Dec 032015
 

20151203_141253 Ongeveer een maand geleden stelde ik mezelf de vraag of we nog iets moesten met Chromebooks in het onderwijs. In de reacties bood mijn collega Koen Steeman aan dat ik een keer bij ‘zijn’ basisschool zou komen kijken. Naast zijn werk als Specialist Leren met ict bij het iXperium Nijmegen is Koen namelijk ook docent van groep 8 bij ’t Startblok in Cuijk. Vanmiddag zouden twee andere ict-coördinatoren van basisscholen komen kijken en dus was het ook een uitgelezen moment voor mij om langs te gaan.

20151203_133555000_iOSDe klas van Koen maakt niet elke dag en niet elk moment van de dag gebruik van de Chromebooks. De school heeft een aantal laptopkarren met per kar 25 Chromebooks. De groepen 7 en 8 delen een kar, groep 5 en 6 ook. Voor de jongste leerlingen hebben ze iPads. Elke klas heeft minimaal één vast tijdblok per week waarop ze met de Chromebooks werken, de andere momenten worden door de leerkrachten op basis van behoefte ingepland. Vanmiddag was zo’n moment waarop de klas met de Chromebooks aan de slag gingen.
Op zo’n moment blijkt wel al een duidelijk voordeel van een Chromebook ten opzichte van een iPad: elke leerling logt in met zijn/haar eigen account en heeft dan meteen zijn eigen omgeving (favorieten etc) ter beschikking. Ten opzichte van een reguliere laptop (de school had eerst SkoolBooks) wint de Chromebook het aan het begin van de les duidelijk qua opstartsnelheid. Twee minuten wachten voordat een apparaat opgestart is, zorgt voor veel onrust in een klas.

De groep van Koen ging vanmiddag in verschillende groepjes aan de slag. Sommige leerlingen werkten met Duolingo aan hun Engels. Een ander groepjes was via een gedeeld document in Google Drive met Google Docs bezig met de planning / hun werkstuk voor de kerstactiviteit, weer een ander groepje was bezig met Code Combat etc.
De klas werkt daarnaast met Taal in Beeld,  De wereld in getallen, kortom een groot aantal verschillende (online) toepassingen, die eigenlijk allemaal ook wel als eigenschap hebben dat een toetsenbord voordelen heeft. Zeker omdat je dan het hele beeldscherm beschikbaar houdt tijdens het typen.

Lees verder….

Deel dit bericht:

De strijd om het krijt

 Gepubliceerd door om 08:59  Leertechnologie, Onderwijs, Video
Nov 262015
 

krijtbordHet is een gevecht dat ongetwijfeld op meer plekken plaats gevonden heeft (of nog plaats gaat vinden), ik ken in ieder geval ook zo’n voorbeeld van bij mijn vorige werkgever: de strijd om het behoud van het krijtbord.

Bij de Hogeschool Utrecht is dat nu (ook) het geval, zo valt op de Trajectum-website te lezen. Er staat blijkbaar een verhuizing op stapel en een van de statistiekdocenten heeft te horen gekregen dat “zijn” krijtborden niet mee zullen verhuizen naar de nieuwe locatie.  Het argument van de manager Bedrijfsvoering is dat men deze “oude middelen niet passend vindt ten aanzien van de moderne faciliteiten die wij als hogeschool willen bieden.”

Ik vind zulke berichten interessant, want het is meestal een niet te winnen discussie. Als een hogeschool een nieuwe locatie uitrust met krijtborden, dan kun je wachten op de reacties over de “ouderwetse leermiddelen” die de hogeschool nog heeft, tijdens open dagen, in gesprekken met docenten en studenten of wie dan ook maar iets over het onderwijs te zeggen heeft.
Maar ja, het gaat hier (uiteraard?) niet over zomaar een docent. Maar over een docent die dat krijtbord tot middelpunt van zijn lessen heeft weten te maken, een icoon waarbij ook de studenten zeggen “laat hem dat nou gewoon nog blijven doen”. Een docent die mét dat krijtbord in 2012 nog docent van het jaar werd bij de Hogeschool Utrecht:

Een dilemma dus.

Lees verder….

Deel dit bericht:
Nov 242015
 

20151124_165942_2Vandaag was de jaarlijkse faculteitsdag van de Faculteit Educatie van de HAN. De dag werd verzorgd door het iXperium en het thema was “iXpresso”. Geheel in stijl waren de verschillende workshops ook van naam voorzien: iXgame, iXreporter, iXpiratie en iXbox Mystery Challenge.

Bij die laatste sessie, gecoördineerd door Frank Thuss, was ik samen met Wilfred Rubens en Marijke Kral als jurylid betrokken. Gedurende 2,5 uur gingen collega’s van de faculteit aan de slag met een fictieve casus: de HAN zou een paar weken dicht gaan, ontwikkel een leerarrangement waarmee de studenten toch gewoon onderwijs kunnen volgen. Groepjes krijgen in hun box de opdracht, een persona en een werkvorm die ze in ieder geval in hun ontwerp mee moesten nemen. Als juryleden hielpen we ze waar nodig op weg, stelden vragen bij hun ontwerp en hadden de moeilijke taak om achteraf een winnaar te kiezen.

20151124_165510_2 20151124_165140_2

Want ja, er moest een winnaar gekozen worden. En dat was niet eenvoudig. Ondanks dat iedereen in hoofdlijnen dezelfde opdracht had, was de vrijheid dusdanig groot dat er een grote variatie in de uitwerkingen zat. Dat maakte het luisteren naar de uitleg natuurlijk wel weer zo leuk, want het waren daardoor zeven verschillende verhalen en aanpakken. Zowel in uitwerking als in manier van presenteren.

Lees verder….

Deel dit bericht:
Nov 222015
 

Computing_our_future European Schoolnet heeft onderzoek gedaan naar de wijze waarop bij de verschillende Europese landen in het onderwijs aandacht besteed wordt aan het leren programmeren. Het rapport daarover “Computing our future” is al een paar weken beschikbaar, maar ik had niet eerder de mogelijkheid om het te lezen, daarom alsnog. In het rapport hanteren de auteurs de volgende omschrijving:

Computer programming is the process of developing and implementing various sets of instructions to enable a computer to perform a certain task, solve problems, and provide human interactivity. These instructions (source codes which are written in a programming language) are considered computer programs and help the computer to operate smoothly.

De auteurs maken nadrukkelijk het onderscheid met computational thinking waarbij het weliswaar ook vaak om coderen en programmeren gaat maar waarbij het oplossen van problemen, ontwerpen van systemen en begrijpen van menselijk gedrag een belangrijke(re) rol vervullen.

Computing_our_future_2Het onderzoek bevat data van 21 Europese landen waarvan 16 landen programmeren inmiddels al geïntegreerd hebben in hun onderwijs. Nederland behoort niet bij die zestien landen en is, samen met het Franstalige deel van België en Noorwegen, een van de drie landen die zelfs geen plannen hebben om dit te doen. Er zijn zes landen (Estland, Frankrijk, Israël, Spanje, Slowakije, Engeland) die al op de basisschool aandacht aan programmeren besteden, nog vier andere landen (Vlaanderen, Finland, Polen) gaan dat doen. Programmeren wordt zowel als apart vak als geïntegreerd in andere vakken aangeboden. Dat heeft ook gevolgen voor de wijze waarop de vaardigheden getoetst worden.

Computing_our_future_3

Er zijn verschillende redenen om aandacht te besteden aan programmeren, de afbeelding hiernaast geeft een overzicht. De eerste twee (logisch denken en probleemoplossend vermogen) liggen in het verlengde van computational thinking, het er voor zorgen dat we meer mensen krijgen die de juiste opleiding hebben om ook binnen de ICT werkzaam te zijn, of die kunnen programmeren lijkt meer economisch gericht.

Het rapport bevat een kopje “Digital Comptentence plans” maar helaas is de kwaliteit van die links niet optimaal. Voor Nederland verwijst het naar de pagina over “Toekomstgericht curriculum” die alleen voor Nederlanders te lezen is (geen Engelstalige versie) maar waar je verder ook niet direct competenties kunt vinden. Sommige van de andere links verwijzen naar startpagina’s van websites of andere tamelijk generieke URLs. De literatuurlijst op pagina 74 heeft dan wél weer een aantal interessante bronnen, bijvoorbeeld als je met Scratch aan de slag gaat in je onderwijs. Het is alleen niet helemaal duidelijk waarom die nou juist in dit rapport staan.

Al met al is het rapport aardig om te lezen als je globaal een beeld wilt krijgen hoe in de ons omringende landen aandacht besteed wordt aan programmeren in primair en voortgezet onderwijs. Maar het rapport geeft helaas onvoldoende doorverwijzingen om daar dan in detail zelf verder naar te kijken

Deel dit bericht:
Nov 202015
 


We hebben het in het kader van het onderwijs vaak over het opleiden van studenten voor banen die nog niet bestaan. Of over de discussie welke banen het eerst door robots over genomen gaan worden.
Nou klinkt dat vaak als bangmakerij of als iets wat mensen roepen om daarna te vervolgen met “en dus moet het onderwijs anders”.

Maar het bekijken van de film Good Kill (toegegeven, niet de beste film ooit gemaakt) en nu de aankondiging van de documentaire “Drone” hadden toch wel even het effect dat er wat langer bij stil bleef staan.
Enerzijds is er sowieso het concept “Drone” of UAV (Unmanned Aerial Vehicle). Als wij Europeanen al bang zijn voor mogelijke aanslagen op een terras of bij een concert, hoe moeten mensen zich dan voelen in gebieden waar drones ingezet worden en ze dus als het ware elk moment zo’n Hellfire raket op je hoofd kunt krijgen, afhankelijk van de beslissing van iemand die 6.000 km van jou af zit.

Maar waar beide films ook de aandacht op vestigen is wat dit doet met de piloten die op 6.000 km afstand zitten en orders moeten opvolgen terwijl ze zo’n UAV besturen en op afstand een raket op een doel afsturen.
In Good Kill (ik heb “Drone” nog niet gezien) zie je een paar voorbeelden van waar het goed gaat. Waar het de piloten zelf ook een gevoel van gerechtigheid en nut oplevert. Bijvoorbeeld als ze vanuit de lucht een patrouille veilig houden zodat die soldaten een paar uur kunnen slapen. Of als ze duidelijk als dusdanig herkenbare vijandige strijders uitschakelen.
Maar in de film wordt ook de strijd zichtbaar, van piloten die er kapot aan gaan dat ze niet meer in een echte straaljager mogen vliegen (en dan drank en drugs grijpen om de dag door te komen), van de soms heel arbitraire en soms zwaar misdadige beslissingen die door stemmen aan de andere kant van een telefoonlijn worden genomen en daar uit volgende bevelen die zij maar hebben te volgen.

De baan van piloot in dienst van het leger is met de komst van drones ingrijpend verandert. Op een manier die ons ook zo moeten doen nadenken over hoe we willen dat die verandering op andere plekken plaats heeft. En ook iets waarvan we zouden moeten vinden dat onze studenten nadenken. Het (laten) bekijken van een van beide films kan daarbij helpen.

Deel dit bericht:
Nov 152015
 

Vraag_via_mail

Ik krijg wel vaker via de mail vragen naar aanleiding van berichten die ik geplaatst heb of onderwerpen waar ik mogelijk iets van weet. Af en toe zit er eentje bij in de categorie “wil jij mijn huiswerk maken?”. Bovenstaande mail valt wat mij betreft in die categorie. Een student heeft de pech (of mazzel?) gehad om in de partij terecht te komen die tégen de stelling “Het is een goed idee om reguliere hoorcolleges te vervangen door video-colleges” moet zijn tijdens een debat aanstaande woensdag in het kader van zijn studie Communicatie en Informatiewetenschappen aan de Universiteit Utrecht.
Natuurlijk, je zou kunnen redeneren dat het toch slim van deze student is dat hij hulp vraagt van iemand die er mogelijk meer van weet. Nou nee, want de bedoeling van het debat is ongetwijfeld niet om te achterhalen wie het beste hulplijnen in kan schakelen, maar eerder een uitdaging aan de studenten om zich even te verdiepen in een onderwerp.

En dan heb ik het niet eens over een gedegen studie van de beschikbare literatuur. Daar kom je het persbericht van 2 jaar geleden over mijn promotie-onderzoek ook niet tegen. Maar zelfs een eenvoudige Google zoekopdracht op “arguments against the use of recorded lectures” levert al het nodige bruikbare materiaal.

Bijvoorbeeld het rapport getiteld “Students use of recorded lectures” (PDF) met daarin o.a. “The perception that access to recorded lectures lowered student attainment has also been disputed by most of the papers considered in this review, with lecture recordings having a slightly positive, or negligible effect on student attainment, and even a rise in student grades and lecture attendance in some cases (Franklin et al. 2011). This may be due to the strategic manner in which students use lecture recordings to reinforce their understanding of lecture material, rather than viewing recordings as a replacement for attending lectures”. Goed om in het achterhoofd te houden dus: het argument dat het ten koste gaat van de leerresultaten wordt niet door onderzoek ondersteund, maar we weten ook niet of dat niet komt omdat de opnames nu meestal gebruikt worden als aanvullend materiaal in plaats van als vervanging zoals in de stelling voorgesteld wordt. Als laatste uitwijk zou je dus nog hebben dat je van mening bent dat die effecten eerst op kleinere schaal onderzocht zouden moeten worden voordat je tot grootschalige invoer over gaat.

De tweede hit uit de zoekopdracht (“Is lecture capture the worst educational technology?“) laat qua titel ook niets te wensen over. In dat opiniestuk valt o.a. te lezen:

  1. Large scale recording of lectures perpetuates an outdated and increasingly discredited passive learning experience. Before all the great lecturers jump up and down and say how great lecturing is you have to admit that you are the exception and not the rule and most academics, although they may be good educators, are poor presenters in the lecture theatre.
  2. The technology does nothing to engage the student who instead of sitting passively in a lecture theatre checking their text messages will now sit passively in front of a screen at home checking their text messages.
  3. Traditional lectures aren’t designed for online delivery. They’re too long. Their length is designed to fit in with the timetabling constraints of the buildings in which lectures take place not for any pedagogical reason. Why should this physical constraint be allowed to migrate its way into flexible online delivery?
  4. Using the technology takes away technical effort, funding and other resources that could be better used in consolidating other enterprise wide educational technologies and in providing more widely available and timely staff development and support.

En het bericht gaat zelfs verder met het ontkrachten van een aantal van de argumenten die voorstanders aanvoeren. Ideaal leesvoer dus voor een debat.
Lees verder….

Deel dit bericht:
Nov 052015
 

hp 14 sky blue Gisteren werd er weer een nieuwe HP Chromebook aangekondigd. Voor mij leidde dat nogmaals tot de vraag in hoeverre zo’n Chromebook nu ook dagelijks bruikbaar is. Van de collega’s bij het iXperium begrijp ik namelijk dat het animo en de interesse voor de Chromebooks die daar aanwezig zijn minimaal is. Zeker niet hoog genoeg om nieuwe exemplaren aan te blijven schaffen en zo de collectie up-to-date te houden.

Nou is de vraag “In welke mate voldoet een Chromebook als licht device mét toetsenbord voor een senior onderzoeker van het iXperium / Center of Expertise Leren met ict?”niet echt een onderzoeksvraag die tot onze kernvragen behoort. Maar de vraag “Welke plek heeft een Chromebook naast de beschikbare tablet devices binnen het onderwijs?” zou een vraag zijn die wél relevant is.

Dus toch maar (weer) eens even de beschikbare info op een rij gezet en gekeken hoe zo’n onderzoeksvraag verder uit te werken is.
Lees verder….

Deel dit bericht:

Rapport: ict & me

 Gepubliceerd door om 09:15  Onderwijs, Onderzoek
Okt 192015
 

ict_and_me_cover

De divisie Noord Ierland van het National Children’s Bureau (NCB) uit het Verenigd Koninkrijk heeft een rapport gepubliceerd getiteld “ict & me, a research study examining how young people’s use of ICT and the amount of screentime impacts on GCSE attainment” (PDF). Dit onderzoek richtte zich met name op het cohort jongeren dat in de meest achtergestelde gebieden van Noord Ierland woont. Met name vragen als “hoe is het gesteld met de toegang tot ict?” zijn voor die groepen extra relevant. Het onderzoek maakte gebruik van een combinatie van literatuurstudie, een vragenlijst die twee jaar achter elkaar afgenomen werd. De conclusies rond studieresultaten zijn gebaseerd op de resultaten van 611 jongeren die de vragenlijst zowel in het eerste als het tweede jaar van de studie ingevuld hebben. Er zijn focusgroep bijeenkomsten geweest met jongeren en met ouders. De docenten zijn geïnterviewd.

ict_me_werkwijze

De belangrijkste conclusies uit het rapport:

  • Toegang tot een computer/laptop thuis is ook voor deze groep jongeren geen probleem. Toch betekent dit dat zo’n 1.000 jongeren (5% van het totaal) thuis geen toegang heeft en zo een nadeel hebben ten opzichte van de rest.
    Opvallend: uit de focusgroep bijeenkomsten met jongeren kwam de beschikbaarheid van een printer thuis (het gebrek er aan) als knelpunt naar voren, de docenten herkenden dat echter niet.
    Als jongeren toegang tot een computer hebben, hebben ze ook thuis toegang tot internet.
  • Ouders en docenten zien sociale netwerken en gaming als de belangrijkste negatieve invloed op de studieresultaten van jongeren. Het onderzoek liet een negatief verband zien tussen gaming en studieresultaten maar niet tussen sociale netwerken en de studieresultaten.
  • Docenten gaven aan gaming te zien als een bron van problemen met betrekking tot het (op tijd) op school zijn en motivatie. Het onderzoek kon echter geen verband vinden tussen gaming en afwezigheid op school.
    Opvallend: bij jongeren zelf komt gaming niet voor in de top 5 van activiteiten die ze aangeven dagelijks te doen (pag. 9), het gegeven dat ouders en docenten daar anders over denken lijkt doorslaggevender te zijn voor de onderzoekers.
  • Ouders en docenten maken zich zorgen over de veiligheid van jongeren online. De jongeren zelf zien dat minder als een probleem. De onderzoekers geven aan dat dat deels te verklaren is doordat de jongeren, in tegenstelling tot wat de ouders verwachten én in tegenstelling tot die ouders zelf, goed op de hoogte leken van hoe ze voor hun online veiligheid moesten zorgen. Het hoge aantal ouders dat zich hier zorgen over maakte, wijkt af van andere studies op dit gebied waar dat percentage veel lager lag.
  • Voor wat betreft ict vaardigheden scoort het kunnen bewerken van digitale video en audio lager bij jongeren dan het gebruik van spreadsheets, zoekmachines en e-mail. In het algemeen hebben jongeren een positieve houding ten opzichte van het gebruik van ict zowel thuis als op school.

Lees verder….

Deel dit bericht:
Okt 162015
 

innovation_challenge_2015SURFnet heeft een wedstrijd uitgeschreven waarbij studenten en docenten een innovatief idee om met ICT het onderwijs te verbeteren konden indienen. Daar zijn 38 inzendingen voor binnen gekomen. De inzenders hebben allemaal een video gemaakt en die staan hier nu online voor ons om te beoordelen. Dat kan tot en met 3 november 2015.
Het idee is om een oordeel van 1 tot 5 sterren te geven op de volgende gebieden (5 sterren = super goed, 1 ster = slecht):

  1. Creatief & innovatief: Is het idee origineel en vernieuwend? Wordt ICT op een innovatieve manier ingezet
  2. Verbetering onderwijs: Heeft het idee de potentie het onderwijs te verbeteren en onderwijs op maat mogelijk te maken?
  3. Uitvoerbaarheid: Is het idee praktisch uitvoerbaar?

Daarnaast kun je in 1 zin (die zo te zien best lang kan zijn) beschrijven waarom de betreffende inzending volgens jou moet winnen.
Op 10 november tijdens Dé Onderwijsdagen krijgen de 20 beste en meest gereviewde filmpjes de kans hun idee te verdedigen voor de jury. Daar worden de 10 winnaars van de Innovation Challenge 2015 gekozen die een geldprijs ontvangen van 10.000 euro zodat ze het idee kunnen uitvoeren.

Lees verder….

Deel dit bericht:
Okt 092015
 

bomberbotJa, ik weet het: “je gaat toch niet schelden op een site met allemaal leuke en gratis opdrachten voor de codeweek?!”. Nou, ja, toch wel.

Want die site laat me na 3x naar beneden scrollen al een pop-up zien waarbij ze naar mijn gegevens vragen. Die pop-up kan ik niet weg klikken.

Natuurlijk, ik kan dummy info invullen, maar het formulier is daar niet van onder de indruk, want het maakt gebruik van e-mail verificatie: geen geldig mailadres, dan kom je niet verder.

En ja, er staat dat ze mijn gegevens nooit zullen delen met derden en ja, er staat een link naar een privacybeleid (standaard in het Engels getoond, niet in het Nederlands beschikbaar), maar nee, dat is niet voldoende.
Het klikken op de link van het privacybeleid maakt echter wél iets anders duidelijk. Ik kwam namelijk op de site via een link in deze tweet:

En via http://www.bomberbot.com/derolfgroep krijg je de bewuste popup. Klik je onder aan de pagina met het privacybeleid op een van de links, bijvoorbeeld naar http://www.bomberbot.com/landingLessons dan kun je wél, zonder je aan te melden, eerst even kijken naar wát het eigenlijk is waar ze je gegevens voor willen hebben.

Wie weet kan de Rolf groep datzelfde realiseren voor de activiteiten uit de codeweek? Dan kunnen we onze leerlingen én leren om mediawijs te zijn én leren te programmeren.

Deel dit bericht: