jan 212017
 

Als iemand schrijft “If there’s one thing we learned from our extensive work in formulating this curriculum, it’s that no two educators or experts can agree on the best approach to progression and learning in the field of digital making” dan weet je dat ze heel wat gesprekken gevoerd hebben met mensen uit “het veld”. En zelfs nu zie je dat er in de reacties onder de blogpost over het “digital making curriculum” eentje staat met “goed gedaan maar ik zie wel een paar belangrijke fouten”.

Eerst dan even wat het is, daarna die opmerking over die fouten. Het digital making curriculum beschrijft vijf thema’s (“design”, “programming”, “physical computing”, “manufacture”, “community and sharing”) binnen (digitaal) maakonderwijs. Ik heb digitaal tussen haakjes gezet, maar eigenlijk is het wel een belangrijke om wél te laten staan omdat “maken” en “maakonderwijs” eigenlijk zeker niet altijd digitaal hoeft te zijn. Kijk maar eens naar de producten die ze bij Walhallab maken of het klooicanon. Dus dit is wat dat betreft al een subset van maakonderwijs. En ook anderzijds, als het gaat om het stukje “digitaal” dan is het curriculum als het goed is ook breder dan alleen digitaal maakonderwijs. Je ziet het al, alleen het toelichten van het curriculum kost veel regels.

Naast de thema’s zijn er vier niveaus uitwerkt (“creator”, “builder”, “developer”, “maker”). Dit zijn oplopende niveaus van vaardig zijn met “maker” als hoogste niveau.

Per cel van het curriculum is er steeds een korte uitspraak over wat de cel inhoudt, een uitspraak over het leerdoel, voorbeelden van resultaten en voorbeelden van projecten/leeractiviteiten. Dit is een voorbeeld van creator + design.

De opmerking in de reacties had bezwaar tegen het niveau “maker” en vond dat dat “expert” moest zijn. Ben ik wel een beetje mee eens. Daarnaast zou “builder” een niveau onder “creator” moeten zijn en zou er een niveau “amateur” moeten worden toegevoegd. Wat dat laatste betreft vraag ik me af wat daar dan aan leerdoel in zou moeten komen, ook denk ik niet dat het persé een 4×4 of 5×5 matrix moet zijn. De reactie onderstreept wel een beetje het eerste punt uit dit bericht: iedereen heeft er een mening over.

Blijft wat mij betreft gewoon overeind dat het een mooie startpunt / voorbeeld is voor als je als school met (digitaal) maakonderwijs aan de slag wilt en wilt beschrijven wat leerlingen zouden moeten kunnen. Je kunt het dan aanpassen en uitbreiden naar je eigen situatie.

Het curriculum is online en als pdf beschikbaar.

Deel dit bericht:

Zijn deze beroepen er nog in 2027?

 Gepubliceerd door om 08:00  Onderwijs
jan 212017
 

Voorspellingen doen voor over 10 jaar is heel gemakkelijk. Tegen die tijd kijkt niemand meer terug en als je er 8 noemt, zoals in dit bericht, dan is de kans groot dat er altijd wel een paar bij zitten die je goed had. Daar op zichzelf niet echt reden om er aandacht aan te besteden. Maar ik vond het toch wel een lijstje dat ik ook hier even wilde bewaren. Mijn weblog bestaat al bijna 15 jaar, dus de kans dat ik dit bericht over nog eens 10 jaar nog terug kan vinden is groot genoeg. Het lijstje van Marloes de Hooge met mijn commentaar erbij:

  1. Taxichauffeur: ok, ik geloof in zelfrijdende auto’s, 10 jaar is een optimistische inschatting, maar het kan. Het is een beetje flauw om af te sluiten met “En dus zijn er dan minder taxichauffeurs nodig”, het ging namelijk over beroepen die uitsterven.
  2. Helpdeskmedewerker: jammer, een sneer naar “huisvrouwen en studenten die wat willen bijverdienen” als helpdeskmedewerkers. Ja, als je die er nu hebt zitten, dan kun je die ook wel vervangen door een computer. Zie ook mijn opmerking hieronder bij de reisagenten.
  3. Kassière: zou wat mij betreft inderdaad kunnen over 10 jaar. Ik hoop van niet overigens, in “mijn” supermarkt hebben ze altijd nog wel tijd voor een praatje.
  4. Reisagenten: Ja, ik boek mijn reizen/vakanties nu ook al online, maar zodra het maatwerk wordt, of als er iets niet goed loopt, krijg ik een mens aan de telefoon met kennis van zaken. Die idd zelf ook een computer ter beschikking heeft om e.e.a. uit te zoeken en te regelen. Dus, nee, voor een individueel reisje niet, maar dat is nu al niet meer zo.
  5. Postbode: mee eens als het gaat om “postbodes, met elastieken om hun stuur” maar de vergelijking hier is ook niet “eerlijk” want 10-20 jaar geleden hadden we ook maar 1 bezorger van post/pakjes etc. en dat hebben we waarschijnlijk over 10 jaar weer. Dat noemen we dan een post- en pakketbezorger.  Wat mij betreft dus een gewijzigd beroep, niet een verdwenen beroep.
  6. Vertalers: tja, ook hier denk ik dat het wat generiek gesteld wordt. Het zou heel mooi zijn als Google Translate over 10 jaar foutloos werkt, maar ik moet nog zien of ik een gemiddelde wetenschappelijke publicatie er dan foutloos doorheen gejaagd krijg.
  7. Accountant: accountancy is, hoop ik toch echt, wel iets meer dan “het betere rekenwerk”. Ook hier: een beroep dat flink zal wijzigen, de accountant zal meer en meer het werk van de computers overzien en aansturen. Het is dus nodig dat ook de studies die studenten gaan volgen daarin meegroeien.
  8. Verschillende beroepen in de bouw: is een heel grote groep die in 1 adem genoemd wordt. Ja, bakstenenleggers hebben we over 10 jaar, hoop ik, veel minder nodig. Die worden dan 3D-printer operators. Heb je er minder van nodig.

Je ziet het, ik ben het er zeker niet een-op-een mee eens, integendeel. Ik denk eigenlijk ook dat we wel betere lijstjes kunnen maken. Gewoon zodat we over 10 jaar terug kunnen kijken én natuurlijk om serieus over na te denken vooraf. Welke beroepen denk jij dat er over 10 jaar niet meer zijn?

Deel dit bericht: