Jun 072016
 

Praktijkgericht_onderzoek_bij_lectoraten Het Rathenau Instituut heeft een rapport opgesteld waarin ze een overzicht geven van de wijze waarop praktijkgericht onderzoek binnen het hbo in de vorm van lectoraten ingericht is. Het is een overzicht van cijfers en kengetallen op basis van een vragenlijst die uitgezet is naar de zittende lectoren. Lang niet alle lectoren hebben de vragenlijst ingevuld, het responspercentage was 28%. Toetsen van representativiteit van de antwoorden kon alleen op basis van de bekende verdeling man/vrouw bij de lectoren en de sector. Hier zaten geen significante verschillen met de lectoren die de vragenlijst hebben ingevuld.

Het rapport schetst over het algemeen een positief beeld. Het aantal lectoren is van 350 in 2008 gegroeid naar bijna 600 in 2014, de budgetten en aantal betrokken FTE per lectoraat zijn eveneens gestegen. Lectoraten zijn in de regel netwerkorganisaties waarbij samengewerkt wordt met de omgeving.
Er zijn een aantal punten waarop het gemiddelde lectoraat verschilt ten opzichte van het Kenniscentrum Kwaliteit van Leren, waar het iXperium / Centre of Expertise Leren met ict onderdeel van uitmaakt. Een daarvan is de relatie met andere scholen. Zoals in het rapport schrijft:

“Scholen in het funderend onderwijs zijn voor het merendeel van de lectoren geen netwerkpartner. Minder dan een derde van alle lectoren maak melding van scholen in hun netwerk. Deze scholen zijn vooral voor de lectoren in het onderwijs (lerarenopleidingen) van belang en voor de overige lectoren maar mondjesmaat. Hun rol is die van projectpartner, vrijwel niet als opdrachtgever en evenmin voor leverancier van stageplaatsen of toekomstige banen voor studenten.”

Verdeling_staf_lectoraatScholen zijn bij ons zeker partner. En er zijn meer verschillen die vergelijken van onszelf met de rest moeilijker maken. Zo kent het rapport de clustering van lectoraten binnen kenniscentra niet. Ook de vraag of je als gevolg daarvan ook verschil ziet in budget, taakverdeling etc. komen niet aan bod in het rapport. Daarnaast wordt de staf van lectoraten zoals opgenomen in het rapport niet uitgesplitst naar “onderzoekers” enerzijds en “docentonderzoekers” anderzijds. Niet dat de ene per definitie beter of slechter zou zijn dan de andere, maar vooral omdat het een indicatie is van waar de hoofdtaak van een medewerker ligt.
Het is dan ook een beetje de vraag in hoeverre de respons ook voor wat betreft vorm van het lectoraat wel representatief is. Ik begrijp dat de vragenlijst namelijk gericht was op individuele lectoraten, dus een lector met een eigen kenniskring, en niet gemakkelijk in te vullen was als je niet in zo’n structuur werkt.

Deel dit bericht:
Jun 052016
 

coverVan Kennisnet / Mijn kind Online komt “125 leerzame apps & websites” met als ondertitel: voor kinderen van 4 tot 12 jaar.

Laat ik beginnen met de opmerking: als je leraar bent in het basisonderwijs, dan is het gewoon een PDF om te downloaden en eens door te lezen.

En daarna twijfel ik een beetje. Want het document riep bij mij een heleboel vragen op. En zelf vind ik dat super. Het zet mijn hoofd aan het werk, zeker als ik daar niet meteen zomaar de antwoorden bij heb. Maar als ik die vragen hier beschrijf, dan kun je dat ook lezen als het schieten van gaten in het document. En zo is dat wat mij betreft niet direct bedoelt.

Goed, daar gaat hij:
Bestuurders in gesprek met leraren?
Het eerste intrigerende kwam ik al tegen in het persbericht van Kennisnet zelf over het document. Daar staat namelijk:

Met ‘125 leerzame apps & websites’ wil Kennisnet leraren inspireren om met apps in de klas aan de slag te gaan. Maar de inspiratiebrochure is ook bedoeld om bestuurders in het primair onderwijs te helpen om met hun medewerkers te praten over de kwaliteit van digitale inhoud voor leerlingen.

Dit lijkt een toevoeging te zijn van de PR-afdeling, want nergens in het document kom ik echt handvatten tegen voor leidinggevenden. Ik zou het super vinden als leidinggevenden op basisscholen inderdaad in met hun leraren in gesprek zouden gaan over de kwaliteit van het leermateriaal dat gebruikt wordt. Maar minstens net zo handig is het als de leraren zelf met elkaar in gesprek gaan hierover. Maar ook zij zullen daar in het begin wat hulp bij nodig hebben.
Lees verder….

Deel dit bericht:
Jun 012016
 
Via Makered.nl kwam ik bij bovenstaande video van Techinsider.io over Makerspaces in het onderwijs in de VS. Op Makered.nl geeft Arjan een uitgebreide tekstuele toelichting bij de video, dus als je liever leest dan video kijkt, moet je even daar kijken. Wat ik zelf vooral ook mooi vond aan het voorbeeld van het Marymount College is dat ze daar Maker Education als een doorlopende lijn door alle leerjaren heen hebben geïntroduceerd. Daarbij zijn de verwachtingen van wat leerlingen doen en kunnen in het begin (uiteraard) anders dan wanneer ze ouder zijn.
Ook die laatste opmerking is goed om te onthouden: je moet van een Makerspace niet een opgeleukte wrapper maken voor de reguliere content. Dan raakt de omgeving zijn kracht kwijt.
Deel dit bericht:
Mei 312016
 

microbi De Micro Bit en ik hebben tot nu toe een wat moeilijke relatie. Ik was sceptisch vooraf, maar het bezoek aan de BETT deed me besluiten dat het kleine apparaatje toch kansen bood die uniek waren.
Maar vandaag, nu de Micro Bit eindelijk ook voor “iedereen” te koop is, ben ik toch weer een stuk sceptischer. Waarom? Omdat de kit £12.99 moet gaan kosten, dus bijna €17,-. En dan gaat hij niet per stuk, maar Element 14, de enige plek waar ik hem nu kan vinden, verkoopt hem alleen in eenheden van minimaal 90 stuks. Ehm, niet echt geschikt voor 1 klasje of een test thuis of in het iXperium.

Maar zelfs zonder die 90 exemplaren die ik zou moeten aanschaffen, is 17 euro best duur. Voor dat bedrag koop ik ook een Pi Zero + Adapters + case. Voor £9 koop je een Pi Zero + Adapters en voor £4 koop je de Pi Zero kaal (als hij op dat moment op voorraad is). Scheelt toch wel even €12 per stuk, oftewel: 3x Pi Zero zonder alles versus 1x Micro Bit (+ USB kabel + batterijhouder + 2 AAA batterijen).

Het is natuurlijk ook wel een beetje appels met peren vergelijken. De Pi Zero en de Micro Bit zijn heel verschillende apparaten. De ene is closed source, de andere niet (en dat betekent waarschijnlijk dat de Micro Bit ook echt nog wel in prijs gaat zakken). De ene draait op Linux, de andere op een embedded systeem. Beiden hebben nu al heel wat onderwijsmateriaal. Kortom, je zult je echt moeten gaan afvragen of je die 3x Pi Zero kaal koopt of toch die €17 wilt uitgeven voor een Micro Bit.

Wie heeft er een scenario dat beter geschikt is voor de ene of de andere optie?

Deel dit bericht:
Mei 252016
 


De OECD heeft vandaag een rapport gepubliceerd waarin ze een review publiceren van het onderwijsbeleid in Nederland. Mevrouw Montserrat Gomendio, adjunct directeur van het directoraat Education and Skills van de OECD was in Nederland en verzorgde een presentatie tijdens de Onderwijs Researchdagen in Rotterdam waarin ze een toelichting gaf bij het rapport. De presentatie is hierboven opgenomen.

Van_goed_naar_beterHet complete rapport kun je hier downloaden.
Ik heb het rapport nog niet gelezen, ik ga af op de presentatie. Daarbij werd benadrukt dat het Nederlands onderwijssysteem goed presteert maar dat er een aantal belangrijke aandachtspunten waren:

  • Zo werd opgeroepen om het kwaliteit van het onderwijs en de zorg voor de allerjongsten (0-2 jaar) te verbeteren (met o.a. de ontwikkeling van een “curriculum framework”). Nederlandse ouders maakten in tijd (omvang/aantal uren per week) beduidend minder gebruik hiervan dan andere landen.
  • Verbeter de initiële selectie van leerlingen; daarbij ziet de OECD veel in de citotoets als “onafhankelijke” toets.
  • Geef meer aandacht aan goede leerlingen en geef ze de mogelijkheid om te excelleren.
  • Verbeter de docentprofessionalisering
  • Verbeter de kwaliteit van de schoolleiders / leidinggevenden
  • Zorg er voor dat schoolbesturen heldere taken krijgen en daar ook op afgerekend kunnen worden.

Ik ben het niet met alle aanbevelingen evenzeer eens, maar ik moet het met mevrouw Gomendio eens zijn dat het op zich al goed is dat Nederland zo’n review heeft laten uitvoeren terwijl het onderwijs het over de breedte zeker niet slecht doet.

Deel dit bericht:
Mei 232016
 


VR_and_Cinema De presentatie van Jessica Brillhart, in het dagelijks leven Google’s Principal Filmmaker for VR, verliep verre van (technisch) vlekkeloos. Een groot aantal van de voorbeelden die ze wilden laten zien speelden niet af. Desondanks kan ik je de presentatie aanraden (vandaar ook deze blogpost).

Jessica gaat namelijk in op de vier punten die je in de afbeelding hiernaast ziet en die voor “filmmakers” relevant worden op het moment dat ze met Virtual Reality aan de slag gaan. Het gaat dan om vragen als “he, wat doe ik als ik geen absolute controle meer heb over het frame dat een kijker te zien krijgt?” of “hoe edit ik zo’n video?”. Maar zeker zo vreemd voor een filmmaker: “de camera bij VR is eigenlijk een persoon!” -> dus het camerastandpunt moet opeens logisch zijn, vanuit het oogpunt van de kijker, overgangen tussen camerastandpunten kunnen niet meer opeens enorm zij, etc.
En als je niet zeker weet waar de kijker kijkt, hoe bouw je dan een logische verhaal op in je film?

Zoals ik naar de video gekeken heb, is het niet alleen een verhaal van de problemen die een filmmaker te overwinnen heeft, maar zeker ook als belangrijke les die wij in ons achterhoofd moeten houden als we bijvoorbeeld Virtual Reality in het onderwijs willen gaan gebruiken. Want ook dan komen die vragen naar voren en als we er níet in slagen ze goed te verwerken in het materiaal dan wordt het qua materiaal niks.

Deel dit bericht:
Mei 162016
 

Ook ik ben met LEGO opgegroeid. En mijn kinderen natuurlijk ook. Er is daarom nog steeds het nodige aan LEGO hier in huis, en sinds ik bij het iXperium werk heb ik ook daar met LEGO te maken. Ik kan dus eigenlijk stellen dat het bekijken van “A LEGO Brickumentary” valt onder het bijhouden van mijn vakliteratuur.

De film geeft een mooi overzicht van het ontstaan van het bedrijf achter LEGO, de manier waarop het bijna ten onder ging en hoe het nu er voor zorgt dat ze contact met hun klanten houden.
In de film komt ook de inzet van LEGO bij therapie voor kinderen met autisme kort naar voren. Daarover is inmiddels ook het nodige aan onderzoek gepubliceerd Ik heb nog geen tijd gehad om die individuele onderzoeken allemaal te bekijken op hun waarde, en al helemaal niet in relatie tot berichten dat ook Minecraft zo’n functie kan vervullen.

Als ik kijk naar een aantal van de aanwijzingen op dit gebied, dan lijken me die ook gewoon bruikbaar bij kinderen die geen autisme hebben:

  1. stel de basisregels vooraf vast
  2. verdeel rollen (ontwerper, bouwer, leverancier, regisseur) en wissel die rollen per “beurt”
  3. hanteer de principes van “play therapy”
    1. vaste tijd en ruimte voor de activiteit
    2. gebruik zo veel mogelijk non verbale communicatie
    3. gebruik beschrijvende taal in plaats van vragen en opdrachten
    4. breng leerlingen bij elkaar en daag ze uit bij elke stap van de activiteit
  4. volwassen coaches moeten zorg dragen voor positieve interacties, compromissen voorstellen en er voor zorgen dat de groep “on task” blijft.

 

 

Deel dit bericht:

Mozilla Web Literacy Framework

 Gepubliceerd door om 11:54  Algemeen
Apr 102016
 

Mozilla_web_literacyHet Web Literacy Framework van Mozilla is niet nieuw en zeker niet het enige model dat we beschikbaar hebben om (een deel van) ict-geletterdheid te beschrijven. Ik vond de afbeelding bij Dweb-literaciesoug Belshaw (zie hiernaast rechts) een mooie toevoeging als het gaat om de vraag hoe “web literacy” zich verhoudt tot bijvoorbeeld computational thinking en computer science, terwijl het model zelf (zie de afbeelding links) weer een link legt naar de al evenzo bekende 21st Century Skills.

Mooi bij het framework van Mozilla vind ik de directe link naar voorbeelden van leeractiviteiten die in dat kader uitgevoerd kunnen worden. Daarbij staan dan wel weer de Mozilla tools veelal centraal, het is niet echt een heel brede set. Terwijl ik me voor leerkrachten juist kan voorstellen dat zo’n link tussen vaardigheden en activiteiten die zij leerlingen kunnen laten uitvoeren om aan die vaardigheden te werken heel nuttig is.

Discussie over het framework is er wat mij betreft ook nog wel. Zo staat bijvoorbeeld bij “Evaluate” als omschrijving: “Comparing and evaluating information from a number of sources online to test credibility and relevance.” maar wordt dat alleen bij “Problem-Solving” gerekend, terwijl ik me hier toch ook kan voorstellen dat je dat via samenwerking onderling doet. Maar wellicht is dat juist een uitdaging bij veel van zulke competenties.

 

Deel dit bericht:
Apr 092016
 

Ik vond de tweet van Arjan van der Meij eigenlijk wel een handige bronvermelding voor het bericht op exploratorium.edu over het gebruik van LEGO (Mindstorm) om “kunstmachines” te maken (= machines die op hun beurt kunstwerken produceren).

Lees ook even het hele bericht tussen de foto’s en filmpjes door voor de toelichting bij de verschillende gebruikte strategieën.

 

Deel dit bericht: