Sep 282016
 

Karl Dittrich vindt dat er [..] een taak is weggelegd voor de lerarenopleidingen. “Vooral op het gebied van onderwijs ligt er een belangrijke taak weggelegd voor universiteiten en hogescholen, daarbij denk ik aan de lerarenopleidingen. Wij moeten zorgen dat wij leraren voor de klas krijgen die om kunnen gaan met die digitalisering. Ierland heeft ingezet op verplicht programmeren op de basisschool, dat lijkt mij voor Nederland een prima plan.”

(bron)

Of het verplicht stellen van programmeren op de basisschool nou de beste oplossing is, daar is het laatste woord in Nederland zeker nog niet over gezegd (mijn persoonlijke mening: als je afhankelijk bent van de politiek om het te verplichten, dan weet je zeker dat er geen draagvlak is en zonder draagvlak ben je nergens). Maar het belang van leraren voor de klas die om kunnen gaan met de toenemende digitalisering van de samenleving, dat lijkt me veel minder een discussiepunt!

Deel dit bericht:

Bizarre financiële prikkels….

 Gepubliceerd door om 12:09  Onderwijs
Sep 212016
 

opbrengst_boetes_moet_omhoogFok.nl voert vandaag een bericht met als kop “Opbrengst boetes moet omhoog“. Wat blijkt? Er komt te weinig geld via verkeersboetes binnen bij het Ministerie van Veiligheid en Justitie. Dat komt omdat de politie vorig jaar stakingsacties heeft gehouden, het weer, files, maar ook “nalevingsgedrag van weggebruikers”. Oh, dus we houden ons beter aan de verkeersregels en dus moeten er extra agenten op verkeershandhaving gezet worden, moeten er meer trajectcontroles worden ingericht en meer digitale flitspalen.

Een verkeersboete is er dus niet voor onze veiligheid, maar voor de inkomsten van onze regering.

Via ScienceGuide vandaag een ander bericht: “OV snoept HO-investering op“. Daar net het tegenovergestelde verhaal: de worst van 200 miljoen euro die onderwijsinstellingen zouden kunnen binnen halen als ze er in slagen om het OV beter te laten benutten door hun studenten, stroomt toch niet in zijn geheel terug naar dat hoger onderwijs. Nu worden er ook pilots mee betaald die door de OV-bedrijven uitgevoerd worden. Pilots als “Reis je Rijk” waarbij studenten cadeaubonnen kunnen sparen voor de H&M of bol.com. Het geeft mij een beetje het gevoel van “Reken je Rijk”. Want die opbrengsten voor studenten worden nu uit de eigen zak van de instellingen betaald, van die investering die nu niet in het kwaliteit van het onderwijs gestoken wordt. De enige geruststelling die ik daarbij nog een beetje heb is dat de meeste onderwijsinstellingen zich al bij de start van de acties om de studenten uit de spits te krijgen realiseerden dat dit geheel sowieso een sigaar uit eigen doos is.

Kortom, twee voorbeelden van gebruik van financiële prikkels op een tamelijk bizarre manier.

Deel dit bericht:
Sep 192016
 

onderzoek_naar_schrijfonderwijsEen kleine maand geleden verschenen er in de media verschillende berichten over het promotieonderzoek van Monica Koster en Renske Bouwer  van het Utrecht Institute of Linguistics OTS over schrijfvaardigheid op het basisonderwijs. Ik verbaasde me toen over de beperkte en negatieve scope van een aantal van die berichten. De blogpost is hier te vinden.

Vandaag verscheen er op komenskypost.nl een bericht namens een van de deelnemers aan de pilot. Dat was, niet echt onverwacht, positief. Al kan ook Liesbeth Mol, de leerkracht van groep 8 die aan het onderzoek deelgenomen heeft zich de kritiek van anderen voorstellen.

Belangrijke uitspraak wat mij betreft echter is waar ze mee afsluit:

…door onze deelname aan het onderzoek hebben we aan den lijve kunnen ondervinden hoe fijn het is om schrijflessen te geven die ten eerste door de kinderen gewaardeerd worden en ten tweede de kwaliteit van de geschreven teksten enorm verbeteren.

Natuurlijk kun je dan nog steeds vraagtekens stellen bij een methode van een uitgever, maar het zijn wel twee heel duidelijke indicatoren van succes.

Deel dit bericht:
Sep 172016
 

onderwijsexceptie_auteursrechtDe Neth-er website verwijst naar een wetsvoorstel van de Europese Commissie voor de modernisering van Europese regelgeving over copyright (PDF). Het is een wetsvoorstel dat ik anders nooit zou hebben doorgespit, het bestaat uit de gebruikelijke vaktaal en mogelijk staan er heel veel beperkende maatregelen in, maar ik was alleen even op zoek naar het artikel dat hiernaast staat (article 4 van Title II) waar ook door Neth-er verwezen wordt:

Onderwijsmateriaal en copyright
Het wetsvoorstel bevat ook een copyright uitzondering voor digitaal materiaal dat wordt gebruikt voor educatieve doeleinden. Voorwaarden voor deze uitzondering zijn dat het gebruik plaatsvindt bij onderwijsinstellingen en dat naar de bron van het materiaal wordt verwezen.

Als ik het goed begrijp, dan zou dit voorstel, mits het daadwerkelijk aangenomen worden, een stevige uitbreiding van de mogelijkheden van het zorgeloos gebruik van auteursrechtelijk beschermd materiaal in leeromgevingen van onderwijsinstellingen zijn. Want tot nu toe ben je, ook in het onderwijs beperkt in wat je digitaal mag doen met zulk materiaal. En “the digital use of works and other subject-matter for the sole purpose of illustration for teaching, to the extent justified by the non-commercial purpose to be achieved” betekent, als ik het goed begrijp ook dat je niet digitaal materiaal kunt scannen en ter illustratie beschikbaar kunt maken. Dus een verzameling achtergrondmaterialen bij een onderwerp zouden dan (met bronvermelding) in een leeromgeving kunnen worden opgenomen.

Nogmaals: het is een voorstel, ik neem aan dat uitgevers en anderen hier zeker nog wel wat op aan te merken gaan hebben, ik zou ook wel eens willen horen hoe een jurist dit leest, maar het zou een stap de juiste richting op zijn.

Deel dit bericht:
Sep 132016
 


Een van de nadelen van Virtual Rearlity (ook ten opzichte van Mixed Reality of Augmented Reality) is dat je helemaal afgesloten bent van de buitenwereld. Zeker met een headset op voor het ruimtelijk geluid.
Dat kan natuurlijk veranderen. Bijvoorbeeld als je een multiplayer game hebt waarbij je met meerdere spelers/personen tegelijkertijd aanwezig bent in een VR omgeving.
Bovenstaande video laat een demo zien van IEEE waarbij 3 deelnemers, met behulp van een Oculus Rift, onder leiding van een “vluchtleider” opdrachten moeten uitvoeren op Mars.
Naast het bericht op armdevices.net, kun je ook indrukken lezen op digitaltrends en tomshardware.
De indrukken waren over het algemeen positief:

I felt properly enclosed in a spaceship, floating above Mars, but unlike so many other of my VR adventures, I wasn’t alone. I sensed that I had copilots to share my adventure with — and that felt phenomenal

Ook al was deze demo meer een proof of concept.

Ook hier neem ik aan dat het vervolmaken van de techniek een factor is (nu zitten ze naast elkaar, je wilt het ook over het netwerk kunnen spelen op afstand), de uitdaging zal zijn/blijven om zinvolle spelsituaties te bedenken waarbij VR meerwaarde heeft én het sociale groepsproces. En nee, ik verwacht geen klaslokaal met 30 leerlingen met zo’n Oculus Rift op hun neus, maar voor kleinere groepjes die (op afstand) samenwerken of die gezamenlijk problemen oplossen, simulaties doorlopen, rollenspellen uitvoeren? Waarom niet?

Deel dit bericht:
Sep 122016
 

Bovenstaande filmpje had ik gisteren via Twitter al gedeeld, maar ik vond het wel iets meer dan 140 tekens waard, dus vandaag een blogpost erover.
Ik heb het filmpje gemaakt tijden de Eindhoven Mini Maker Fare die afgelopen weekend plaats vond. Het was gewoon zo’n ding waar je dan naar kijkt en eigenlijk niet naar kunt stoppen met kijken.

Ik had me laten uitleggen dat hij gemaakt was met “Neopixels”, maar achteraf gezien begrijp ik dat dat een merknaam is die van Adafruit is voor individueel addresseerbare RGB kleuren pixels en strips gebaseerd op de WS2812WS2811 en SK6812 LED/drivers, die gebruik maken van een enkel-draads control protocol. Maar ook Adafruit heeft andere LED producten die adresseerbaar zijn (DotStars, WS2801 pixels, LPD8806 en “analoge” strips) die andere methoden van aansturen gebruiken.

Hoe dan ook, ik vond het er mooi uit zien. Maar toen Fleur Besters via Twitter vroeg of ik er ook een handleiding bij kende, ben ik toch nog even verder gaan zoeken.

Lees verder….

Deel dit bericht:
Aug 302016
 

EKSTERDrie verschillende koppen boven berichten:

Utrechtse promovendi ontwikkelen succesvolle lesmethode voor schrijfvaardigheid”

Persbericht NRO: Tekster leert basisscholieren beter schrijven

Schrijfvaardigheid van kinderen holt achteruit

En toch gaan ze alle drie over hetzelfde promotieonderzoek van Monica Koster en Renske Bouwer  van het Utrecht Institute of Linguistics OTS. Via de eerste link, van de Universiteit Utrecht kun je het proefschrift zelf ook downloaden. Het tweede bericht, op de site van Pedro De Bruyckere maakte melding van onderstaand filmpje. En de derde kop? Tja, die komt van de site van het Eindhovens Dagblad, maar komt dus ook gewoon voor bij BN DeStem en volgens Google bij o.a. Trouw, Volkskrant en het AD, maar als ik doorklik op die links, dan is het bericht daar niet meer te vinden.

Waarom een bericht over schrijfvaardigheid? Voor een groot deel vanwege de kop op de site van het ED. Toegegeven, die negatieve framing daar zorgde er mede ook voor dat ik het bericht las. En daarna zelf maar ging zoeken naar het onderzoek. Vooral ook omdat de afbeelding bij het bericht: een hand, met een potlood boven een vel lijntjes papier de indruk wekt dat het ging om iets waar al langer discussie over bestaat: hoe belangrijk is het dat kinderen met een pen/potlood leren schrijven op school (versus: typen op een toetsenbord of op een tablet)?

Lees je de andere twee berichten dan wordt al heel snel duidelijk dat “schrijfvaardigheid” hier zich zeker niet beperkt tot het een of het ander. Alleen al het ezelsbruggetje EKSTER (Eerst nadenken, Kiezen en ordenen, Schrijven, Teruglezen, Evalueren, Reviseren) maakt al duidelijk dat zelfs als je “Schrijven” vervangt voor “Typen” (goed, dan is de afkorting niet meer zo mooi), het hier ook echt wel gaat om een vaardigheid die kinderen, leerlingen, volwassen heel hard nodig hebben. En dat maakt dit een relevant onderzoek voor iedereen.

Lees verder….

Deel dit bericht:
Aug 262016
 

I/O gebouw in NijmegenEen hogeschool is geen universiteit. Helder. Of we dat moeten willen zijn, daar kun je heel lang over discussiëren. In andere landen is het verschil in naam verdwenen, in praktijk niet helemaal. Nederlandse hogescholen noemen zichzelf in het Engels “University of Applied Sciences”. Duidelijk ook wat mij betreft: het gaat om toegepast onderzoek.

Onderzoek aan een hogeschool is geen hobby van een bestuurder of een docent die in de boeken wil duiken. Het levert, mits goed opgezet en ingebed, wel degelijk een fundamentele bijdrage (grapje: nee, we doen geen fundamenteel onderzoek) aan de beschikbare kennis en het beschikbare onderzoek binnen de verschillende gebieden. Dat is geen belofte, dat is de afgelopen jaren gebleken.

Je bent er echter niet met het simpelweg aanstellen van een paar lectoren binnen een hogeschool. Ook niet als het ervaren mensen zijn die in het bedrijfsleven hun sporen verdiend hebben en een netwerk met zich meebrengen. Een lector zal moeten beschikken over voldoende onderzoekers waarmee onderzoek uitgevoerd kan worden. En die onderzoekers zullen in staat moeten zijn niet alleen onderzoek uit te voeren maar ook het netwerk van het lectoraat op te bouwen, te onderhouden en uit te bouwen. Daarbij zullen ook zij op hun beurt weer ondersteund moeten worden. En of dat in een Centre of Expertise, Centrum voor Innovatief Vakmanschap (mbo) of een Kenniscentrum gebeurt maakt wat mij betreft niet eens zo veel uit. Er moet een goede en duurzame basis en organisatie zijn.

Zo’n netwerk bestaat als het goed is uit partijen in de driehoek: onderzoek – beroepenveld – onderwijs.  Het beroepenveld (het bedrijfsleven of in het geval van een educatieve faculteit: het afnemend onderwijsveld) zal daarbij in veel gevallen de vragen aanleveren op basis waarvan het onderzoek ingericht wordt. Onderzoek aan een hogeschool zal daarnaast nooit los staan van het onderwijs binnen die hogeschool. Resultaten van onderzoek zullen ook inpasbaar moeten zijn in het onderzoek, studenten en docenten zullen bij het onderzoek betrokken moeten worden. En dan nog is het voor individuele lectoraten vaak moeilijk om de eindjes financieel aan elkaar te knopen. Want voor wat betreft de financiering van onderzoek zit er nog een groot verschil tussen universiteiten en hogescholen. En ja, onderzoek kost geld, zowel in uitvoering als in ondersteuning.
Daarbij vind ik het zeker geen probleem dat het beroepenveld (en het onderwijs) mee moeten betalen met onderzoek dat hogescholen uitvoeren. Integendeel. De bereidheid om mee te betalen is immers een goede manier om er voor te zorgen dat het onderzoek ook daadwerkelijk praktijkgericht blijft, met die praktijk verbonden. Maar van de andere kant kun je ook niet van partijen in het beroepenveld verwachten dat zij alle kosten dragen van onderzoek dat in de regel ook voor anderen heel bruikbaar is. En zeker als er uitgegaan wordt van de open access gedachte waarbij de resultaten van het onderzoek vrij met anderen gedeeld worden, zou je verwachten dat de initiatiefnemers van het onderzoek ook financieel gesteund worden uit gemeenschappelijke gelden.

Het is daarom dan ook niet vreemd dat de roep bestaat en blijft bestaan voor het structureel financieel ondersteunen van onderzoek binnen hogescholen. Dat is geen linkse hobby, dat is het gebruik van gezond verstand. Dat is verstandig investeren in de toekomst.

p.s. voor de duidelijkheid: zoals alles op dit weblog, is ook bovenstaand bericht geschreven op persoonlijke titel.

Directe aanleiding voor dit bericht:

Deel dit bericht:
Jul 162016
 

pokemon_goJa ja, ik weet het: weer een blogger die de Pokémon Go rage gebruikt als click-bait en weer zo’n zot die denkt dat technologie het onderwijs kan veranderen. Tja, dat eerste kan ik niets aan doen: je hebt zelf doorgeklikt, en wat dat tweede betreft denk ik niet dat Pokémon Go het onderwijs zal veranderen, maar dat betekent niet dat het onderwijs er niets van zou kunnen (moeten!) leren. Want ik vind de reacties tamelijk “zuur”. Zelfs Wilfred Rubens eindigt met:

De relevantie van de game voor het onderwijs is op dit moment vooral als casus op het gebied van mediawijsheid. Daarbij valt me op hoe hardleers wij als mensen zijn. Keer op keer weten grote groepen gebruikers zichzelf niet te matigen, met de nodige nadelen en risico’s als gevolg. Als we nu eens vanaf het begin dergelijke games selectief zouden spelen, dan zou het plezier groter zijn.

En dan zal ik je de reacties die Wouter Siebers via Twitter kreeg op zijn (ok, ook wel heel luchtig geschreven) stuk in de Volkskrant besparen. Een volwassen man, iemand die het onderwijs kent, een onderzoeker, we zouden toch allemaal wel beter moeten weten.

[update 11:55] Wouter geeft via Twitter aan dat de reacties juist voornamelijk positief waren, ik heb maar een heel klein deel van de reacties gezien, mijn opmerking ging over deze lijn (en de reacties op de Volkskrant site zelf).

Hoe anders dan zo’n bedrijf als de Albert Heijn. Hadden zelf een mooie virtual reality actie met dino’s. Als ze zouden reageren zoals wij dat in het onderwijs doen, dan zouden ze daar zeggen: “nou nou, leuk hoor dat Pokémon Go, laten we maar lekker gewoon blijven, we hebben onze reclame-acties voor de komende tijd uitgestippeld staan, dat werkt, hebben we onderzocht en we gaan geen risico lopen met onze klanten”.

Maar dat deden ze niet, dus daarom hebben ze daar, nu, terwijl de hype nog niet eens echt een volle week oud is al een AH-brede inhaakactie op poten gezet: de Pokémappie. Je kunt er meer over lezen bij iCulture (is logischer dan dat ik alle info van daar ga herhalen), maar in samenvatting:

  • 1,3 miljoen Nederlander spelen Pokémon Go terwijl het programma pas sinds vanochtend officieel uit is in Nederland;
  • ze sluiten aan op de spaar- en verzamelgekte van de Nederlander;
  • ze hebben een interactieve kaart gemaakt waarbij je per AH-winkel kunt zien welke Pokémon daar te vinden is;
  • ze gaan in elk filiaal een medewerker aanwijzen die het spel speelt en tips kan geven aan zoekende klanten.

Niet negeren dus maar omarmen. Voor hoe lang? Voor zo lang als de hype duurt. Direct effect: je bent hip, bij de tijd, laat zien dat je weet dat er speelt en waarschijnlijk trek je er ook nog wel meer klanten mee. Zoals die pizzeria die “lures” kocht en er zo voor zorgde dat er bij zijn Pizzeria meer Pokémon verschenen (te vangen waren) dan anders. Voor een euro per uur trok hij zo meer klanten doordat Pokémon Go spelers binnen kwamen en niet alleen een Pokémon vingen maar vaak ook even een stuk pizza en/of wat te drinken kochten (logisch, want als je buiten rond loopt dan krijg je honger/dorst).

Natuurlijk is dat niet zomaar een-op-een op onderwijs over te zetten. Wij verkopen geen stukken pizza. En een foldertje voor de nieuwe opleiding bedrijfseconomie is veel minder smakelijk dan een stuk pizza. Maar waarom zouden we Pokémon Go eigenlijk niet een stuk pizza verkopen in onze school of in de bibliotheek? Of een kop koffie / wat fris? We wilden toch graag dat onze onderwijsgebouwen onderdeel worden van learning communities? En ja, dan kun je tijdens het eten van die pizza ook wel met ze praten over mediawijsheid en andere serieuze zaken.
Zelf ben ik benieuwd of de hype de herfst overleeft, dus als het weer slecht wordt. Wie weet is iedereen er dan weer net zo snel op uitgekeken als dat het nu op komt. Prima ook wat mij betreft. Beter nog dan dat we over 10 jaar nog achter kleine rare beestje aanzitten.

Het gaat mij om de grondhouding: is onze eerste reflex om uit te leggen waarom iets een hype is en daarom niet relevant voor het onderwijs of is onze eerste reflex om te kijken hoe we actuele gebeurtenissen (zoals zo’n hype) kunnen inzetten om de relevantie van “school” voor onze jeugd te verbeteren. We verwachten van onze jeugd dat zij later hypes, ontwikkelingen, kansen, nieuwe technologieën en sociale ontwikkelingen kunnen duiden en benutten. Tenminste als we roepen dat we hen opleiden voor beroepen die nu nog niet bestaan, dan doen we dat.
Dan zit er voor ons ook maar één ding op: het geven van het goede voorbeeld. En dat is wat Albert Heijn en vergelijkbare bedrijven doen, niet wat wij zelf nu doen als we beginnen met “vanaf de tijd dat de tv werd uitgevonden zijn er al mensen geweest die….” en dan over gaan tot de orde van de dag omdat ook deze hype wel weer over gaat. Dat gaat hij ook, relevant is wat wij er in de tussentijd mee doen!

Deel dit bericht:
Jul 122016
 

Mail_oeps

Best wel een oeps-momentje qua mailing:

  • tekst in de mail zonder naam eronder;
  • in de CC maar liefst 132 mailadressen opgenomen (incl. die van mij);
  • bijlage in pages-formaat, vast alleen bedoelt voor creatievelingen met een Apple. Al is er via een omweg wel aan de inhoud te komen…

Ik heb maar geen reply-all gedaan om aan te geven dat ik dit een beetje knullig vind.

Deel dit bericht: