Wat is Blended Learning?

 Gepubliceerd door om 16:08  Leertechnologie, Onderwijs
feb 062015
 

Het is zeker niet het enige filmpje waarin je uitgelegd wordt wat Blended Learning is, maar ik vond het een mooie samenvatting. Op de website van Spokane Public Schools vind je ook een link naar http://www.blendedlearning.org/, de site die beheerd wordt door (o.a.) de auteurs van het boek Blended. Using disruptive innovation to improve schools [1]

[1] Horn, M. B., Staker, H., & Christensen, C. M. (2014). Blended. Using disruptive innovation to improve schools. San Francisco, CA: Jossey-Bass.

jan 282015
 

Logitecht_ConferenceCam_ConnectVideoconferencing. Het blijft zo’n apart ding. Vroeger was het bijna onmogelijk om het te doen zonder dure apparatuur en verbindingen, tegenwoordig zijn er collega’s die er hun hand niet voor omdraaien en collega’s die het (waarschijnlijk) nooit zullen doen. Maar daar waar het nu wél gebeurt (en best regelmatig, in mijn geval bijna elke week wel een keer) is dat met laptops, iPads, kortom de dagelijkse mobiele apparaten die mensen ter beschikking hebben. En dan met Facetime, Skype of Lync, software dus.

Toch blijven bedrijven zich ook richten op die groep tussen de laptopvergaderaars en de grote roomsystems. Zoals Logitech die binnenkort komen met de Logitech ConferenceCam Connect. Een apparaat dat 500 euro gaat kosten, een ingebouwde accu heeft voor mobiel gebruik (3 uur videoconferencing), maar wel gewoon aan een laptop (PC, Mac, Chromecast) aangesloten wordt, waarmee je met een groepje comfortabel in beeld kunt zijn zonder schouder aan schouder te hoeven zitten, met een goede ingebouwde microfoon en speakers.

Als je het negatief zou stellen is het dus een heel dure webcam. Veel zal afhangen van hoe gemakkelijk je het apparaat bij de hand hebt op het moment dat je hem echt nodig hebt. En wat je daarnaast aan andere apparaten ter beschikking hebt. Een iPad kan namelijk een vergelijkbare functie vervullen. Natuurlijk, de camera zal iets minder goed zijn, de audio mogelijk ook, maar het werkt.

Van de andere kant zou het mogelijk zin kunnen hebben binnen projectruimtes van studenten. Dan zou je een aantal van deze camera’s bij een uitleenbalie beschikbaar hebben voor gebruik door studenten. Dan hangt het natuurlijk een beetje er vanaf of ze voldoende studentproof zijn (lees: tegen een stootje kunnen).

Wat voor mij het beeld van het apparaat wat minder duidelijk maakt zijn de “andere” functies die het apparaat heeft. Zo kun je het ook gebruiken als een draadloze speakerphone waarbij je het apparaat verbinding laat maken met een smartphone en je dan zonder PC met alleen audio kunt vergaderen. Ook heeft het apparaat ondersteuning voor Miracast waarmee je draadloos van bijvoorbeeld Android, Windows Phone of Windows 8.1 verbinding kunt maken. Als je dan het apparaat via HDMI  aansluit op een monitor kun je flexibel (draadloos) je scherm projecteren. Dit laatste werkt niet op iOS, dat is jammer, met Airplay ondersteuning zou deze feature breder inzetbaar zijn. Zeker omdat Apple toch ook in het onderwijs wel een tamelijk groot marktaandeel heeft op tabletgebied. En een losse Miracast receiver koop je al voor zo’n $60,-

Samenvattend: het zal vast geen slecht apparaat zijn. Maar ik vraag me af of Logitech er echt die miljoenen vergaderruimtes zonder videoconferencing mogelijkheden mee gaat bereiken.

jan 272015
 

Why multiple choice? It’s a question that’s plagued me for a long time, particularly as someone who grew up with one foot in the American and one foot in the British education system. (The former involved a lot of multiple choice testing; the latter, almost none.)
Where and when did multiple choice assessment originate? Who decided it was a good measurement of learning? How did multiple choice come to look this way? Like, why are there only four or five options in the typical multiple choice test? Why not three? Why not thirty?
How did multiple choice questions become the predominant means by which American schoolchildren are tested? And most importantly perhaps for my work: what is the relationship between multiple choice tests and technology?

Wil je het antwoord weten? Lees dan deze interessante post bij Audrey Watters

jan 082015
 

Google CalendarIk kreeg deze week een aantal vragen binnen waar ik deels wel antwoord op kan geven, maar waarbij ik ook heel graag gebruik wil maken van jullie input. De vragen waren eigenlijk heel simpel. Een aantal collega’s wil in het kader van hun professionalisering ook een aantal nationale/internationale conferenties bezoeken.
Onderwerpen: e-learning / open onderwijs.
Voorkennis: redelijke kennis van beide gebieden.

En dan zijn er uiteraard ook conferenties waar ik nog niet geweest ben, maar van gehoord heb:

En op deze site zijn er nog een aantal meer te vinden: http://www.openeducationeuropa.eu/nl/share/events

Kortom, meer dan genoeg keuze op basis hiervan al.
Maar de vraag is toch nog: zijn er conferenties die volgens jou niet zouden mogen ontbreken? En van de conferenties die er op staan: wat zijn jouw ervaringen?

jan 022015
 

SAMSUNG_UE40HU6900Het was een paar jaar geleden een hele hype bij SURFnet en bij een aantal onderwijsinstellingen: 4K video.

Je kon er toen als ‘gewone’ gebruiker helemaal niets mee. De benodigde camera’s en schermen waren schrikbarend duur. De bestandsomvang van 4K video (of Ultra HD zo je wilt) was hoog en de benodigde bandbreedte bij streaming niet haalbaar. Zeker niet thuis.

Maar inmiddels is het 2015. Voor minder dan 600 euro koop je een 4K TV. Een Gopro Hero 4 Black waarmee je 4K video met 30 frames per seconde kunt maken kost op dit moment 475 euro. Een geheugenkaartje voor die Gopro met 32GB kost minder dan 20GB per kaartje. Netflix is begonnen met het streamen van 4K, YouTube eveneens. En met een stevige UPC netwerkverbinding gaat dat prima.

Datzelfde UPC overigens dat al een dertigtal zenders in HD levert (en dan tel ik HBO en Fox niet eens mee), terwijl die een paar jaar geleden nog veel hoon ontvingen omdat hun eerste HD tests flopten omdat ze het niet aan konden.

Toen overigens dezelfde discussies over hoe groot een TV wel niet moet zijn voordat het verschil in extra pixels wel niet zichtbaar zou zijn. Bleek bij HD niet relevant, ik voorspel je dat het bij UHD niet zo min relevant zal blijken te zijn. En als je eenmaal die stap maakt, dan is er geen weg terug meer. Ook niet op een kleiner scherm dan 55 inch.

Maar goed, het onderwijs ging al met 4K aan de slag toen een ‘goedkope’ UHD TV nog 8.000 euro moest kosten. Dan zou je eigenlijk verwachten dat nu, in 2015, het aanbod van downloadbare of streambare UHD video enorm zou moeten zijn. Maar ik kon niets vinden. Kon zelfs de informatie van SURFnet, het indertijd geproduceerde cookbook etc. niet meer online vinden. Wat is er gebeurt?
Hebben “we” indertijd besloten dat het nog te vroeg was voor 4K? Of dat het geen onderwijskundige meerwaarde had? Dat een student een instructiefilmpje niet op ultra hoge kwaliteit hoeft te kunnen bekijken? Omdat de inhoud toch bagger/slaapverwekkend is? Dat laatste zal dan toch niet voor álle video’s gelden.

Blijft dus de vraag: waar is al die video?
En als hij er nog niet is: waar blijft als die UHD educatieve video?

dec 052014
 

Mooi filmpje van Derek Muller van Veritasium over hoe “we” elke keer weer denken (dachten) dat een bepaalde technologie het onderwijs ingrijpend zou gaan veranderen. Gebeurt dus echt niet op basis van een technologie (alleen). Alleen…de constatering dat leren vooral gebaseerd is op sociale interactie is op zichzelf natuurlijk wel leuk. Maar daarmee verander je de uitdagingen in ons onderwijs ook niet. Daarmee zorg je  namelijk nog niet voor een betere match van die interactie tussen docent en student op basis van wat een individuele student nodig heeft. Dus, mee eens dat het niet door de technologie zelf zal veranderen, maar zeggen of denken dat het dan maar genoeg is dat er een “goede” docent aanwezig is, is me ook wat gemakkelijk.

Getipt door Bram Lankreijer

nov 012014
 

Zelf noemt Philip Verbeek, student bij de Mechatronica opleiding van Fontys in Venlo het een Pin Ball Contraption of PBC, voor de rest van de wereld mag het gewoon een Flipperkast heten die hij gebouwd heeft van LEGO (en o.a. een Arduino). Veel meer filmpjes kun je hier vinden. Praktisch is het natuurlijk niet echt, maar het is een mooi voorbeeld van wat fantasie, handigheid en “wat speelgoed” voor elkaar kan krijgen. Mooi!

(via Omroep Zeeland)

okt 312014
 

ED_31-10-2014Onderwijs. Naast voetbal is onderwijs ook zo’n onderwerp waar “we” in Nederland allemaal verstand van hebben. Waarschijnlijk ook wel omdat we er bijna allemaal wel mee te maken hebben. Als je kinderen hebt of als je er zelf werkt. Nou ja, en natuurlijk omdat het onderwijs de magische machine is die onze toekomstige beroepsbeoefenaars moet opleiden.

En dus moet het goed. Nee, het moet beter. Want het is nu niet goed. Dat kan “iedereen” zien. Het is ouderwets, niet digitaal genoeg, te versnippert, niet actueel, niet afgestemd op de praktijk, er is sprake van hokjes denken, niet competente docenten, fraude, …..

Dus gooien we er nog maar een keer een adviesrapport tegenaan en weer een van boven opgelegde wijziging met regels, doelstellingen, mijlpalen en meetpunten. Zucht.

Begrijp me niet verkeerd. Ook ík weet niets van onderwijsvernieuwing in het voortgezet onderwijs. Ook ik zie mijn kinderen met een veel te zware rugzak naar school vertrekken terwijl ik zelf mijn bijscholing digitaal regel. Ook ik hoor hoe ze soms dom Engelse woordjes van buiten leren terwijl ze in al zelf in een restaurant in het Engels hun bestelling plaatsen, met vriendjes online in het Engels praten en het zo ook geleerd hebben (vanuit de praktijk). Dus, ja, als ouder heb ik ook nog wel wat wensen.

Maar moeten we nou echt weer, nadat ze net de vorige herstructurering door gemaakt hebben, vanuit Den Haag gaan roepen dat ze het in het voortgezet onderwijs nóg steeds niet goed doen en ze nu in Den Haag wél bedacht hebben hoe ze het dan nu wél goed kunnen (nee, *moeten*) doen?
Daar kan toch geen enkele verandermanager van roepen: “goed plan!”. En dan dus helemaal onafhankelijk van de inhoud van dat plan. Zo jaag je toch ook de docenten die wél iedere keer de schouders eronder zetten en proberen een voorstel zo goed mogelijk te implementeren de bomen in?

Maar goed. Ik heb er geen verstand van. Ik vraag me alleen af of de mensen die dit soort dingen verzinnen de illusie hebben dat zij dat wél hebben…

okt 152014
 

Het onderwijs is de meest progressieve sector als het gaat om de overgang van digitale transformatie in digitale volwassenheid. Leidinggevenden in het onderwijs kennen meer dan in andere sectoren de hoogste prioriteit toe aan het bereiken van digitale volwassenheid (80 procent). 34 procent stelt daarbij binnen twee jaar digitaal volwassen te kunnen zijn, 71 procent verwacht in 2019 zover te zijn. Dat blijkt uit Europees onderzoek van Coleman Parkes, uitgevoerd in opdracht van Ricoh. Volgens de onderzoekers is een organisatie digitaal volwassen wanneer technologie en digitale processen ingebed zijn en wanneer deze ingezet worden om prestaties te verbeteren.

via Computable.

Volgens onderzoek van Ricoh loopt het Onderwijs voor op ICT gebied, de reageerder zijn het daar niet helemaal mee eens. We blijken in het onderwijs, volgens Ricoh, echter wel een gebrek aan visie op dit gebied te hebben. Tja. Ik zou natuurlijk nog wat cherry-picking kunnen doen voor wat betreft voor mij interessante quotes:

 ‘De komende vijf jaar zal samenwerken en leren op afstand dan ook de norm worden. De digitale invloed is niet alleen in het leslokaal en online van belang, maar moet ook worden gezien als een middel om processen te optimaliseren en de efficiëntie te verhogen’

En:

‘Digitale volwassenheid moet er ook voor zorgen dat een juiste balans wordt gevonden tussen online en offline leren, in de klas en op afstand en digitaal en analoog.’​

Zo is het maar net.

sep 152014
 

UnlockedD’Arcy Norman gaat in een blogpost in op het verschil tussen open leeromgevingen en de in het algemeen als gesloten beschouwde institutionele leeromgevingen. Hij heeft het over LMS, in de titel gebruik ik ELO als afkorting. Dat komt in praktijk redelijk overeen. Het gaat namelijk meer om de vreemde tweedeling tussen “open leeromgevingen” enerzijds en die door de universiteit of hogeschool aangeboden omgevingen.

Het is het handigste om gewoon de blogpost van D’Arcy even te lezen en dan hier verder te lezen. Het heeft namelijk niet echt zinvol dat ik hier alles ga herhalen wat hij daar schrijft.

Maar de belangrijkste punten natuurlijk wel:

De harde tweedeling tussen open leeromgevingen en institutionele leeromgevingen is onzin, omdat een omgeving door de instelling beschikbaar gemaakt wordt, maakt hem nog niet slecht. En omgekeerd, dat een leeromgeving open is, maakt hem nog niet goed. Dat wat een docent er mee doet (of wat leerlingen er mee kunnen) is bepalend.

Het voordeel van een institutionele leeromgeving is dat ondersteuning geregeld is, en niet iedereen (niet alle docenten en niet alle studenten) hebben de tijd, energie of kennis/vaardigheden om het zonder die ondersteuning te doen.

Ook voor open leeromgevingen geldt dat als ze maar omvangrijk genoeg worden, ze de eigenschappen van institutionele leeromgevingen beginnen te vertonen. D’Arcy noemt dat Norman’s Law of eLearning Tool Convergence. En ook die kan ik onderschrijven, al moet ik bekennen dat me dat in eerste instantie met verbazing duidelijk werd. Het bekendste voorbeeld van die regel vind ik Moodle. Ooit was Moodle klein, hét voorbeeld van een open leeromgeving, een omgeving die een docent zelf kon installeren en onderhouden, de omgeving waar je mee aan de slag ging als je Blackboard niet wilde. Tegenwoordig zijn er ook de nodige universiteiten en hogescholen die Moodle aanbieden als institutionele leeromgeving. En daar zie je dat Moodle ook qua waardering de plek van Blackboard ingenomen heeft. Natuurlijk, je kunt stellen dat dat is omdat die verduivelde IT’ers zich er mee zijn gaan bemoeien, alles dicht getimmerd hebben en daarmee jou als docent je vrijheid ontnomen hebben. Maar ik denk dat dat te gemakkelijk geredeneerd is.

En zoals zo vaak blijkt ook hier de wereld dus niet binair in te delen te zijn. Het is niet zwart/wit, maar meerdere tinten grijs (nee, dat was geen verwijzing naar…). Het zou dus goed zijn voor een onderwijsinstelling om daar op in te spelen. Dus: aanbieden van genoeg faciliteiten voor docenten en studenten om gewoon dat online te doen wat nodig is, maar ook koppelingen met externe systemen, manieren om data eenvoudig naar buiten beschikbaar te stellen of weer te importeren. Om niet binair alleen ondersteuning te bieden voor wat intern beschikbaar gesteld wordt, maar te kijken waar ze in dat grijze gebied ook nog docenten en studenten ten dienste kunnen zijn.
En voor docenten zou moeten gelden: verspil je energie niet met het uitsluitend benadrukken van wat fout is met de leeromgeving die je onderwijsinstelling beschikbaar stelt. Kijk wát je er mee kunt doen en doe dat dan ook. Heb je voor andere zaken iets anders nodig, laat je dan vooral niet afremmen.