijgen, zijn we aan de slag gegaan met een¬†Shinyei PPD 42NJ¬†samen met een¬†BME280, een super kleine ge√Įntegreerde sensor voor zowel luchtvochtigheid, temperatuur, luchtdruk en hoogte. Dat geheel werd in een PVC T-stuk bevestigd en achter het Frans balkon van ons huis opgehangen. De gebruikte code was een combinatie van de code van het RIVM van vorig jaar (voor de Shinyei) met de code van dit jaar (voor de SDS011 + BME280). Ik heb de code nog iets verder aangepast op basis van het script waar ik eerder over schreef¬†zodat we ook zelf de ruwe waarden van de sensoren konden volgen. Dat was maar goed ook, want op de offici√ęle site bleef de lijn van de meting bijna vlak:

¬†Sowieso worden voor de Shinyei sensoren alleen de ruwe PM2.5 metingen doorgegeven die dan op de server omgerekend zouden moeten worden naar¬†¬Ķg/m3. Of dat hier helemaal goed gaat weet ik niet, maar omdat onze sensor pas 2 dagen voor de jaarwisseling online kwam ontbrak het aan de mogelijkheid hier nog echt contact over te hebben met het RIVM. Voor de duidelijkheid: vanuit het RIVM werd de afgelopen heel snel, vriendelijk en uitvoerig via de mail gecommuniceerd. Niets dan complimenten daarover!

De stevige piek die je in de afbeelding ziet was toen ik na registratie toch even het script met de omrekening gebruikt had (foei). Maakt niet uit, de grafiek die ik in Google Sheets liet maken (met dat stukje eruit geknipt) laat wél voldoende verschil tussen (ruwe) waarden zien om interessant te zijn.

Lees verder….

Deel dit bericht:
dec 302017
 

Een blogpost over een oplossing waarvan ik zelf inmiddels al geconstateerd heb dat hij tóch niet zo handig is? Moet kunnen. Want ik wil in ieder geval even documenteren hoe ik e.e.a. voor elkaar gekregen heb. Wie weet heeft iemand anders er toch nog wat aan.

Naast de fijnstofsensor voor het RIVM experiment heb ik er ook eentje gemaakt die ik in de woonkamer opgesteld heb. Gewoon om te zien hoe in huis eventueel het niveau fijnstof zou stijgen als we in de keuken aan het koken waren, of een paar uur wafels stonden te bakken.

Ik wilde de data snel kunnen verwerken zonder teveel gedoe met databases of zo, zou het niet handig en mogelijk zijn om de data op te slaan in een Google Sheet?

Ik weet inmiddels dat als ik het kan verzinnen, iemand anders dat ongetwijfeld ook al gedaan heeft. Zo ook nu. En lang geleden al.In 2011 schreef¬†Martin Hawksey een script waarmee¬† je via een URL data door kunt geven aan¬† een Google Sheet. Je moet een Sheet aanmaken en dan in de Script editor het script inplakken. Eenmalig moet je dan de Setup() procedure uitvoeren en via Publish > Deploy as web app het script publiceren. Daarbij moet je er dan voor kiezen om het script ook voor “Anonymous” beschikbaar maken. Google zal dan moord en brand schreeuwen omdat het script niet door hen getest is etc.

De werking is dan eenvoudig. Op de eerste rij van de sheet zet je de namen van de waarden die je wilt doorgeven. Tip: noem de eerste kolom “Timestamp”, dan voegt het script automatisch datum en tijd in waarop de nieuwer data is ingevoerd.

Daarna kun je via GET of POST de data doorsturen naar de Google Sheet waarbij elke waarde gelijk moet zijn aan de titel van een kolom (hoofdlettergevoelig).

Ik gebruikte een NodeMCU ESP8266. Omdat Google een beveiligde verbinding gebruikt moet je gebruik maken van een andere bibliotheek dan normaal:

#include <WiFiClientSecure.h>
en
WiFiClientSecure client2;

Lees verder….

Deel dit bericht:
dec 282017
 

OK, één bericht nog dan voordat ik ga schrijven over onze eerste fijnstofmeter die (als alles volgens plan gaat) ook tijdens de jaarwisseling online te volgen is.

Naast de bestelde Shinyei PPD42 die vorig jaar door het RIVM gebruikt is, hebben we een tweetal DSM501 modules van Samyong in huis en blijkt er nog een Plantower PMS5003 onderweg te zijn die (vanwege een wat vaag leveringsprobleem) waarschijnlijk ingehaald wordt door de Novafitness SDS011 die het RIVM dit jaar gebruikt (en die ook door o.a. OK Lab Stuttgart gebruikt wordt).

Dus was ik verder op zoek gegaan naar info specifiek voor die sensoren.

In dit bericht over de DSM501 module wordt ook gesproken over de Air Quality Index (IAQ, IQA) en de bijbehorende verschillen tussen de  Europese Common Air Quality Index (CAQI) die in 5 stappen van 0 tot 100 loopt en de 6 niveaus van de AQI index die in de VS en China gebruikt worden en die van 0 tot 500 (of meer) loopt. En er blijken meer smaken te zijn. Het bericht legt uit hoe de verschillende indexen te berekenen.

Op het forum van The Things Network kun je een hele thread vinden over sensoren met de nodige verwijzingen. Hier is een beschrijving te vinden van (nog) een oplossing gebaseerd op LoraWAN

Het aansluiten van de PMS5003 gaat net weer wat anders dan van de andere sensoren, maar ook daar is informatie over te vinden online. Hij maakt gebruik van een seri√ęle verbinding, net zoals (zo begrijp ik van het RIVM) de SDS011.

Dit bericht ten slotte is niet erg positief over de betrouwbaarheid van de PPDN402 en op dit blog deden ze een test in de keuken waarbij de conclusie was dat het aantal deeltjes dat daar de lucht in geslingerd wordt minstens zo erg is als buiten.

Lees verder….

Deel dit bericht:
dec 212017
 

In de categorie “zodra je je ergens in begint te verdiepen ontdek je hoe weinig je er over weet/wist” even een follow-up op mijn bericht van gisteren over het zelf meten van fijnstof.¬†Joost Wesseling van het RIVM reageerde dezelfde avond (laat) nog op mijn vraag voor wat meer informatie over het initiatief om tijdens de jaarwisseling zelf mee fijnstof te meten. Uit zijn mail bleek dat ze bij het RIVM (uiteraard) ook weten van het Venlose initiatief en Teus Hagen. Ze zijn afgelopen jaar bij hem op bezoek geweest (filmpje).

Op de YouTube pagina van Samen milieu meten vond ik ook nog een paar andere filmpjes die antwoord geven op vragen die ik nog had. Bijvoorbeeld over de te kiezen behuizing voor het geheel. Er staan 3 low-tech voorbeelden online: PVC T-stuk (video door Joost), yoghurt-emmer, plastic fles. Ik wist dat ik zelf een 4e optie gezien had op een van oorsprong Duitse site, maar die ook info in het Nederlands aanbieden: PVC bochten. Die site van OK Lab Stuttgart is sowieso een plek waar je wel een uurtje zoet kunt zijn. Je kunt daar je sensor ook aanmelden zodat jouw metingen permanent, dus niet alleen tijdens oud en nieuw op een online kaart weergegeven worden. Ook hier met ondersteuning voor Nederland en er zijn nog genoeg plekken waar nog niet gemeten wordt.

Op instructables.com staat een beschrijving van het opzetten van een configuratie met de¬†Shinyei PPD42 sensor waarbij ze een belangrijke hack toepassen: ze plakken de opening bij het detectiegebied af zodat er geen licht op valt, dat schijnt de hoeveelheid “ruis” bij de metingen te verminderen.

Ook heb ik inmiddels de beschrijving gevonden van het gebruik van de Shinyei sensor in combinatie met The Things Network (TTN). Het voordeel daarvan is dat je sensoren ook kunt ophangen in gebieden waar je geen toegang tot een draadloos netwerk hebt, al is dit wel een sensor waarvoor je een stopcontact in de buurt moet hebben want op een batterij gaat het vanwege de continue metingen niet werken.

Bij de beschrijving van de TTN-oplossing werd verwezen naar de behuizing die je hierboven bij het bericht afgebeeld ziet. Kost zo’n ‚ā¨20,- in aanschaf. Iets duurder, maar als je niet zo van het knutselen bent wat mij betreft ook wel een optie.
Lees verder….

Deel dit bericht:
dec 202017
 

Vandaag vindt in Amsterdam bij De Waag Society de workshop plaats ter voorbereiding van de meting van de luchtkwaliteit tijdens de jaarwisseling 2017-2018. Dit doen ze weer samen met het RIVM die een hele site heeft over het samen meten aan luchtkwaliteit. Ze zochten deelnemers in Amsterdam en daar woon ik niet, dus helaas. Op de site van het RIVM (b)lijkt het echter niet alleen om metingen in Amsterdam te gaan, logisch eigenlijk ook natuurlijk. Op die site staat ook dat ze dit jaar met The Things Network (TTN) en LoraWAN aan de slag gaan. Extra interessant natuurlijk.

Dichter bij huis, in Venlo, werken studenten van Fontys bij het Greentechlab aan een experiment voor (o.a.) tijdens de jaarwisseling. Omroep Venlo had er een reportage over (klik even door voor de video). Hier geen uitgebreide pagina, maar ik herken in het filmpje de Marvin van RDM Makerspace, dat betekent in ieder geval dat ze ook met LoraWAN aan de slag gaan. Niet duidelijk is of ze dan KPN gebruiken (en bv een demo-account) of “gewoon” TTN. De standaard bijgeleverd temperatuur en vochtigheidssensor zit er ook aan. Ik kan in het filmpje niet zien welke sensor ze gebruiken. Want daar zit nogal wat variatie in.

Het RIVM heeft er¬†een hele pagina¬†over online staan (en de website bevat nog veel en veel meer info). Het wordt dan al heel snel “technisch” met term en als PM 2.5 en PM 10. De getallen 10 en 2.5 verwijzen naar de afmetingen van deeltjes die gemeten kunnen worden in microns (micrometers). Dan heb je het over klein en nog kleiner. Het RIVM blijkt te meten met PM10, dus deeltjes van 10 micrometer en kleiner. Dat is een beetje balen want de sensoren die ik heb liggen (nog niet getest overigens) meten 2,5 micrometer en kleiner. Dat lijkt dan nauwkeuriger, maar als we het hebben over “fijnstof” dan telt alles van 10 micrometer en kleiner mee.¬† En dus is het handiger om in diezelfde maat te meten. Overigens, voor fijnstof geldt hoe kleiner de deeltjes hoe slechter en hoe minder van alles hoe beter. Er is geen veilige ondergrens.

Ik heb het RIVM om meer info gemaild. De sensor die zij gebruikten, de Shinyei PPD 42NJ  zou ik deze week nog in huis moeten kunnen hebben. De aansluiten op de Marvin moet relatief gemakkelijk zijn, dan zou het vooral gaan om de vraag hoe ik verbinding maak met de centrale backend van het RIVM om er voor te zorgen dat mijn data uit Deurne ook in hun overzicht/meting opgenomen wordt.  Wordt (hoop ik) vervolgd.

p.s. de kaarten met overzichten van de niveaus fijnstof zijn best verontrustend.

Deel dit bericht:
dec 022017
 

Google heeft weer een geinig nieuw experiment de wereld in gestuurd: Paper Signals. Het principe is heel simpel: je print een vouwmodel op papier, knipt het uit volgens de instructies. Je neemt een ESP8266, een servomoter en 3 kabels. Vouw het geheel samen. Maak een account aan bij Google zodat je via je smartphone en Google Assistent commando’s aan het “signal” door kunt geven. Zet de benodigde code op de ESP8266 (kwestie van wat variabelen in een bestandje aanpassen voor jouw wifi-netwerk, jouw code bij Google etc en dan uploaden). En klaar.

Het resultaat is dan bv een signal met een paraplu er op die open gaat wanneer het gaat regenen. Je geeft dan via de Google Assistent, met stemcommando’s, door dat die bepaalde signal het weer in jouw woonplaats bij moet houden.¬† Zo hebben ze al een voorbeeld voor een signal voor raketlanceringen, een countdown klok (leuk voor in de klas om af te tellen naar de Kerstvakantie), eentje voor het weer die aangeeft of het korte broeken weer is of niet (voor de meeste leraren is het nooit korte broeken weer in de klas!!). Maar je kunt ook zelf nieuwe sjablonen verzinnen.

Google gebruikt voor hun kit de Adafruit Feather HUZZAH en die is niet heel goedkoop. Maar als ik naar de bijgevoegde code kijk, dan zit daar op het eerste oog niets in dat niet op een willekeurig ESP8266 zou kunnen draaien. Ik heb het nog niet kunnen testen, maar dit zou ook op een Wemos D1 mini van 2 euro uit China moeten kunnen werken. Logisch ook omdat de ESP8266 niet veel hoeft te doen. Hij hoeft alleen via WiFi contact te maken met de Google dienst, te luisteren naar opdrachten die hem vertellen hoe de servo moet draaien en de servo op basis daarvan aansturen.

Let op! Ik ga er vanuit dat dit een experiment is van Google dat met name op de Google Assistant gericht is. Garantie dat de API en de dienst jaren in de lucht blijft heb je bij Google sowieso niet vaak. Maar ja, dan haal je de onderdelen toch weer uit elkaar en gebruik je ze voor wat anders?

 

 

Deel dit bericht:
nov 272017
 

Ondanks alles zijn kinderen nog lang niet zo’n nerd of geek als hun papa is. En hoewel ik natuurlijk sowieso helemaal niet over ze mag klagen, kreeg ik vandaag toch nog wel weer wat meer hoop. Vandaag kwam namelijk weer eens een pakje uit China binnen. Nu met zo’n “bekende” 37-in-1 sensorkit. Een zakje (ik had niet gekozen voor de duurdere versie met doosje) met daarin 27 verschillende sensoren voor aan de Arduino, de ESP8266 of de micro:bit.

Totale kosten zo’n 10 euro, geen geld dus. Ongetwijfeld niet de meest hoogstaande kwaliteit, maar elke sensor zit al op zijn eigen printplaatje met pinnen om meteen een dupont-kabeltje op aan te sluiten.

Wat me positief verraste was de belangstelling en de nieuwsgierigheid die het pakje met sensoren opwekte. Niet omdat ze iets moesten of wilden bouwen. Nee, gewoon nieuwsgierig naar waar al die 27 sensoren voor dienden, wat je er mee kon doen. Sommigen kenden ze al (relais, thermometer etc.) maar andere ook weer niet. Het bijbehorende kaartje bevat niet meer dan alleen een afbeelding van de sensoren en de bijbehorende naam. Ze kunnen er via YouTube dus heel eenvoudig achter komen.

Maar dat moet nog even wachten want komend weekend “moeten” we eerst nog een Sinterklaas surprise in elkaar knutselen op basis van een servo, een ATtiny85, LEDjes, hout, verf,…..
De week erna hebben we wél tijd. Ik ben eens benieuwd hoe ver we komen.

Dat kinderen alleen maar willen gamen en tv kijken is net zoveel onzin als dat hele digital natives verhaal van voorheen. ūüôā

Deel dit bericht: