CWIS-NL – Indruk tot nu toe

 Gepubliceerd door om 12:54  Internet
mrt 212006
 

Voorlopige conclusie (terwijl Iwan nog bezig is), is dat de organisatie een heel mooie mix van sprekers tijdens deze hands-off heeft weten te vinden: Willem liet heel enthousiast voorbeelden van gebruik zien. Hij kon dan ook heel terecht weinig met de vraag die hij kreeg over de toegevoegde waarde van weblogs voor het onderwijs, anders dan het feit dat ze heel duidelijk zichtbaar de studenten stimuleerden en enthousiast maakten. Wat wil je inderdaad nog meer dan dat.
Gerrit liet zien dat het allemaal zeker niet iets is wat beperkt hoeft te blijven tot initiatieven die door de onderwijsinstelling of docenten opgezet worden.
Iwan gaat in zijn verhaal heel reflecterend te werk. Als een echte onderzoeker (zonder daar een negatief waarde-oordeel aan te hangen!) die afstand neemt van het onderwerp en dat heel objectief beschrijft.
Ik denk dat de combinatie van die drie aanvliegroutes een heel aardig beeld geeft.

Deel dit bericht:

  7 reacties aan “CWIS-NL – Indruk tot nu toe”

Reacties (7)
  1. Jij schreef:

    "Hij kon dan ook heel terecht weinig met de vraag die hij kreeg over de toegevoegde waarde van weblogs voor het onderwijs, anders dan het feit dat ze heel duidelijk zichtbaar de studenten stimuleerden en enthousiast maakten. Wat wil je inderdaad nog meer dan dat."

    Waarom is dat "terecht"? De vraag "wat is de toegevoegde waarde voor het onderwijs?" vind ik heel legitiem!

  2. Klopt. Maar vind je ‘studenten enthousiast maken’ voor datgene wat ze leren niet al voldoende toegevoegde waarde?
    Dan maakt het toch niet uit of bijvoorbeeld ‘het kunnen omgaan met nieuwe media’ wel of niet in de kerndoelen staat. En dan is de vraag ‘zijn er andere methoden die nóg meer toegevoegde waarde hebben?’ een academische.

  3. Enthousiast maken is heel belangrijk, maar zou dat geen tijdelijk fenomeen zijn (dat heb je wel vaker met nieuwe technologie). Maar ik wil graag breder kijken naar didactische mogelijkheden (sociale interactie bevorderen, kennis construeren etc). Daar is natuurlijk ook al veel over geschreven.

  4. Mee eens. Breder kijken, zoals bij het project waar Iwan over vertelde moet ook. Zeker als je, zoals in dat geval, te maken hebt met studenten die ook heel kritisch staan ten opzichte van het gebruikte instrument. Dan ontkom je er niet aan te analyseren waarom dat is, nodige de gebruikte middelen niet uit tot kennis construeren, of is het gewoon het kennis construeren waar de student toch al moeite mee heeft en maakt het tool dat te expliciet voor het gevoel van de student etc.
    Maar, als de studenten er zondermeer al enthousiast door worden, hoef je van mij niet door te zoeken naar de reden daarvan.

    Overigens denk ik, maar dat is een vraag die Willem beter kan beantwoorden, dat als het enthousiasme voornamelijk door de nieuwigheid blijkt te komen, hij volgend jaar of het jaar daarna wel iets anders gevonden heeft waarmee hij ze enthousiast kan maken.

  5. Naast het enthousiast maken van leerlingen, kan het gebruik van een weblog ook het werk van de leerkracht makkelijker maken als hij of zij deze op de juiste manier inzet.

    Als stagebegeleider van een groep studenten die een stageweblog bijhouden kun je een hoop voordelen ondervinden van b.v. de RSS feed.
    Als de studenten hun stageweblog goed bijhouden kan de begeleider alle berichten en vorderingen bijhouden in een feedreader (b.v. bloglines) en hier ook meteen feedback op geven.
    Dit zou eventuele stagebezoeken zeker toegevoegde waarde kunnen geven omdat de begeleider al een overzicht heeft van wat er tijdens de stage is voorgevallen.
    Daarnaast scheeld het de stagebegeleider aan het eind van een stage weer de tijd die hij anders had moeten steken in het lezen van een stageverslag. Deze tijd heeft hij gedurende de stage al aan het online verslag besteed.

    Misschien dat een weblog op deze manier ook kan ingezet worden bij promoties. Als men gedurende een onderzoek al van experts feedback krijgt op de verschillende aspecten van een onderzoek kan dit het onderzoek alleen maar ten goede komen. Alhoewel je zo misschien wel de traditie van het promoveren voor een groep experts in toga onderuit helpt :)

    Dit vraagt overigens ook wel een bepaalde insteek van de begeleider zelf. Aangezien deze het gebruik van de tool natuurlijk ook moet doorgronden en weten te begeleiden.

    Ik denk dat het uiteindelijk aan de manier waarop je een weblog in je onderwijs inzet zal liggen of het voor het onderwijs toegevoegde waarde heeft of niet.
    Zo zullen weblogs binnen het PO, VO, MBO, HO en WO ook allemaal andere doelen hebben, op een andere wijze toegevoegde waarde hebben en anders ingericht zijn.

  6. Buiten het automatiseren (RSS feed) zou ik met name het sociale aspect van blogs willen benadrukken. De CWIS-NL bijeenkomst had ook die term meegekregen: "social software".

    Het idee achter de blog lijkt mij het klankbord van een groep mensen, waar je andersinds geen contact mee had gehad. Die groep vormt zich mede omdat het gemakkelijk is om bijvoorbeeld RSS-feeds binnen te halen in plaats van een website elke dag te bezoeken.

    Toch kun je een groep studenten ook op andere manieren op elkaar laten reflecteren. Terwijl iemand die met het zelfde onderwerp bezig is aan de andere kant van de wereld, "toevallig" op het blog kan uitkomen. De blog vergroot in dat laatste geval het bereik enorm: er ontstaan nieuwe netwerken en netwerken worden met elkaar verbonden. Mijns inziens is het netwerk een belangrijk aspect van het blog.

    De vraag is tenslotte of dat aspect wel wordt ingezet door het gebruik van "de blog" in het onderwijs wanneer een blog wordt gebruikt voor bijvoorbeeld het "communiceren met het thuisfront", zoals Willem aangaf. Ik denk het niet. Of er ook spontane netwerken zouden onstaan wanneer studenten in het eerste jaar met een blog beginnen blijft natuurlijk ook de vraag, maar ik vermoed dat er meer kans bestaat op nieuwe interactie dan in geval van de blogs die voor een enkele cursus of gebeurtenis worden ingezet.

    Het is te kortstondig, er had net zo goed een andere CMS gebruikt kunnen worden voor het snel online plaatsen van multimedia. Volgens mij komt het gouden randje bij "social software"-effect alleen tot zijn recht wanneer de blog over een langere periode bestaat, en dat durf ik in het geval van de studenten te betwijfelen. Zo gaf ook Willem Karssenberg aan dat het blog over de wintersportactiviteit nu niet meer gebruikt wordt. De community is weg, en het netwerk dus ook. Iemand die extern op het blog komt zal zich ook niet meer genegen voelen om reacties te plaatsen, wanneer duidelijk zichtbaar is dat het blog inactief is geworden.

    Wanneer we dit soort mechanismen kunnen benoemen, zoals automatiseren er ook een is, dan heeft dat een meerwaarde boven enthousiastmeren; omdat je het mee kunt nemen naar nieuwe leeromgevingen.

    Ik had dan ook in de bijeenkomst verwacht dat er een voorzichtige aanzet naar een aantal van dit soort mechanismen zou worden gedaan, naast het enthousiastmeren; dat nogal voor de hand ligt.

  7. @Gijs: ja, je zou het weblog nog ‘completer’ (weet even geen beter woord) kunnen gebruiken, dus meer ook voor dat netwerkaspect, dan nu gedaan is. Al zie je dat dat netwerk er nu wel was, maar dan niet via het weblog zelf.

    Waarom een weblog en niet een ‘andere CMS’? Nou omdat een weblog starten letterlijk 5 minuten en 3 stappen kost. Probeer dat maar eens met een CMS. En ik ken geen officiële instituuts-CMSen die ingericht zijn op het bieden van een deel waar een docent met een groep studenten op deze manier voor een korte periode verslag kan en mag doen van zo’n reis.
    Daar komen dan dingen als communicatiebeleid, interne rechten en afspraken bij kijken die dat allemaal een stuk complexer maken.

    Wat jouw inschatting van de bijeenkomst betreft. Vergeet niet dat het nadrukkelijk gericht was op beginners.

Sorry, het reactieformulier is momenteel gesloten.